...en de andere voelde zich juist machteloos

Burgemeester Wolfsen bood het weggepeste homostel excuses aan. Maatregelen tegen herhaling: een wijkspreekuur en een vertrouwenscontactpersoon.

Burgemeester Aleid Wolfsen (PvdA) van Utrecht ging gisteren door het stof in het raadsdebat over het weggepeste homostel Hans van Gemmert en Ton Daalhuizen. Het paar verhuisde vorig jaar uit de Utrechtse wijk Terwijde in vinexwijk Leidsche Rijn. Zes aangiftes van discriminatie en bedreiging wegens hun seksuele geaardheid hadden geen verbetering gebracht. Wolfsen: „Ik ervaar deze zaak als persoonlijke nederlaag. Daar heb ik buikpijn van. Ik bied mijn oprechte excuses aan.”

In het debat werd Wolfsens gebrekkige optreden gehekeld. De oppositie stelde dat zijn imago deuken heeft opgelopen. Volgens CDA-fractievoorzitter Eiko Smid is er „schade toegebracht aan het gezag en het bestuur van de stad Utrecht”.

Van Gemmert en Daalhuizen volgden het debat op de publieke tribune. Twee jaar geleden deden ze voor het eerst aangifte wegens discriminatie. In de anderhalf jaar daarna werd op hun auto het woord ‘homo’ gekrast en een steen met vuurwerk tegen de ruit gegooid, ze werden met opzet aangereden en Daalhuizen werd met de dood bedreigd. De daders – allochtone jongeren uit Terwijde – zijn nooit gepakt.

Eerder gaf burgemeester Wolfsen al toe dat op vier punten fouten zijn gemaakt. Een toezichtcamera is te laat opgehangen, een verdachte werd pas na acht maanden verhoord, het dossier dat Utrecht stuurde naar het gerechtshof in Arnhem – daar wilde het homostel vervolging van de daders afdwingen – was incompleet en er is niet goed gecommuniceerd met Van Gemmert en Daalhuizen.

Gemeente, politie en justitie gaven deze fouten gisteren opnieuw toe. Maar Wolfsen zei ook: „We hebben alles gedaan wat redelijkerwijs van ons verwacht mocht worden.”

De burgemeester beloofde binnenkort te starten met een maandelijks spreekuur in Terwijde, waar burgers problemen bij politie, justitie en gemeente kunnen aankaarten. En doen zich opnieuw incidenten voor zoals bij het homostel, dan wordt „direct een vertrouwenscontactpersoon ingezet voor de communicatie met de slachtoffers”.

Communicatie – daar ontbrak het aan, vertelden Van Gemmert en Daalhuizen gisteren in deze krant. Ze waren vooral kritisch over de Wolfsen: „Hij heeft deze hele zaak geen emotie getoond.”

De meeste raadsleden onderschreven dat. Heleen de Boer (GroenLinks): „De burgemeester is te weinig zichtbaar geweest op de momenten dat het er echt toe deed.” Gerda Oskam (D66): „U bent geschaad in de pers. Dat is een gegeven.” Smid (CDA): „U heeft gezegd: ik voel me machteloos. U mag dat niet op dit punt. U moet opereren.” Mark Dijk (VVD): „De burgemeester heeft bij zulke incidenten al vaker te laat gereageerd. Het is belangrijk dat u tussen de slachtoffers staat. Hoe krijgen we het niveau van communicatie van onze burgemeester structureel omhoog, zodat we het hier niet meer hoeven bespreken?”

Het optreden van Wolfsen stond eerder ter discussie. Zo kwam hij in 2009 in opspraak omdat hij huis-aan-huisblad Ons Utrecht had gedwongen een kritisch artikel over zijn woonkostendeclaraties niet te plaatsen. Een jaar later was er ophef nadat de gemeente een Romafamilie met een zeer slechte reputatie huisvestte in een monumentaal pand. En onlangs kreeg Wolfsen weer kritiek omdat de gemeente nog steeds geen aansprakelijkheid erkent voor het instorten van een werftrap, vijf jaar geleden, waarbij een dode viel.

De burgemeester reageerde gisteren strijdbaar. Hij weigerde schorsing van het debat en wilde direct reageren op de kritiek. „Als blijkt dat een meer zichtbare aanpak werkt, dan moet ik als burgemeester, als burgervader, meer aanwezig zijn.”