De ramadan vieren kan op tal van manieren

Morgen is het einde van de ramadan. Niet elke moslim beleeft die maand hetzelfde.

Een gesprek met drie moslims die vanuit hun eigen stroming de ramadan bezien.

De Grote Moskee in de voor moslims heilige stad Mekka tijdens de ramadan. Foto Reuters The Mecca Clock overlooks the Grand Mosque during the Muslim month of Ramadan in the holy city of Mecca August 20, 2011. REUTERS/Hassan Ali (SAUDI ARABIA - Tags: SOCIETY RELIGION) REUTERS

Morgen eindigt de islamitische vastenmaand, de ramadan. Wie meent dat de moslim met een zucht van verlichting afscheid neemt van deze intensieve maand, heeft het mis. Een gevoel van melancholie overheerst. Het verbreken van de vastendag en het streven spiritueel te groeien, leidt tot verbondenheid. Dat maakt het soms zelfs lastig weer in de dagelijkse tredmolen te springen. Maar ook hier geldt: zo veel moslims, zo veel visies. Niet elke moslim heeft gevast en niet elke moslim beleeft zijn of haar religie hetzelfde.

Neem Enis Odaci (36). Hij studeerde civiele technologie en management, werkt als ambtenaar, is getrouwd en woont in Hengelo. Odaci noemt zichzelf een ‘humanistische moslim’, hij is voorzitter van de stichting Humanislam. Op de vraag of deze titel impliceert dat de islam in feite inhumaan is, moet hij lachen. „Het humanisme is juist het vertrekpunt van de islam. Het betekent simpelweg dat het goede in jezelf zit en dat je dat moet uitdragen aan de maatschappij. In wezen is vrijwel elke moslim een humanist, alleen valt het niet zo op. Deze zwijgende meerderheid is niet verenigd als stroming; ze zijn er gewoon, doen mee met de samenleving en profileren zich niet.”

Odaci komt uit een alevitisch-islamitische familie. Het alevitisme wordt gezien als een rekkelijke variant van de islam – en komt veel voor in Turkije. Binnen het alevitisme zijn vele denkrichtingen. Sommigen hebben weinig op met de Koran en menen dat de wijsheid in onszelf zit. Andere alevieten neigen meer naar een mystieke, symbolische uitleg van de Koran. Voor Odaci is het vasten in de ramadan een ritueel, geen dogma. „Er zijn in de Koran veel gradaties van vasten te vinden; dat hoeft niet per se door niet te eten en te drinken. Het kan ook in de vorm van zwijgen, nadenken of het bijstaan van hulpbehoevenden. Met mijn werk was fysiek vasten voor mij dit jaar niet haalbaar, maar ik streef wel naar bezinning in deze maand.”

Hij heeft de laatste dagen allerhande ontmoetingen gehad: zowel met christenen die er vanuit gingen dat hij, omdat hij moslim is, verplicht vastte, als met moslims die er vanuit gingen dat hij, met een alevitische achtergrond, nooit zou vasten. „Zowel moslims als niet-moslims hebben vaak geen idee dat de islam gegronde theologische aanknopingspunten biedt om niet te vasten als het te zwaar is. Het zijn soms moeilijke, maar altijd leerzame gesprekken.”

Zebier Hoeseni (58) studeerde rechten en heeft momenteel geen werk; hij is getrouwd en woont in Almere. Voor hem geldt de ramadan als een plicht op zowel mentaal als fysiek vlak. Hij ging tijdens de ramadan vaker naar de moskee, om met gelijkgestemden het vasten te verbreken. Hij haalt zijn schouders op bij de constatering dat de ramadan sommigen dit jaar zwaar is gevallen, of dat men soms vast uit sociale druk. „We hebben een maankalender, dus het vasten valt elke keer in een ander seizoen. Het wisselt, dus het is eerlijk: soms heb je het zwaar, soms gemakkelijk. Dat weet je van tevoren. Als je puur gaat vasten vanwege de druk van buitenaf, dan zie je er tegenop. Voor mij blijft het een hulpmiddel om dichterbij God te komen.”

Hoeseni spreekt vanuit de Lahore Ahmadiyya-beweging. Deze substroming erkent Mohammed wel als laatste profeet, maar gelooft dat er na hem in elke eeuw een vernieuwer komt, die het oorspronkelijke islamitisch geloof weer hervormt. In Pakistan zijn de Ahmadiyya in 1974 officieel tot niet-moslims verklaard. Dat doet Hoeseni pijn. „Wij hebben dezelfde Koran, dezelfde God, dezelfde bronnen. Pas als wij officieel niet meer verketterd worden, is de islamitische eenheid een feit.”

Die eenheid ziet hij ook terug in de islamitische rituelen. „Wij vasten gewoon, net als alle moslims. Verder zien we de ramadan als een soort dertigdaagse, intensieve training. Niet eten en drinken en geen gemeenschap hebben, zijn belangrijk, maar wat betekent het zonder geestelijke en morele ontwikkeling? Natuurlijk kan het lastig zijn, maar het fysieke vasten is de basis van moreel juist handelen, het goed doen jegens je medemens. Het geestelijke aspect, de nabijheid tot God, is het uiteindelijke doel van deze inspanningen.”

Ibrahim Abu Adam (34) is sociaalpedagogisch medewerker; hij is getrouwd en woont in Amsterdam. Abu Adam omschrijft de vastenmaand als een leerschool. Zijn vader is imam en als puber zette hij zich af tegen diens leerstellingen. Als jonge twintiger realiseerde hij zich dat zijn verlangen naar God groot was en hij zijn religie in de praktijk wilde brengen. Ook bij het vasten hielp hem dat: „Vroeger vond ik het zwaar, maar nu begrijp ik waar ik het voor doe. Als je je houding verandert, krijg je ook de kracht.”

Abu Adam zoekt zijn inspiratie in de bronnen van geleerden die teruggaan op de eerste eeuwen na de profeet Mohammed, de zogenaamde salaf. Hij begrijpt niet goed waarom het begrip salafist voor veel mensen een negatieve connotatie heeft. „De islam was in de begintijd nog het meest zuiver, er waren nog niet allerlei nieuwigheden aan toegevoegd. Dus waarom zou ik de tradities van de vrome voorgangers uit die tijd niet volgen?”

Een actief geloofsleven hoort erbij: hij probeert ook buiten de ramadan op bepaalde dagen te vasten en extra gebeden te verrichten. Hij organiseert lezingen, deelt zelfgemaakte flyers uit en nodigt zowel moslims als niet-moslims uit om meer over de islam te weten te komen. „Maar nooit opdringerig natuurlijk, dat schrikt mensen alleen maar af.”

Het einde van de ramadan luidt tegelijkertijd een nieuw begin in: men probeert de sfeer van spirituele groei zo lang mogelijk vast te houden. De drie hebben dan ook hun goede voornemens. Enis Odaci verlangt naar meer zingeving, ook in zijn werk. „Je wordt vaak geleefd door je verplichtingen, je moet meedoen aan het politieke spel. Maar ik wil graag dicht bij mezelf en mijn eigen normen en waarden staan. De ramadan herinnert mij aan dit soort vragen.”

Zebier Hoeseni merkt dat bij hem de bewustwording groeit en hij wil dit graag doorgeven aan anderen. „Ik ben hopelijk op de goede weg, maar moet mezelf ook steeds bijschaven. Ik kan anderen het advies geven dat ik zelf heb ervaren: als je leert je dierlijke neigingen en lusten achter te laten, ontwikkel je een hogere moraal. Die probeer ik vanuit mezelf uit te dragen naar de maatschappij. In de moskee en daarbuiten spreek ik daarover met moslims, maar ook met christenen, joden, hindoes.”

Ibrahim Abu Adam maakt aan het eind van de ramadan een soort hernieuwde trouwgeloften. „Nadat ik mijn geloof en karakter heb versterkt, moet dat nog bevestigd worden. Ik beloof opnieuw mijn trouw aan God, de profeet en aan mijn vrouw, mijn gezin en de maatschappij.”

Nuweira Youskine is freelance journalist, islamdeskundige en werkte o.a. voor de Nederlandse Moslimomroep.

    • Nuweira Youskine