'Schuldbeoordeling mag geen hocus-pocus zijn'

Kredietverstrekkers werken aan een alternatief voor het Bureau Krediet Registratie. En dat is ingewikkeld, zo stelt Arthur Docters van Leeuwen. „Er moet transparantie zijn.”

Arthur Docters van Leeuwen, Autoriteit Financiele Markten Foto NRC H'Blad, Maurice Boyer 051110

Problematische schuldenaren. De kwestie ligt erg gevoelig in Den Haag. Daar wordt nu al drie jaar in de Tweede Kamer gesteggeld over de oprichting van een landelijke databank die slechte betalers en hun schulden rangschikt. Tot twee keer toe werd het initiatief teruggefloten door het College Bescherming Persoonsgegevens (CBP), dat het „stigmatiserend karakter” ervan op de korrel nam.

De brancheverenigingen voor incasso- en handelsinformatiebureaus pleiten al een tijd voor een alternatief systeem. Zij willen, los van de centrale databank voor krediet- en betalingsrisico’s van de banksector – het Bureau Krediet Registratie (BKR) – een model bouwen dat niet registreert, maar wel detecteert.

Doel is dat alle privégegevens van de consument vertrouwelijk blijven. Er is geen centrale databank waarin alle vergaarde informatie wordt opgeslagen. Er wordt enkel een score of rapportcijfer opgemaakt. De consument krijgt inzicht in die gegevens en hoe ze verwerkt zijn. En na gebruik wordt alles vernietigd.

De Stichting Preventie Problematische Schulden (PPS) die dat model ontwikkelt, werkt nauw samen met Experian, een Britse commerciële kredietinformatieleverancier. Dat deed bij sommigen vragen oproepen over de onafhankelijkheid van het initiatief.

Beide brancheverenigingen beklemtonen echter dat het initiatief onder onafhankelijk toezicht zal staan. Aan Arthur Docters van Leeuwen, oud-voorzitter van beurswaakhond Autoriteit Financiële Markten (AFM), werd gevraagd om het kader voor dat toezicht te ontwerpen. Dat rapport werd vanochtend gepresenteerd in Den Haag.

Er dreigt een serieuze „maatschappelijke handicap” als kredietverlening aan consumenten wordt ontzegd, aldus het rapport. Want het kopen van een huis, de inrichting daarvan of de aanschaf van een auto is voor de meeste mensen niet zonder kredieten mogelijk. Anderzijds moet de consument ook beschermd worden tegen onterecht verstrekte kredieten. Daarvoor is een „krachtig en gezaghebbend” toezicht vereist.

U legt in het rapport erg veel nadruk op de belangen van de consument. Waarom?

Docters van Leeuwen: „Enkel uitgaan van de belangen van de crediteur bij de preventie van problematische schulden is niet de goede benadering. De kredietverlener heeft er uiteraard belang bij dat verplichtingen worden nagekomen. Maar de consument heeft er ook belang bij dat hij niet meer kredieten op zich laadt dan hij aankan. Daarom vinden wij het cruciaal dat hij inzicht kan krijgen in welke informatie is opgevraagd en hoe deze vervolgens is verwerkt. Er moet transparantie zijn.”

U pleit voor een krachtig toezicht, maar vindt ook dat de Stichting PPS zelf toezicht kan uitoefenen. Is dat geen contradictie?

„Het toezicht moet zo dicht mogelijk bij de bron zitten. Het systeem werkt het best als de betrokkenen – in dat geval de stichting – verantwoordelijk blijven voor het toezicht. Vervolgens kan een externe toezichthouder met steekproeven toetsen of alles naar behoren functioneert.”

In het rapport staat niets over de band tussen Experian en de stichting.

„Voor ons maakt het niet uit met wie de stichting werkt, zolang dat niet uitsluit dat ook andere spelers op de markt kunnen komen. Het contract dat de stichting met Experian heeft, is naar ik begrepen heb niet exclusief. We willen graag marktwerking zien. En dat heb ik ook zo tegen Experian gezegd. In dat gesprek zijn ook andere knelpunten aan bod gekomen.”

Zoals?

„Zij vonden dat het algoritme waarmee de schuldpositie van de debiteuren wordt beoordeeld, geheim moest blijven voor de consument. Wij vinden dat debiteuren een beeld moeten hebben over hoe zo’n algoritme werkt. Dat mag voor hen geen hocus-pocus blijven.”

Het toont wel aan dat de belangen van crediteur en debiteur soms lijnrecht tegenover elkaar staan.

„Daarom pleiten we ook voor marktwerking. Wat ik vreemd vind, is dat er nu een wettelijke monopolist in Nederland actief is [de centrale databank voor krediet- en betalingsrisico's van het Bureau Krediet Registratie (BKR), red.] en daarover hoor ik nauwelijks kritiek.”

Moet die databank verdwijnen?

„Iedereen mag verzinnen wat hij wil. Maar er moet een level playing field zijn. En de consument – die toch de zwakkere partij is – moet inzicht krijgen in welke informatie over hem is opgevraagd en hoe deze vervolgens is verwerkt”

Wat verwacht u van de Tweede Kamer die straks een hoorzitting houdt over de kwestie?

„Dit is geen eiland-discussie. Er is marktregulering nodig. Als je niets regelt, dan trek je de deur open voor de race to the bottom. Er zijn 230.000 problematische schuldenaars in Nederland en dat zorgt elk jaar voor 6 miljard euro aan niet betaalde rekeningen. Reden genoeg om hier iets aan te doen.”

    • Piet Depuydt