Voordeel of geen voordeel, het blijft discussie

De gehandicapte Oscar Pistorius bereikte op de 400 meter de halve finales.

Zijn deelname aan de WK is omstreden vanwege zijn carbon prothese.

Als de internationale atletiekfederatie IAAF bij het opstellen van de reglementen in 1912 had opgenomen dat een deelnemer over twee benen moet beschikken was Oscar Pistorius tot de gehandicaptensport veroordeeld gebleven. Maar ja, wie had een eeuw geleden ooit voorzien dat iemand zonder benen aan ‘gewone’ atletiekwedstrijden wilde meedoen? Pistorius wilde vanwege zijn protheses van carbon niet gediscrimineerd worden, dwong langs juridische weg startrecht af en beleefde gisteren in Daegu een glorieus debuut bij de WK atletiek. De ‘snelste man zonder benen’ bereikte de halve finales van de 400 meter.

Het resultaat deed er ten dele toe voor Pistorius, wiens onderbenen na elf maanden werden geamputeerd nadat hij met verminkingen was geboren. Voor de 24-jarige Zuid-Afrikaan telde dat hij op het hoogste niveau strijd kon leveren met valide sporters. Dat hij in Daegu de series van de 400 meter overleefde ervoer Pistorius als een sensatie. En dat hij met 45,39 seconden zijn op één na beste tijd ooit liep bood hem vertrouwen voor zijn grote doel: deelnemen aan de Olympische Spelen. Om volgend jaar naar ‘Londen’ te mogen moet Pistorius nog één keer de limiettijd van 45,25 lopen. Gezien zijn progressie dit jaar en een persoonlijk record van 45,07 lijkt dat haalbaar.

Het geluk van Pistorius verstomt niet de discussie over zijn deelname. Eigenlijk weten atleten en andere betrokkenen niet goed hoe ze zijn aanwezigheid moeten beoordelen. En onaardig wil ook niemand zijn, want Pistorius wordt algemeen als een sympathieke kerel gezien die bovendien veel publiciteit voor de sport genereert. Dat blijkt in Daegu. Hij trok voor aanvang van de WK een uitpuilende zaal tijdens een persconferentie en had gisteren na zijn serie meer dan een uur nodig om verslaggevers te woord te staan. Met een vriendelijk ‘tot morgen’ schudde hij de pers uiteindelijk beleefd van zich af.

Steve Ovett, de olympisch kampioen van 1980 op de 800 meter, ging het verst in zijn kritiek. De Brit, als commentator van de BBC in Daegu, noemde Pistorius’ deelname tricky. „Wat als het materiaal nog verder wordt ontwikkeld? Waar is het eind?” De Amerikaan LeShwan Merritt, de olympisch en wereldkampioen die in Daegu zijn rentree maakte na een dopingstraf van twee jaar, vindt de deelname van Pistorius geen probleem. „Goede en sympathieke atleet wiens deelname reglementair is. Hij is voor mij gewoon een van de tegenstanders.” De Belg Jonathan Brolée, een van de titelfavorieten op de 400 meter, vindt het moeilijk over de kwestie te praten. „Maar ik vind wel dat de IAAF aanvullend wetenschappelijk onderzoek naar de eventuele voordelen van zijn protheses moet doen.”

Maar daarin zit ’m de kneep. De kunstbenen zijn uitgebreid onderzocht. Professor Peter Bruggemann van de Sportuniversiteit Keulen deed dat op verzoek van de IAAF en stelde vast dat Pistorius voordeel heeft van zijn hulpmiddelen. Op grond van die conclusie liet de IAAF Pistorius niet toe. Die opvatting hield geen stand in de beroepszaak die de atleet bij het internationaal sporttribunaal CAS had aangespannen. De kritiek was onder meer dat de testen in Duitsland waren afgenomen bij volle snelheid in één recht lijn. Pistorius kon tegenwerpen dat een 400 meter twee bochten kent en hij door zijn handicap een slowstarter is. Pas in de laatste 200 meter bereikt hij zijn maximale snelheid. Welk voordeel heeft hij dan?

CAS vond dat er geen overtuigend bewijs voor een voordelige positie van Pistorius was geleverd, sprak in de toelichting op de uitspraak van een „staaltje dubbelzinnigheid” en verwierp de ban van de IAAF. Als restrictie werd opgenomen dat er van ‘Pistorius’ geen precedentwerking mag uitgaan en gelijke verzoeken van andere gehandicapte atleten afzonderlijk beoordeeld moeten worden. Bovendien behoudt de atletiekfederatie met nader wetenschappelijk onderzoek het recht alsnog haar gelijk aan te tonen.

Vooralsnog is de IAAF niet van plan de kwestie Pistorius op de spits te drijven. Maar dat de federatie niet blij is met zijn aanwezigheid is evident, hij wordt openlijk tegengewerkt. Pistorius werd bewust ingedeeld in een ongunstige buitenbaan en voorzitter Lamine Diack heeft de Zuid-Afrikaanse bond per brief verzocht Pistorius bij de 4x400 meter als eerste loper in te delen – die moeten in hun baan blijven. Daarna vervalt die verplichting en ontstaat gedrang bij de wissels. Volgens de IAAF is het te gevaarlijk voor andere atleten als de Zuid-Afrikaan zich daarin mengt. Op zich een legitiem argument, maar het blijft opmerkelijk dat een internationale federatie zich met de opstelling van een estafetteploeg bemoeit.

Naast ontmoediging is de strategie van de IAAF gebaseerd op hoop. Hoop dat Pistorius geen wedstrijden wint of uitgroeit tot de Usain Bolt van de 400 meter. Zolang hij marginaal presteert lijkt de IAAF hem te gedogen. Tot genoegen van Sebastion Coe, die als voorzitter van de Spelen een andere opvatting huldigt. Hij wil Pistorius volgend jaar maar wat graag in Londen aan de start. En niet alleen omdat Pistorius razend populair is in Engeland. Maar vooral omdat Coe gebaat is bij zo veel mogelijk sterren op de Olympische Spelen. En wat je ook van Pistorius vindt, hij is een ster.

    • Henk Stouwdam