FME krijgt met Dezentjé politiek ervaren voorzitter

Met VVD-Kamerlid Ineke Dezentjé Hamming krijgt werkgeversorganisatie FME een ervaren voorzitter met een scherp politiek profiel.

Een ‘politieke ondernemer’, noemde ze zichzelf ooit in het programma Business Class van Harry Mens. En zo profileert de 56-jarige VVD-parlementariër Ineke Dezentjé Hamming zich sinds 2003 ook in de Tweede Kamer. Als belangenbehartiger van het bedrijfsleven tegen een opdringerige belastingdienst. Of als opponent van een betuttelende overheid in, bijvoorbeeld, het elektronisch patiëntendossier. Hoe zou de jonge minister Rouvoet het vinden als er gegevens over zijn schaamhaar in zo’n dossier zijn opgeslagen, vroeg ze zich in debat over dat dossier openlijk in de Tweede Kamer af.

Dezentjé Hamming wisselt in november haar kamerlidmaatschap in voor de functie van voorzitter van werkgeversorganisatie FME-CWM, met 2.600 aangesloten bedrijven de grootste industriële werkgevers- en ondernemersorganisatie van Nederland. FME is vooral een lobbyorganisatie voor het industriële bedrijfsleven en onderhoudt nauwe relaties met relevante ministeries en andere overheidsinstellingen.

Dezentjé Hamming lijkt te passen in de bedrijfscultuur van FME. „De Nederlandse economie moet in turbostand worden opgepept”, schrijft ze op haar website. Of: „het politieke systeem heeft behoefte aan extra zuurstof in de vorm van een samenhangende visie op de toekomst.” Citaten die aansluiten bij die van de huidige FME-voorzitter en partijgenoot, Jan Kamminga.

Toch is Dezentjé Hamming niet een politicus die zich alleen bedient van oneliners. Zo heeft ze sinds vorig jaar een initiatiefwetsvoorstel op haar naam staan dat burgers beschermt tegen al te grote bedilzucht van de fiscus. Een wet die het mogelijk maakt om bezwaar te maken als de belastinginspectie doorschiet bij informatieverzoeken over ingediende aanslagen. Want de fiscus was volgens Dezentjé Hamming met haar bemoeizucht uitgegroeid tot een ‘rupsje nooit genoeg’ waar de burger volgens haar geen verweer tegen heeft.

Die wet is sinds dit jaar formeel van kracht. In het debat over het elektronisch patiëntendossier trokken haar opmerkingen over Rouvoets schaamhaar de meeste aandacht, maar haar betoog paste verder naadloos bij haar eerdere betogen tegen de ‘betuttelende overheid’ die in haar VVD-ogen de ontwikkeling van het vrije individu in de weg staat.

Ze bepleitte sinds haar aantreden een beter fiscaal klimaat voor het bedrijfsleven. Zoals met het pleidooi voor een speciaal vennootschapsbelastingtarief van 15 procent, naast het algemene tarief van 34,5 procent. „Nederland is een open economie en heeft een aantrekkelijk internationaal vestigingsklimaat hard nodig”, zei ze in 2003 ter verdediging van dat voorstel. Van recentere datum zijn haar voorstellen voor betere bescherming van zelfstandige ondernemers (zzp’ers) bij hun pensioenopbouw. De pensioenpremies van die zzp’ers moeten 10, in plaats van 3 jaar lang fiscaal aftrekbaar blijven als zij aangesloten blijven bij het pensioenfonds van hun vorige werkgever. Want „zzp mag niet komen te staan voor zelfstandige zonder pensioen”.

    • Jos Verlaan