Idyllisch Oostenrijk

Een bejaarde Oostenrijker verkrachtte decennialang zijn beide dochters.

In St. Peter am Hart dacht iedereen het zijne over ‘Friedl’ en zijn gezin.

Het huis waar 'Friedl' met zijn dochters woonde geldt als een van de mooiste in St. Peter am Hart. Foto AP CORRECTS DATE TO THURSDAY, AUG. 25, 2011 - Outside view of the house in St. Peter am Hart, Upper Austria, taken on Thursday, Aug. 25, 2011, where police are investigating allegations that a man imprisoned his two mentally retarded daughters and sexually abused them for 41 years. They say that the now-80-year old repeatedly raped the women between 1970 and May 2011. The alleged victims are now 53 and 45. (AP Photo/dapd, Rudolf Brandstaetter) AP

„Wat we met deze familie hebben meegemaakt...”, mompelt de knorrige, oude buurman, en hij krabt aan zijn arm. „Ik zou je verhalen kunnen vertellen.”

Maar dat doet hij niet. Of toch, een half verhaal. Het was bij de geboorte van een van de dochters. Iemand klopte bij hem aan omdat de vliezen gebroken zouden zijn, maar dat klopte bij nader inzien niet. Einde verhaal, het heeft geen pointe. „Het is in ieder geval een vreemd gezin.” Maar waarom dan? De buurman krabt harder. Dat kan niemand zeggen.

St. Peter am Hart, een dorp met 2.400 inwoners, is al bijna net zo bekend als Amstetten. Het is snel gegaan na de bondige verklaring van de politie in Linz vorige week: „Een 80-jarige gepensioneerde uit het district Braunau wordt ervan verdacht zijn twee dochters stelselmatig seksueel te hebben misbruikt en fysiek mishandeld in de periode van 1970 tot begin mei 2011.” Bovendien verbood Gottfried ‘Friedl’ W. ze ieder sociaal contact en woonde hij tientallen jaren met ze in één kamer van een ruim huis, meldde de politie.

De korte verklaring was genoeg. Iedereen, van China tot de Verenigde Staten, werd herinnerd aan de zaak Josef Fritzl, die drie jaar geleden zoveel afschuw had gewekt. Een vader in Amstetten, 150 kilometer oostelijker, had zijn dochter 24 jaar lang in een kelder opgesloten en zeven kinderen bij haar verwekt.

In tegenstelling tot Amstetten hadden ze in St. Peter wel door dat er iets mis was. De twee dochters van de familie W., nu 45 en 52 jaar, verlieten het huis vrijwel nooit. Maar iedereen in het dorp wist van hun bestaan. Sommigen realiseerden zich misschien niet dat de meisjes nog steeds in het huis woonden – zoals de dominee, die pas bij de begrafenis van hun moeder, drie jaar geleden, merkte dat ze er nog waren. Sindsdien kwamen de twee dochters zo nu en dan naar de kerk. „Wij hadden hier een zondag voor de ouderen en zieken, toen sprak ik ze aan”, zegt dominee Severin Lakomy. Maar veel hebben ze niet gezegd.

Iedereen wist waar de familie woonde. Het huis met zijn enorme serre is een van de mooiste in St. Peter. Het werd begin vorige eeuw gebouwd door een beroemde architect die hier zijn laatste dagen doorbracht. Het huis ligt middenin het dorp. De bank, de kerk, de kroeg met z’n prachtige kastanjes ervoor: ze liggen hier maar een paar passen vandaan.

En tóch ligt dit ‘horrorhuis’, zoals het nu wordt genoemd, een beetje verborgen. Er staan hoge bomen omheen en er gaat alleen een pad naartoe. Alleen als je het weet, zie je het ook vanaf de hoofdweg liggen. De grote, keurige opgeruimde boerderij van buurman Engelbert Baischer springt meer in het oog.

Deze Engelbert Baischer is een vitale man van 77 jaar, die vaak over zijn terrein fietst en weet wat er gaande is. Hij was jarenlang burgemeester van het dorp. Dus was het logisch dat hij erop werd aangesproken als iemand iets vreemds opviel aan de familie. „Daar moet toch iemand iets aan doen”, zei bijvoorbeeld de nieuwe dokter eens, die zo’n tien jaar geleden naar St. Peter kwam. „En wat dan?” vroeg Baischer. Toen bleef het stil.

De leraar uit het dorp zei er ooit ook wat van. „Bert, dit kan toch zo niet doorgaan!” Baischer haalde zijn schouders nog maar een keer op.

Natuurlijk had Baischer zo zijn gedachten over de familie W. Vader en moeder komen beiden uit St. Peter. Verdachte Friedl, die vijf of zes broers en zussen had in het dorp, leek een schijnbaar rustige, slungelige man. De villa die ze hier het ‘aalbessenhuis’ noemen, was van de ouders van zijn vrouw. „De twee voornaamste boosdoeners liggen op het kerkhof”, zegt Engelbert Baischer: de moeder van de dochters, die in 2008 overleed, en haar moeder, die een zeer dominante vrouw moet zijn geweest.

Van de verstandelijke beperking van de dochters, waar de politie het over heeft, gelooft Baischer niets. En dat terwijl de twee naar een speciale school in Braunau gingen. Maar, zegt de boer, „het is net als met veulens: als ze niet bewegen, kwijnen ze weg”.

De moeder en de oma lieten de kinderen geen stap alleen zetten, ze mochten nooit vrienden maken. „Zelfs de honderd meter naar de schoolbus bracht de moeder ze.” Dat de jongste dochter gezwollen enkels heeft en nauwelijks kan lopen, is volgens hem ook de schuld van de moeder. Als de dochter het koud had, moest ze naar verluidt haar voeten in de oven leggen.

Wat de buurman vertelt, wordt in de psychologie ook wel het Münchhausen by proxy-syndroom genoemd. Een aandoening waarbij de ouder (meestal de moeder) de ziekte van haar kind overdrijft of het kind zelf ziek maakt om aandacht van artsen te krijgen. Een vorm van kindermishandeling die vaak onopgemerkt blijft. Na de dood van de moeder, zegt Baischer, voelden de twee vrouwen niet voor niets „een frisse wind”.

En het misbruik? De dochters zijn toch zeker niet door hun moeder of oma verkracht? Baischer kijkt naar de grond. Hij zegt niets. Ook de dominee wil niet speculeren: „Er is niets bewezen.” Hoewel de autoriteiten intussen een getuigenis van een van de dochters naar buiten hebben gebracht, zwijgt het dorp. Volgens die officiële verklaring hebben de dochters op het sterfbed van hun moeder moeten beloven niets over het misbruik van hun vader te vertellen.

Een oud-klasgenote van Gottfried W. herinnert zich dat „Friedl aan niets anders dan seks kon denken”. Maar sinds dat citaat en een foto van Berta in de Kronen-Zeitung verscheen, spreekt bijna niemand in het dorp nog met journalisten. Als het aangevallen wordt, is het dorp net zo gesloten als de familie W. zelf.

In de plaatselijke kroeg, Gasthauses Berger, vergadert de Junge Volkspartei, de jongerenafdeling van de conservatieve ÖVP. De gebeurtenissen in het dorp staan niet op de agenda. Niemand wil praten met de pers. Terwijl er heel wat te bespreken zou moeten zijn voor de jonge politici. Niet alleen over de mentaliteit – altijd een groot probleem in een klein land, waar discretie en beleefdheid vaak voorkomen dat iemand wordt aangepakt.

Nee, er zijn ook tastbare, politieke vragen. Families zijn heilig in Oostenrijk; nergens gaat zo veel geld naar gezinnen als hier. Heeft iemand een handicap, dan ontvangt het gezin een bijdrage tot 1.700 euro per maand, afhankelijk van hoe hulpbehoevend iemand is. Niemand die vraagt wat er met dat geld gebeurt.

Bij de familie W. kwam sinds 1998 in ieder geval één zorgverlener over de vloer, eerst voor de moeder, en na haar dood voor de jongere dochter. De verzorger was familie van de moeder. Geen enkele buitenstaander heeft ooit alleen met de dochters gesproken, tot begin mei. Toen vond een verpleegkundige hun vader naakt op de vloer en hoorde het verhaal van zijn dochter, wat er met hen de afgelopen veertig jaar was gebeurd. Politie en openbare aanklagers toonden weinig belangstelling in de zaak. Pas toen het mediaspektakel losbarstte werd hun vader gearresteerd.

„Als er al voordelen aan een mediaspektakel zitten”, zegt dominee Lakomy, „dan is het dat mensen in het vervolg de politie zullen bellen”. Maar bij te veel spektakel, vreest hij, klappen ze opnieuw dicht.

    • Norbert Mappes-Niediek