Hij: 'Als ik cash nodig heb, leen ik het'

Peter Rehwinkel (rechts) en zijn partner gefotografeerd door David Galjaard in het gemeentehuis van Groningen voor de rubriek "Het Huishoudboekje" - Economie pagina zaterdag editie NRC Handelsblad
Peter Rehwinkel (rechts) en zijn partner gefotografeerd door David Galjaard in het gemeentehuis van Groningen voor de rubriek "Het Huishoudboekje" - Economie pagina zaterdag editie NRC Handelsblad

Peter Rehwinkel (47), burgemeester van Groningen:

„Ik heb niet vaak cash op zak. Ik lijk de koningin wel die ook zonder geld door het leven gaat. Als het nodig is, moet ik even lenen van mijn chauffeur of ik leef op de portemonnee van Michel. Doorgaans lukt het me niet om geld uit te geven. Ik heb het er gewoon te druk voor.

„Het salaris van een burgemeester is gebaseerd op het aantal inwoners van de stad. Ten opzichte van mijn vorige baan, als burgemeester van Naarden, ben ik meer gaan verdienen. Ik zie dat het geld op mijn rekening wordt gestort, maar ik doe er verder niks mee. Ik besteed het aan het huis of aan vakanties. Ik heb niks te klagen, maar ik wil wel een lans breken voor mijn collega’s die met een woning in hun maag zitten. We zijn vaak gedwongen om veel geld in een huis te steken. Het moet immers representatief zijn. Maar tegelijkertijd kan de baan volgende week voorbij zijn. Het risico is groot.

„Burgemeester van Groningen is een droombaan voor me. We zijn verhuisd uit Amsterdam en hebben besloten veel tijd en geld in ons huis in Groningen te steken. Als ik thuis ben, wil ik ook echt kunnen genieten. De inrichting heb ik grotendeels met de computer op de achterbank van de auto gedaan. Als je van Brussel naar Groningen moet, dan heb je daar wel even tijd voor.

„We zijn geen big spenders. Ik verdien meer, dus vind ik het fijn om te betalen als we iets samen doen. Ik ga op vakantie het liefst kamperen, bij voorkeur in de Verenigde Staten. Michel houdt niet van lange vluchten. Voor mij begint de vakantie juist al tijdens de vlucht. Een beetje lezen, een beetje slapen, wat eten en helemaal niks hoeven of kunnen. Zalig.”

Alex van der Hulst