Cultuurwethouders: nu moeten wij het doen

Terwijl de kunstwereld nog tegenstribbelt, passen sommige gemeenten het cultuurbeleid al aan. Enkele steden trekken juist meer geld voor cultuur uit.

Amsterdam 27-08-2011 Uitmarkt 2011 ; Onderdoorgang van het Rijksmuseum tijdelijk ingericht als boekenmarkt Foto NRC Maurice Boyer

Voor de een is de nieuwe werkelijkheid makkelijk te aanvaarden dan voor de ander. Terwijl de cultuurwereld zelf nog niet is bekomen van de in juni aangekondigde bezuinigingen van het Rijk, zijn cultuurwethouders van grote steden al een stap verder. „Kop op, kin naar voren, we gaan aan de slag”, vatte Frits Lintmeijer (GroenLinks), cultuurwethouder in Utrecht samen. „We kunnen de bezuinigingen van het Rijk niet compenseren”, zegt Antoinette Laan (VVD), wethouder in Rotterdam. „Er zijn instellingen die zullen sluiten.” En dat is volgens haar niet alleen maar erg: „Er is overaanbod.”

Ze zeiden dit gisteren tijdens het traditionele debat in Paradiso bij de opening van het culturele seizoen, georganiseerd door belangenorganisatie Kunsten ’92. Onderwerp was Stad versus staat: tegenhangen of meebuigen?

Ad ’s-Gravesande, de voorzitter van Kunsten ’92, riep op de bezuinigingen van jaarlijks 200 miljoen op een totaal van 900 miljoen niet in één keer in te voeren maar uit te smeren, en de btw op podiumkunsten weer terug te brengen naar 6 procent. Maar de Arnhemse wethouder van cultuur, Michiel van Wessem (VVD): „Er valt niet meer te onderhandelen met dit kabinet, het zal nu van onszelf moeten komen.”

Het debat in Paradiso, dat vooral werd bijgewoond door bestuurders uit de kunstwereld, bood tegelijkertijd een voorproefje van wat Tweede Kamerleden rond Prinsjesdag zullen zeggen over de bezuinigingen op cultuur. Oppositiepartijen blijven erbij dat de bezuinigingen te snel worden doorgevoerd en dat de btw-verhoging op podiumkunsten ongedaan gemaakt moet worden.

Kamerlid Jetta Klijnsma (PvdA) was het felst. Ze zal staatssecretaris Zijlstra (Cultuur, VVD) een spiegel voorhouden tijdens de Algemene Politieke Beschouwingen, zei ze. „Bezuinigen is één ding, maar als je het zo draconisch doet, mol je de hele handel.” Ze noemde cultuurwethouders „dappere dodo’s die te maken hebben met een autistische staatssecretaris”.

Kamerlid Bart de Liefde (VVD) bood zijn excuses aan voor zijn soms harde toon aan het begin van het debat over de bezuinigingen, zoals zijn opmerking „schop de Raad voor Cultuur zijn pand uit”. „Ik heb niets tegen de cultuursector”, zei hij. „Die is heel belangrijk. Maar: met mijn excuses gaat er niets van de 200 miljoen af.” De Liefde wees er op dat in gemeenten ook partijen als GroenLinks en D66 bezuinigen op cultuur. Een argument dat gewoonlijk in politieke debatten door zijn collega Martin Bosma (PVV) wordt gebruikt. Bosma was er niet bij in Paradiso, evenmin als zijn CDA-collega Marieke van der Werf.

De zes aanwezige wethouders willen meer overleg met het ministerie, met name over wat de rijkscultuurfondsen, zoals het Fonds Podiumkunsten en het Mondriaan Fonds voor beeldende kunst, straks uitkeren. Mary-Ann Schreurs (D66), wethouder in Eindhoven: „Steden kunnen er een acceptabel verhaal van maken als ze zeggenschap hebben over de cultuurfondsen.”

Schreurs opperde dat cultuur, net als ‘groen’, voortaan deel moet uitmaken van de onroerendezaakbelasting – anders zal er nooit genoeg geld voor zijn. Schreurs zei overigens weinig last te hebben van de landelijke bezuinigingen. „Want we krijgen nu al heel weinig uit Den Haag.”

Gemeenten dragen in totaal ruim twee keer zoveel bij aan cultuur als het Rijk, rekende Bastiaan Vinkenburg van bureau Berenschot voor. Als je ervan uitgaat dat ook gemeenten een kwart gaan bezuinigen, cijferde hij verder, komt de totale korting op cultuur uit op 1 miljard per jaar. Maar niet alle gemeenten zijn van plan te bezuinigen, bleek ook tijdens het debat.

De burgemeester van Utrecht, Aleid Wolfson (PvdA), kondigde aan dat zijn stad in 2013 2 miljoen euro extra investeert in cultuur; 2013 is het jaar waarin de Vrede van Utrecht wordt herdacht. Ook Arnhem en Leiden gaan juist meer in kunst investeren.

Onderzoeker Gerard Marlet van Atlas voor Gemeenten presenteerde een berekening die uitwees dat bezuinigen op podiumkunsten meer kost dan opbrengt.

Kamerlid Liesbeth van Tongeren (GroenLinks) zei duizelig te worden van alle „cijferlarij” en mist argumenten over de intrinsieke waarde van kunst. „Als clusterbommen meer blijken op te leveren dan cultuur, gaan we dan daarin investeren?”

Na afloop van het debat zei de Rotterdamse wethouder Laan dat ze niet veel nieuws had gehoord. Zelf had ze nog even ophef veroorzaakt met de opmerking dat kunstinstellingen wat haar betreft helemaal niet elke dag open hoeven te zijn. („Ik heb helemaal geen tijd alle dagen van de week uit te gaan”). Toch was het debat volgens haar nuttig geweest: „De sector heeft hier behoefte aan.”

    • Claudia Kammer
    • Birgit Donker