Devote familievriend zonder doggy smell

De Friese stabij wordt steeds populairder. Buitenlandse en binnenlandse liefhebbers van het hondenras verbroederden afgelopen week op de Euro Dog Show in Leeuwarden.

Wetterhoun Foto: MJK23
Wetterhoun Foto: MJK23

Als de Finse Tuija Laamanen (30) thuis in Helsinki haar Friese stabij Linsa (3) uitlaat klampen mensen haar geregeld aan. „Wat is dat nou voor hond? vragen ze. Ze willen altijd weten wat voor ras ze is.” Laamanen vindt haar zwart-witte viervoeter de ideale hond. „Niet te groot en niet te klein, vriendelijk, thuis rustig en buiten actief.” Met dertien andere Finse stabijs was Linsa de afgelopen vier dagen op de Euro Dog Show in Leeuwarden, waar ruim 11.000 honden uit de hele wereld te zien waren. Anne Leppanen van de Finse stabijfokvereniging is met Luna, Rufus (zeven maanden) en Beitske present. Leppanen is de drijvende kracht achter de promotie van het bijna 70 jaar oude Friese hondenras in Finland. Nederland telt circa 3.500 stabijs; in het buitenland zijn er zo’n 1.200. De Friese stabij is bezig aan een internationale opmars. Er ontstonden de afgelopen jaren ook rasverenigingen in Denemarken, Zweden, Noorwegen en de Verenigde Staten. „Een stabij luistert goed, is lief en wil trainen”, licht Leppanen haar voorkeur voor de Fries toe. Dat kan Chris Hofkamp van de Nederlandse Vereniging van Stabij- en Wetterhounen (NVSW) alleen maar beamen.

In de ring lopen stabijs rondjes voor de ogen van keurmeesters. Voorzitter Lee Brewer van de Ameri-Can Stabyhoun Association staat te kijken. Op haar visitekaartje staat dat de stabij „a devoted family dog” is. Sinds 2006 is ze er verliefd op. „Er zijn er nu zo’n 210 in Amerika en Canada.” Stabijs hebben „a lovely character” en „a sense of humor”, bezweert ze. Ze zijn „willing to please” en niet onbelangrijk: „Ze kwijlen niet en hebben geen doggy smell.” Adverteren doet de vereniging niet. „Ik wil alleen oprechte mensen die tijd en energie in hun stabij willen steken”, stelt Brewer. Of dat zo is heb je zo door, vertelt Hofkamp, die dit voorjaar haar zwart-witte stabijpup Doutzen aan een echtpaar uit Alaska leverde. „Dat had een godsvermogen over om hierheen te vliegen en te verblijven. Stapelgelukkig zijn ze met hun hond.”

Minder bekend en minder populair dan de stabij is de wetterhoun (waterhond), het andere Friese hondenras met zijn dikke krullen. Wereldwijd zijn er 800. Zijn enigszins norse oogopslag wekt op het eerste gezicht minder enthousiasme op dan voor de stabij. Jammer, vindt Wilma van Horssen van de NVSW: „Want een wetterhoun is rustig, een echte vriend, lief voor kinderen en zeer waaks. Levend Fries erfgoed dat we moeten behouden.”