Zes identieke toiletdeuren. Welke kies je?

Laatst wilde Roland Mönnink uit Huizen naar de wc op het vliegveld. Hij kon kiezen uit zes deuren. Gedachteloos koos hij er een. Toen vroeg hij zich af: „Worden deze toiletten wel even vaak gebruikt? Of is de buitenste favoriet?” Hij wil graag weten of mensen een voorkeur hebben, „op het gevaar af dat ik daarna nooit meer spontaan een toiletdeur open.”

Het idee dat een lezer levenslang aan je zal denken bij iedere wc-deur is een aanlokkelijke gedachte voor een journalist. Op onderzoek uit, dus.

De oppertoiletdame in het redactiegebouw – overal drie wc’s op een rij – begint te schateren. Nee, linkerwc’s zijn volgens haar niet viezer dan rechterwc’s, of andersom. Wel hebben mensen vaak een voorkeur voor een bepaalde wc, weet ze. „En als dat een viezerd is, is die wc ook viezer.”

Een rondvraag leert dat veel mensen liever de buitenste wc kiezen. Als je dan „lawaai gaat maken” hoef je maar met één kant rekening te houden, oppert iemand. Een ander zegt voor de buitenste te kiezen, omdat ze denkt dat de middelste vaker gekozen wordt, en die wil ze dus niet.

Gelukkig heeft de wetenschap zich over de kwestie gebogen. In 1977 lieten de onderzoekers Nisbett en Wilson 52 mensen kiezen uit vier identieke panty’s. 40 procent koos voor de meest rechtse panty, 12 procent voor de meest linkse. Allerlei verklaringen werden geopperd voor deze voorkeur voor rechts. Het zou komen doordat de linkerhersenhelft (die het rechtergezichtsveld verwerkt) een grotere rol speelt bij positieve emoties, of doordat er meer rechtshandigen zijn.

Maar in 1995 vond psycholoog Nicholas Christenfeld een veel sterkere voorkeur voor dingen in het midden. Hij testte dat door mensen voor vier identieke wc-deuren te zetten, met in elk hokje vier identieke wc-rolhouders. Hij vroeg de schoonmaker te registreren in welk hokje en welke houder de meeste rollen moesten worden vervangen.

Na tien weken bleek dat van de 86 lege rollen er maar 34 uit de buitenste hokjes kwamen. De mensen kozen ook nog eens voor de middelste rolhouders. Dit ‘centre-stage effect’ werd in 2011 nog eens bevestigd met onderzoek naar sokken.

Christenfeld meent dat mensen gaan voor de keuze die de minste denkkracht kost. In nieuwe situaties is dat wellicht de middelste optie.

Of je ontwikkelt een ritueel en kiest altijd voor je oude vertrouwde lievelings-wc.

Carola Houtekamer