Gewoon lekker lenen

Langer studeren kost meer geld, en voor een tweede studie moet je echt gaan betalen.

Maar dat geeft niks, vindt econoom Bas Jacobs.

Illustratie Roel Venderbosch

De kleinere jongens lopen vooraan, de grotere achteraan. Sven sluit de dubbele rij van drie, gekleed in een zwart kostuum. Het gangpad van de Sint-Janskathedraal in Den Bosch is lang. De krachtinspanning maakt Sven niets uit. Het leidt hem af van het gesnik in de kerk. Zelf een traantje wegpinken kan niet. Dat is niet professioneel.

Hij is blij als hij de kist van zijn schouder af kan halen en via de zijpaden de kerk kan verlaten. Koffiepauze. Samen met de andere dragers – allemaal studenten – drinkt hij koffie en trapt hij wat lol, om te ontladen. Straks moet hij weer terug de kerk in om de kist naar buiten te begeleiden en naar het graf te dragen.

Sven van Hegelsom (21) is vijfdejaars student bedrijfseconomie aan de Universiteit van Tilburg en kistdrager tijdens uitvaartdiensten. Het werk is goed te combineren met zijn studie: als hij een tentamen heeft, zijn er genoeg dragers die wel kunnen. Allemaal studenten, want studenten zijn flexibel. Draait Van Hegelsom drie diensten per week, dan verdient hij 100 euro. Als hij een jonggestorvene moet dragen, heeft hij kippenvel. Maar tegelijkertijd voelt het alsof hij juist dan ook echt iets kan betekenen voor de nabestaanden.

Rondkomen van zijn begrafenisdiensten kan Van Hegelsom niet. Sinds vorig jaar krijgt hij geen studiefinanciering meer omdat hij al sinds zijn zestiende studeert („Ik ben wel slim, maar ik benut het niet echt”). Van Hegelsom: „Ik leen maximaal bij en krijg hulp van mijn ouders.” Omdat hij plezier maken hoog in het vaandel heeft staan en een actief studentenleven leidt, moet hij nog tweeënhalf jaar studeren.

Dat betekent dat hij te maken krijgt met de langstudeerdersboete, die sinds deze zomer bestaat. Wie langer dan een jaar extra over zijn bachelor of master doet, betaalt vanaf volgend jaar 3.000 euro bovenop zijn jaarlijkse collegegeld. Dit jaar is de boete nog 0 euro, als overgangsregeling, op verzoek van de SGP. Van Hegelsom: „Ik vind het belachelijk dat ik de boete al binnen heb voor ik er iets aan kan doen.” Hij hoopt dat hij straks ook de boete kan bijlenen. Hij vermoedt dat hij na zijn afstuderen 50.000 euro studieschuld heeft opgebouwd. „Maar ik heb daar nu geen moeite mee.”

Dat klinkt nonchalant, maar het is de realiteit: ook de studenten met een iets minder ‘actief studentenleven’ dan Van Hegelsom staan met de nieuwe maatregelen voor de keuze: meer lenen of meer werken. En om de schade te beperken, ook nog razendsnel studeren.

De Landelijke Studentenvakbond (LSVb) maakt zich daar boos over. Voorzitter Pascal ten Have: „De regels van de wedstrijd worden tijdens de wedstrijd veranderd. Dat is schandalig.” Behalve de boete voor langstudeerders, heeft het kabinet ook besloten om de collegegelden voor een tweede studie vrij te geven. Een masteropleiding tandheelkunde in Groningen kost als tweede studie nu 32.000 euro per jaar. En de kans is groot dat studiefinanciering en OV-studentenkaart voor masterstudenten worden afgeschaft. Ten Have: „Ik weet dat het een open deur is, maar ik trap ’m toch in. De studenten van nu worden de pijlers van de economie. En toch wordt er op ze bezuinigd. Het kabinet zou juist in studenten moeten investeren.” Hij voorziet een knellende financiële strop voor veel studenten. Studeren wordt duurder. En voor wie niet hard genoeg studeert: nog duurder.

Nou, studeer dan maar wat harder, vindt Bas Jacobs, hoogleraar economie aan de Erasmus Universiteit. „Ik zou willen dat studenten wat harder gaan studeren en wat eerder klaar zijn. Ik heb me altijd afgevraagd waarom mensen die niet studeren, niet gesubsidieerd worden om feestjes te geven en commissiewerk te doen. Veel cv-werk is window dressing. Hoe eerder studenten afstuderen, hoe eerder ze beschikbaar zijn voor de arbeidsmarkt.” En dat is in maatschappelijk belang, vindt hij. „Bovendien is belastinggeld niet gratis. Dat moet door anderen worden opgebracht. Publiek geld kan veel doelmatiger worden besteed.”

De econoom vreest helemaal niet voor Ten Have’s ‘financiële strop’. Jacobs: „De meeste studiebeurzen komen nu terecht bij studenten die geen financieringsprobleem hebben. Studenten komen voor de overgrote meerderheid uit de rijkere bevolkingsgroepen.”

En komen ze dat niet, dan kunnen ze lenen. „Het sociale leenstelsel waarborgt de toegankelijkheid van het hoger onderwijs. Hoe lager het inkomen van de afgestudeerde, hoe minder moet worden afgelost omdat de aflossing een percentage van het inkomen is.” Bovendien behoren hoogopgeleiden tot de best verdienende groep van de bevolking, zegt Jacobs. „Het is dus een onnodige zorg dat zij de kosten van hun opleiding niet zouden kunnen betalen via het sociale leenstelsel.”

Meer eigen verantwoordelijkheid voor de financiering van de studietijd, dat vindt econoom Jacobs terecht. „Een hogere private bijdrage ligt in de rede vanwege het hoge private profijt.” Oftewel: waarom niet meer meebetalen aan de opleiding die jou later verzekert van een goed inkomen? Dat kan met een lening, maar ook met een slimme bijbaan.

Een efficiënte manier om geld te verdienen, is die van Trudy Ruiter (22), vierdejaars deeltijdstudent (met nog veel derdejaars vakken te gaan) aan het conservatorium in Zwolle. Ruiter verdient geld terwijl ze studeert. Als brugwachter op de provinciale Friese bruggen verdient ze per uur netto een tientje. Tussen het open en sluiten van de bruggen door leert ze haar theorie en studeert ze op haar saxofoon. Ruiter: „In de zomer werk ik veertig uur per week in onregelmatige diensten, in het voor- en najaar werk ik twintig uur. Het merendeel van mijn werktijd kan ik gebruiken om te studeren.”

Als deeltijdstudent (Ruiter heeft het chronisch vermoeidheidssyndroom waardoor ze een voltijdstudie fysiek niet aankan) krijgt ze geen studiefinanciering. „Ik moet dus wel werken, maar ook studeren. Ik heb weinig contacturen en kan veel zelf plannen. Mijn baan als brugwachter is ideaal. Achter de kassa zou ik niet op mijn saxofoon kunnen oefenen.” Bovendien moet ze wél binnen de gestelde termijn afgestudeerd zijn. Ruiter. „Deeltijdstudenten krijgen niet meer studietijd dan voltijdstudenten. En zieke studenten volgens de laatste berichten ook niet meer.”

Ook een optie: het heft helemaal in eigen handen nemen. Begin een eigen bedrijf. Met een goed concept en een beetje geluk verdien je een stuk beter dan wanneer je in loondienst werkt. En als eigen baas bepaal je bovendien je eigen werktijden. Thomas Beguin (24), masterstudent burgerlijk recht aan de Radboud Universiteit Nijmegen, startte in 2008 een eigen onderneming. Omdat hij dat jaar bestuurswerk deed voor de studentensportraad van zijn universiteit, liep hij daarbij geen extra studievertraging op. Samen met zijn compagnon liet Beguin overal op de universiteit lcd-schermen ophangen, waarop de universiteit bijvoorbeeld nieuwsberichten kon tonen aan de studenten. In mei 2010 verkochten ze de schermen aan de universiteit.

Van de opbrengst startten ze een nieuw bedrijf: B&S Development, waarbij ze onderzoekers helpen met het schrijven van businessplannen en subsidieaanvragen. Beguin steekt dertig uur per week in zijn studie en nog eens dertig uur in zijn bedrijf. Hij betaalt zichzelf uit. „Ik heb risico genomen, bijvoorbeeld door die lening af te sluiten, maar nu verdien ik beter dan wanneer ik een normale bijbaan zou hebben. Bovendien kom je in een soort flow als je hard werkt. Juist door mijn bedrijf pak ik ook mijn studie goed op. Ik studeer efficiënter en met meer succes dan in de tijd dat ik nog een luie student was die veel uitging.”

    • Anne Dohmen