Kroepoekhappen en zaklopen zijn ook verdacht

Wie klaagt over schending van mensenrechten op Papoea wordt al snel voor separatist aangezien.

Het resultaat is een cultuur van diep wantrouwen.

Vissers in West-Papoea. Ook de meest alledaagse handelingen worden uitgebreid beschreven door Indonesische inlichtingendiensten. Foto NRC Vissers in West Papua, foto NRC. ALLEEN GEBRUIKEN MET GOEDKEURING VAN DE FOTOGRAAF, linda weet wie dat is. Geen naamsbekendheid, anders kan hij niet meer terug voor zijn docu op PG.

Activist voor een onafhankelijk Papoea Buchtar Tabuni en kerkleider Socrates Sofyan Yoman voelden zich waarschijnlijk onbespied, toen zij elkaar op 17 augustus 2007 ontmoetten. Maar een informant van het Indonesische leger hield precies in de gaten hoe Yoman om half drie ’s middags een envelop met een onbekende hoeveelheid geld aan Tabuni overhandigde.

Daarna spraken de mannen over de plannen voor demonstraties in Jakarta, Bali en Makassar. Op 20 augustus zou Tabuni zelf een betoging leiden, voor het provinciale parlement in Papoea. „Het laat zien dat zij nog steeds uit de Indonesische Republiek willen stappen en dat ze dat streven nog steeds naar buiten brengen met demonstraties”, was het commentaar van de informant.

Het is een van honderden uitgelekte verslagen uit Papoea van de inlichtingendienst van Kopassus, de speciale troepen van het Indonesische leger, die zijn ingezien door deze krant. Daaruit blijkt hoe intensief het leger onder anderen activisten, politici, kerkleiders en buitenlanders in Papoea bespioneert, en hun activiteiten tot in detail vastlegt.

Van een onschuldig ogend bezoek van 180 Amerikaanse toeristen aan een museum in provinciehoofdstad Jayapura, dat volgens de informant „de mogelijkheid heeft om de omstandigheden van de samenleving en de cultuur van Papoea te beïnvloeden”. Tot het enthousiasme waarmee de bevolking festiviteiten als kroepoekhappen en zaklopen op onafhankelijkheidsdag voorbereidt. Buchtar Tabuni werd een jaar na de rapportage over zijn ontmoeting opgepakt; hij kwam deze maand vrij.

Kopassus schakelt allerlei bewoners in als spionnen: brommertaxichauffeurs, journalisten, boeren, drankverkopers, boeren, dominees. Zij doen het soms uit overtuiging en vaak uit ‘financiële nood’. Maar Kopassus is niet de enige. Academicus Muridan Widjojo van het Indonesisch Wetenschappelijk Instituut (LIPI), een van de auteurs van een stappenplan voor verzoening in Papoea, zegt dat ook de politie, de landelijke inlichtingendienst, de provinciale regering en andere legeronderdelen met informanten werken. „Soms heb je een bijeenkomst van dertig mensen, en dan zijn er meer inlichtingenfunctionarissen dan deelnemers”, zegt Widjojo. Het probleem is dat zij soms niet alleen mensen bespioneren, maar ook intimideren. Doordat spionnen openlijk rondlopen met videocamera’s of microfoons om bijvoorbeeld demonstraties vast te leggen, durven Papoea’s zich niet openlijk uit te spreken.

Het uitgelekte document Anatomie van Papoease separatisten, waarvan een vertaling op internet circuleert, laat zien dat Kopassus de omvang van de gewapende afscheidingsbeweging schat op 1.130 man verspreid over een groot deel van het eiland, met samen slechts 131 wapens. Gevaarlijker vindt het leger de politieke afscheidingsbeweging, die wordt geschat op bijna 17.000 man. Zij kunnen met hun propaganda de binnenlandse én buitenlandse politiek beïnvloeden, schrijft het leger, met als doel de Indonesische regering te dwingen een referendum te houden over onafhankelijkheid.

Probleem is dat iedereen die kritiek heeft op de regering in de ogen van het leger een separatist is, zegt Muridan Widjojo. Ook mensenrechtenactivisten of lokale leiders. Daarbij heeft Kopassus een lijst van ‘buitenlandse leiders die een vrij Papoea steunen’. Daarop staan ook de Nederlandse academici Nico Schulte Nordholt en Pieter Drooglever, die in 2005 een studie uitbracht over de dekolonisatie van Papoea. En de voormalige Europarlementariër van de ChristenUnie Hans Blokland.

Het spioneren „verpest de hele poging om vrede te stichten”, zegt Widjojo. Het zorgt voor een cultuur van wederzijds wantrouwen, waarin ook Papoea’s Jakarta de schuld geven van alles wat er fout gaat op het eiland, zegt hij. Zo circuleren de raarste geruchten, zoals dat de aidsepidemie een complot is van de regering, die expres met hiv-besmette prostituees naar het eiland stuurt.

Mensenrechtenorganisaties hebben kritiek geuit op de spionageactiviteiten. De ‘Australië West Papoea Associatie’ roept de Australische regering op haar banden met Kopassus te herzien. Australië en de Verenigde Staten houden gezamenlijke trainingen met de legereenheid in het kader van de strijd tegen terrorisme. Ondanks dat Kopassus in het verleden vaak is beschuldigd van mensenrechtenschendingen in Papoea, Atjeh en Oost-Timor. ‘De Kopassus-documenten tonen de diepe militaire paranoia in Papoea, die vreedzame politieke uitingen verwart met criminele activiteiten’, schrijft onderdirecteur Azië Elaine Pearson van de Amerikaanse mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch, in een reactie.

    • Elske Schouten