Nooit schaken voor de lol

Michail Botwinnik, die met een paar korte onderbrekingen wereldkampioen was van 1948 tot 1963, was een ernstig man. In 1988 vroegen Bert van de Kamp en Genna Sosonko hem in een interview in het tijdschrift New in Chess: „Ik neem aan dat u niet erg dol bent op het spelen van vluggertjes?” Het antwoord van Botwinnik, vaak geciteerd in de schaakliteratuur, was: „De laatste keer dat ik een vluggertje speelde was in 1929 in een trein. We reisden met een team van Leningrad naar Odessa om een kampioenschapsmatch te spelen en we hadden een snelschaaktoernooi tijdens die treinreis. Ik werd eerste.”

Hij kon het dus wel, maar hij wilde het niet, het frivole vermaak waar vrijwel iedere schaker dol op is. De kop boven het interview was dan ook ‘I have never played for fun.’

Op 17 augustus was het honderd jaar geleden dat Botwinnik geboren werd en daarom waren er in Rusland allerlei feestelijkheden, onder meer een rapidtoernooi met tien oude grote schakers als Kortchnoi, Ivkov, Portisch, Taimanov en Uhlmann. Op 17 augustus vertelden alle deelnemers in een toespraakje wat Botwinnik voor hen betekend had.

Mark Taimanov zei dat hij in 1947 een brief kreeg waarin Botwinnik hem vroeg om te helpen bij de voorbereiding op het toernooi om het wereldkampioenschap in 1948. Botwinnik, die altijd erg wantrouwig was, schreef dat hij slechts weinig vrienden had bij wie hij er op kon vertrouwen dat ze stil zouden houden dat hij met hen samenwerkte.

Taimanov vond het de hoogst mogelijke eer, maar de samenwerking ging toch niet door. In zijn praatje zei hij dat hij niet meer wist waarom, wat ik wonderlijk vind.

Maar later, in de jaren zestig, werkten ze toch even samen in een traingskamp voor een teamwedstrijd. Botwinnik zei tegen Taimanov: „Hebt u vanavond iets te doen? Kom anders bij me om half negen.”

Taimanov kwam. Botwinnik deed de deur op slot, sloot de luiken – ik zei al dat hij achterdochtig was – en vroeg Taimanov om tien vluggertjes met hem te spelen. Taimanov deed dat en won met 7-3.

Botwinnik was tevreden. Dat hij verloren had deerde hem niet, het ging er om dat hij zich had voorbereid op de wedstrijd die komen ging. Wel zei hij tegen Taimanov: „Mark, wil je niemand hierover vertellen?”

Die veel geciteerde opmerking van Botwinnik dat hij in 1929, toen hij 17 of 18 jaar oud was, voor het laatst een vluggertje had gespeeld, klopt dus niet. Maar de kop boven het interview die zei dat hij nooit zomaar voor de lol geschaakt had, klopte wel. Die vluggertjes waren geen pleziertjes geweest, maar een deel van een gedisciplineerde voorbereiding.

Dat seniorentoernooi ter ere van Botwinnik werd gewonnen door Viktor Kortchnoi, iemand die ook weet wat discipline is. Met zijn tegenstander in de volgende partij had hij een appeltje te schillen, want in het verleden was Igor Zaitsev secondant van een rij van tegenstanders van Kortchnoi: Petrosian en Poloegajevski in kandidatenmatches en twee keer Karpov toen het om het wereldkampioenschap ging.

Viktor Kortchnoi - Igor Zaitsev, Botwinnik Memorial

1. d4 Pf6 2. c4 g6 3. Pc3 Lg7 4. e4 d6 5. f3 0-0 6. Pge2 Pc6 7. Le3 e6 8. Dd2 b6 9. Td1 a5 Wat wil zwart met zijn laatste drie pionzetjes, die slechts kleine verbeteringen van zijn stelling zijn? Hij kan ze zich permitteren omdat ook wit zijn ontwikkeling moeilijk voltooit; na 10. Pg3 kan zwart 10...e5 11. d5 Pd4 spelen. 10. d5 Pe5 11. Pg3 La6 12. b3 exd5 13. cxd5 Lxf1 14. Txf1 a4 Een aardige zet. Na 15. Pxa4 Pc4 16. bxc4 Txa4 heeft zwart goed tegenspel. 15. f4 Wit neemt veel hooi op zijn vork. 15...Ped7 Ook 15...Peg4 ziet er goed uit. 16. b4 Te8 Ook hier was 16...Pg4 sterk. 17. h3 Wit heeft tijd verloren en zijn koning staat nog in het midden. Na 17...h5 (dreiging 18...h4) 18. Dc2 De7 zou zwart uitstekend staan. 17...Ph5 Dit maakt het wit makkelijk. 18. Pxh5 Dh4+ 19. Tf2 Dxh5 20. Ld4 Pf6 21. Te2 Dh4+ 22. Lf2 Dh5 23. Kf1 Te7 24. Tde1 Tae8 25. Dd3 Alles is op zijn pootjes terecht gekomen voor wit. Hij staat klaar voor de opmars in het centrum en dreigt stukwinst door 26. g4. 25...g5 26. e5 dxe5 27. fxe5 Pd7 28. e6 Pf8 Beter was eerst 20...fxe6 met goede verdedigingskansen. 29. exf7+ Dxf7 30. Pe4 Dg6 Zwarts laatste kans was 30...h6 31. d6 Te5, hoewel wit ook dan duidelijk beter staat.

31. d6 Nu wint dit geforceerd. 31...cxd6 32. Dd5+ Kh8 Of 32...Df7 33. Dxf7+ Txf7 34. Pf6+ met kwaliteitswinst. 33. Pxd6 Nu moet zwart zijn dame geven. 33...Txe2 34. Pf7+ Dxf7 35. Dxf7 Txe1+ 36. Lxe1 Te4 37. g3 Pg6 38. Db7 Zwart gaf op.

    • Hans Ree