Een kaatsende kunstenaar

Kunstenaar Sjoerd Janzen is door een tentoonstelling even springlevend in het Friese Oosterbierum.

De dominee blikt zondags vanaf de kansel van de Sint-Joriskerk in het Friese Oosterbierum af en toe naar rechts. Naar ‘Het laatste avondmaal’, het imposante kunstwerk van wijlen Sjoerd Janzen. De tekening in zwart-wit hangt tijdelijk in het godshuis. Alleen de hoofden van Christus en de apostelen staan erop. Gezeten aan een tafel van tape en inpakpapier. „De kerkgangers moesten er wel aan wennen”, vertelt zijn Duitse weduwe Susanne Janzen-Dittler als ze omhoog kijkt naar het werk. „Sommigen werden er wat somber van.” De tekening is onderdeel van de tentoonstelling ‘Sjoerd Janzen terug in Oosterbierum’. Janzen (1955-2006) werd er geboren als boerenzoon en ligt er begraven op het kerkhof. In de pleats (boerderij) van zijn vader, omgedoopt tot ‘abnormale galerie’ zijn zo’n 70 van zijn werken tentoongesteld. Dittler stelde de expositie samen met kunsthistoricus Rients Kooistra. Die vindt Janzens werk „confronterend tot op het bot” en „tijdloos”. Alles in zwart en wit. Met alle tinten daar tussenin. In de oude koeienstal hangen enkele zelfportretten. Tegen de wand van opeengestapelde houten aardappelkisten in de schuur hangen levensgrote kunstwerken: krijt- en inkttekeningen die hij maakte in Groningen, Berlijn en New York. De Fries woonde in 1983 een jaar in die stad en maakte er tekeningen van streetmen en townscapes. Hij leefde er noodgedwongen tussen de daklozen nadat hij was beroofd van zijn geld. Om diefstal te voorkomen plantte hij ’s nachts de poten van zijn bed in zijn schoenen. Ooit sliep hij er met 200 zwervers in een oud, leegstaand theater. Er patrouilleerden politiemannen die moesten voorkomen dat mannen zich aan jongens zouden vergrijpen, vertelde de kunstenaar later.

Janzen volgde de kunstacademie in Groningen en won in 1984 de prestigieuze Talensprijs met twee heftige New Yorkse tekeningen in zwart contékrijt. Ook kreeg hij dat jaar een startstipendium van het ministerie van WVC van 25.000 gulden. Hij exposeerde met Armando en Lucebert in Den Haag en stond op het punt van doorbreken. Maar Janzen werd daarna huisschilder. „Hij dacht dat mensen verwachtten dat hij alleen werk zou maken als waarmee hij de prijs had gewonnen. Dat wilde hij niet”, verklaart Dittler.

Oud-topkaatser Hotze Rusticus, een goede vriend van Janzen, bezoekt deze middag de expositie. Hij weet nog dat Janzen zich na de gewonnen geldprijs „god op aarde” voelde. PC-winnaar Rusticus speelde met Janzen begin jaren tachtig diverse kaatswedstrijden. „Sjoerd was een supertalent. Atletisch en technisch, maar mentaal minder sterk. Als hij een boppeslach had geslagen was hij al tevreden. Hij kaatste niet om te winnen, maar om de schoonheid van het spel.” Op het boerenerf komen ondertussen nieuwe bezoekers aanlopen. Sjoerd Janzen is weer springlevend in zijn geboortedorp.

Tentoonstelling tot en met 10 september: Konkelswei 4, Oosterbierum. www.sjoerdjanzen.nl

    • Karin de Mik