Ingedut Rotterdam leeft weer op

Het uitgaansleven in Rotterdam leek dood en begraven. Nieuwe, particuliere initiatieven duiden op het tegendeel. „Het kan dus wel.”

Wie hem begin dit jaar sprak, stuitte op een gefrustreerde ondernemer. Aziz Yagoub (30) liep over van ideeën om het ingedutte uitgaansleven in Rotterdam te reanimeren. Maar bij de gemeente liep de danceorganisator met zijn hoofd tegen de muur. „Ik heb er een hele grote dikke streep onder gezet. Het stadhuis laat ik voortaan links liggen. Ik doe het zélf wel.”

Met succes. Na bemiddeling van oud-wethouder Dominic Schrijer (PvdA) kreeg Yagoub dit voorjaar de sleutel van een oud pand, vlakbij het Centraal Station. Hij begon de danceclub Perron, dat sindsdien op vrijdag en zaterdag gemiddeld vijf- à zeshonderd bezoekers per avond trekt. Yagoub, grijnzend: „Het kan dus wel in Rotterdam.” Hij draait er louter elektronische dancemuziek.

Daarnaast nam Yagoub onlangs Catwalk over, een ‘kosmopolitische club’ gevestigd in een oude voetgangerstunnel onder het Weena. Zijn partner: ID&T, een van de grootste evenementenbureaus van dancefeesten in Nederland. In november of december volgt de heropening. Jong talent krijgt de ruimte, belooft Yagoub. „Maar urban- en ringtonehouse zijn verboden.”

Beleeft Rotterdam een culturele renaissance na jarenlange klachten over het ‘duffe’ uitgaansleven?

Daar lijkt het op, want Yagoub is niet de enige ondernemer die de ‘kille’ boodschap van het kabinet-Rutte (‘doe het vooral op eigen kracht’) ter harte heeft genomen. Op tal van plekken in de stad schieten initiatieven uit de grond. Zonder (directe) steun van de lokale overheid. „Kennelijk moet eerst de bodem bereikt worden, voordat mensen zelf in beweging komen”, zegt Ron Biondina. Hij is directeur-programmeur van cultureel centrum Heidegger, dat begin dit jaar de deuren opende aan het Grotekerkplein, vlak naast de Laurenskerk. Het podium telt één zaal met een capaciteit van zeshonderd bezoekers, plus twee geluidsstudio’s en twaalf werkruimtes voor creatieve ondernemers, die keurig hun huur betalen. „Zodat ik quitte kan draaien.” Zes keer in de week biedt Heidegger live-optredens: jazz, funk, soul, broken beat en hiphop. Debat, dans en theater zijn de andere ingrediënten. Een eigen terras langs de Rotte moet extra inkomsten genereren.

Hoewel gelegen in het hart van de stad loopt het nog niet storm, erkent Biondina. „Het grote publiek heeft ons nog niet ontdekt, het plein moet nog tot leven worden gewekt.” Maar dat is een kwestie van tijd, menen Biondina en zijn collega-programmeur Ronald Motta. Sinds de sluiting van poppodia Watt en WaterFront en, recentelijk, jazzcafé Dizzy is „een gat ontstaan dat wij mede kunnen opvullen”.

Heidegger hoopt nog dit jaar op de eerste verdieping een theatercafé te realiseren, waar elke woensdag voorafgaand aan de gemeenteraadsvergadering een politiek debat wordt georganiseerd. „De gemeentepolitiek leeft, maar mist een podium”, zegt Motta, beeldend kunstenaar en oud-raadslid van de PvdA.

In totaal heeft Heidegger 1.800 vierkante meter tot zijn beschikking. Het stadspodium, pal voor de deur, werd twee jaar geleden opgeleverd, maar is sindsdien amper gebruikt. Biondina en Motta zeggen ook daar verandering in te willen brengen. „Wij gaan ook naar buiten.” Een programmeersubsidie is welkom, maar niet noodzakelijk. Biondina: „Wij gaan in eerste instantie uit van eigen kracht.”

Aan de andere kant van de Coolsingel, aan de Witte de Withstraat, opent over anderhalve week NRC de deuren: Nieuw Rotterdams Café. „Een knipoog naar het verleden”, zegt initiatiefnemer Ron Sterk (43). In het pand was tot 1989 deze krant gevestigd. „Het moet een plek worden waar iedereen zich thuis voelt, een soort huiskamer van deze culturele straat.” Sterk, oprichter van het populaire café De Witte Aap aan de overzijde, streeft naar „een laagdrempelige ontmoetingsplaats”, die plaats gaat bieden aan tweehonderd bezoekers.

In hetzelfde pand, jarenlang het onderkomen van het Fotomuseum, vestigt zich ook het cultureel centrum WORM. De opening is voorzien voor volgende week, tijdens het driedaagse festival Wereld van Witte de With, van 9 tot en met 11 september. Voor de verhuizing vanuit de deelgemeente Delfshaven naar het centrum heeft het ‘instituut voor avant-gardistische recreatie’ 1 miljoen euro ontvangen van de gemeente. WORM krijgt een bioscoop- en een concertzaal, plus een bar en een winkeltje.

Eind deze week al opent een nieuw jazzpodium annex restaurant de deuren, vlakbij het Hofplein: Bird. De club is gehuisvest onder de Hofbogen, het verhoogde spoorwegtracé – een Rijksmonument – dat bijna honderd jaar lang Rotterdam en Den Haag met elkaar verbond. „Als we op safe hadden willen spelen, hadden we een tweede SkiHut geopend, maar deze stad schreeuwt om een beetje kwaliteit en dat is precies wat we willen brengen”, zegt een van de initiatiefnemers, Gaby van Kesteren.

Zijn compagnon Philip Powel en hij hebben een historische plek uitgekozen. In de vorige eeuw introduceerden Surinamers en zeelieden hier de soul, funk en r&b vanuit de Verenigde Staten. Powels ouders ontmoetten elkaar op deze plek. Van Kesteren: „Dat is toch een prachtige anekdote? En het is nog waar ook!”

    • Mark Hoogstad