Slachtoffer van Poolse vliegramp opgegraven

De Poolse autoriteiten hebben een bij de vliegramp in Smolensk omgekomen oud-minister opgegraven.

Zbigniew Wasserman was een van de 96 doden bij de vliegramp in Rusland in april vorig jaar, waarbij ook de Poolse president Lech Kaczynski omkwam. De opgraving geschiedde gisteren in Kraków, de op een na grootste stad van Polen, op verzoek van Wassermans familie. Die zegt geen vertrouwen te hebben in het autopsierapport dat destijds door de Russische autoriteiten is opgesteld. De dochter van de oud-minister, Malgorzata Wasserman, denkt dat de Russen informatie hebben vervalst. In het rapport zou melding worden gemaakt van organen die bij eerdere ziekenhuisoperaties op haar vader al zouden zijn verwijderd. Poolse autoriteiten bevestigen dat er twijfels zijn.

Poolse onderzoekers maakten onlangs in een rapport een eind aan de vele complottheorieën die meteen na de vliegramp de kop op staken. Het ongeluk gebeurde door een combinatie van slecht weer – er hing dikke mist – en gebrekkige opleiding en ervaring van de Poolse piloten. Niettemin heeft de ramp de relatie tussen Polen en Rusland – historisch al aartsrivalen – onder druk gezet, onder meer omdat de Polen zich onvoldoende betrokken voelden bij het Russische onderzoek ernaar.

Volgens Poolse media is het niet uitgesloten dat ook andere nabestaanden verzoeken zullen indienen om slachtoffers op te graven. Sommige nabestaanden verwijten de Poolse premier Donald Tusk het initiatief tijdens het onderzoek uit handen te hebben gegeven. De nu opgegraven Wasserman was tussen 2005 en 2007 als minister verantwoordelijk voor de Poolse veiligheidsdiensten in de regering van de toenmalige premier Jaroslaw Kaczynski, de tweelingbroer van de vorig jaar omgekomen president en de belangrijkste politieke rivaal van premier Tusk. (NRC)