Goed speelgoed van Ole en Godtfred

Aflevering 1: over LEGO, het plastic bouwmateriaal dat in 1958 van stapelen kinderspel maakte.

A 'Lego Family' seen at Legoland in Windsor, Berkshire today, Wednesday May 25 2005. Photographer: Graham Barclay/Bloomberg News
A 'Lego Family' seen at Legoland in Windsor, Berkshire today, Wednesday May 25 2005. Photographer: Graham Barclay/Bloomberg News BLOOMBERG NEWS

Ergens in de ruimte zweven ze, op weg naar Jupiter: drie legopoppetjes die een maand geleden richting Jupiter werden geschoten. Aan boord van de sonde Juno, die in 2016 haar bestemming moet bereiken, reizen de Romeinse goden Jupiter en Juno en de Italiaanse astronoom Galilei naar plaatsen waar geen enkel stuk speelgoed hen ooit is voorgegaan. Ze hebben de grootte en de bouw van de legofiguurtjes die we allemaal kennen, maar zijn voor deze gelegenheid gemaakt van onverwoestbaar aluminium.

De ‘minifigs in space’ vertegenwoordigen onze aarde, maar ook Europa en meer specifiek Denemarken. Daar begon in 1958 de zegetocht van het plastic bouwmateriaal, met het octrooi op een steentje met acht noppen aan de bovenkant en drie holtes van onderen, waarmee stapelen kinderspel werd. De gelukkige patenthouder was een voormalige meubelfabriek in Billund, waar sinds 1932 houten speelgoed was gemaakt onder de merknaam LEGO, een condensering van de Deense woorden leg godt, die letterlijk ‘speel goed’ betekenen. Na de Tweede Wereldoorlog was de fabriek van ex-timmerman Ole Kirk Christiansen en zoon Godtfred al snel overgestapt op plastic speelgoed, maar doordat de kwaliteit van het materiaal te wensen overliet duurde het tot de jaren zestig voordat de legoblokjes internationaal konden doorbreken. Dankzij het gebruik van de onverslijtbare kunststof acrylonitril-butadieen-styreen (ABS), maar ook dankzij de inventiviteit van de lego-ontwerpers.

©

NASA-minifiguren. ©

Lego is groot in Noord-Amerika en het Verre Oosten en in heel Europa, al heeft dat door het neerlaten van het IJzeren Gordijn en de Koude Oorlog (1948-1989) lang geduurd. De victorie begon in Duitsland (waar het chemieconcern Bayer vanaf 1963 de vaste leverancier werd van de kunststof voor de blokjes). De omliggende landen volgden snel, waarbij vooral Groot-Brittannië onverzadigbaar was. Het was dan ook in Engeland, op een steenworp afstand van het paleis in Windsor, dat in 1996 het eerste filiaal van het pretpark Legoland werd gebouwd. Het origineel staat (vanzelfsprekend) in Billund, en is een populair bedevaartsoord voor gezinnen met jonge kinderen – ook uit het voormalige Oostblok, dat sinds de Val van de Muur belangrijk is als groeimarkt én als plaats waar een groot deel van de 36 miljard nieuwe steentjes per jaar wordt gefabriceerd.

LEGO maakt meer dan 2.200 verschillende stenen in zestig kleuren en boekte over 2010 een winst van bijna een half miljard euro. Het logo, witte letters LEGO met een zwarte en een gele rand op een rood vlak, behoort tot de honderd bekendste ter wereld. En dat voor een product dat door-en-door Europees is. Met gevoel voor traditie kun je de oorsprong van de stapelbare, specieloze steentjes terugvoeren op de dry stone walls die al duizenden jaren door boeren van Ierland tot Cyprus worden gebouwd, of zelfs tot de zogeheten cyclopische muren van de Myceense en archaïsch-Griekse beschaving. Zeker is dat de uitvinder van het lego op de schouders van reuzen stond. De plastic bouwsteen was al in 1939 gepatenteerd door de Brit Harry Page, terwijl de eerste kinderbouwblokjes voor de massaproductie aan het eind van de 19de eeuw werden gepatenteerd in Duitsland.

©

©

Toon mij uw lego en ik zeg u hoe oud u bent. Simpele, slecht klikkende steentjes in rood en wit, opgeborgen in een triplex bewaardoos met verschillende compartimenten? Geboren in de eerste helft van de jaren vijftig. Steentjes in alle kleuren, met bouwtoebehoren en wellicht ook een legotrein met motor en rails? Inmiddels 50-plus. Een doos vol duplo, de opgeblazen en dus kindvriendelijke versie van de legostenen? Veertiger. De trotse bezitter van de LEGO Technic-serie? Opgegroeid in de jaren tachtig. Star Wars- en Indiana Jones-figuurtjes, plus ruimte- en jungle-accessoires in plastic opbergpallets voor onder het bed? Born in the nineties. Alles door elkaar, aangevuld met Harry Potter-lego in alle hoeken en gaten van het huis? U heeft zelf kinderen onder de twaalf, die niet zo van het systematisch opbergen zijn.

Het zal niet lang duren of iedereen in Europa zal met lego (toevallig ook Latijn voor ‘ik stel samen’) zijn opgegroeid. Een jongetje uit Litouwen kan samenspelen met een meisje uit Spanje, een Hongaar met een Ierse – al slaat het esperanto onder het kinderspeelgoed meer aan bij het mannelijke dan het vrouwelijke deel van de bevolking. En ook als volwassene word je er voortdurend mee geconfronteerd. Niet alleen doordat je er blootsvoets op stapt in de kinderkamer, ook doordat het een bron van inspiratie is voor kunstenaars en andere creatieven. Legobouwsels figureren in stop-motionproducties en videoclips, zoals Michael Gondry’s filmpje bij ‘Fell In Love With A Girl’ door The White Stripes; terwijl legopoppetjes zó vaak in de moderne kunst worden gebruikt dat er zelfs een genre naar is genoemd: ‘brick art’.

De controversieelste vertegenwoordiger ervan is de Pool Zbigniew Libera, die concentratiekampscènes nabouwt met lego; de grappigste de internet-‘dominee’ Brendan Powell Smith, die in 2001 begon met een website waarop de Bijbel in lego wordt afgebeeld. The Brick Testament bestaat inmiddels uit bijna 4.600 foto’s van meer dan 420 verhalen uit de Bijbel. Alle minifigs, van Abraham tot Zacharias, zijn uitgevoerd in de originele kunststof. Want echt lego is niet van aluminium maar van Europees plastic.