Ik heb afstand genomen van mezelf

In de rubriek ‘Het laatste woord’ praten mensen over hun laatste levensfase.

Daaronder staat wekelijks een necrologie van een niet per se bekende persoon.

'Naast zeilen was jazzmuziek een grote passie van mij. Op een avond in 1957 hoorde ik een stuk muziek waarvan ik kippenvel kreeg. Dat was van Dave Brubeck. Zo begon mijn liefde voor jazz te groeien.

„Vijfeneenhalf jaar geleden overleed Riek, mijn vrouw, na een vreselijk ziekbed. Anderhalf jaar heb ik haar verzorgd. Ze zei in die tijd: je moet niet alleen blijven als ik er straks niet meer ben, zoek maar snel een ander.

„Een paar maanden na haar dood was ik bezig met m’n boot, toen ik opeens een stekende pijn in mijn borst voelde. Eerst denk je: spieren. Maar al snel bleek het erger te zijn: een losgeschoten hartklep. Daarna is de ene ziekte na de andere over me heen gekomen. Terwijl ik daarvoor nooit één dag had verzuimd van m’n werk.

„Aan het zoeken van een nieuwe partner ben ik de afgelopen jaren niet echt toegekomen, door al die dokterstoestanden. Het zijn treurige jaren geweest.

„Riek en ik hebben samen een prachtig leven gehad. In de zomer van 1959 kregen we verkering. Ik was in die tijd bij de marine. We maakten een wereldreis met de Karel Doorman, het legendarische vliegdekschip. Met een marinemaatje zat ik op een avond aan dek, ergens bij de Bermuda’s, waar we keken naar springende dolfijnen – zo schitterend! Die vriend zei: dit gaan we straks allemaal thuis vertellen. Ik organiseer een feestje en dan neem jij een leuke meid mee.

„Ik had in die tijd geen verkering. Toen we terug waren, zei ik tegen een schoonzusje van die vriend: ga je mee naar een feestje van je zwager vanavond? Achterop de motorfiets is ze toen meegegaan. In diezelfde weken zijn we samen op vakantie gegaan, naar Loosdrecht, waar ik een zeilbootje heb gehuurd.

„Dat was in juli ’59. Het was een prachtige zomer. Drie maanden later waren we getrouwd. Direct daarna ben ik weer voor een paar maanden met de Karel Doorman vertrokken. Ja, dat is snel gegaan toen. Maar ons huwelijk heeft ruim 46 jaar standgehouden: het is geen impuls geweest, het was echte liefde.

„De liefde voor het zeilen hebben we altijd gedeeld. Ons eerste eigen bootje kochten we in 1969, een BM. Daarna konden we steeds iets groters kopen. Op het laatst hadden we een mooi jachtje, een Jeanneau/Brin de Folie, waarmee we bij Stellendam de zee op gingen of binnendoor naar het IJsselmeer trokken.

„Varen was onze lust en ons leven. Maar wel met mate, want ik heb ook huwelijken stuk zien gaan doordat hij zichzelf helemaal aan het zeilen verloor en zij afhaakte. Riek lag op de boot graag een beetje rustig in de zon – daar hield ik rekening mee.

„De afgelopen jaren, zonder Riek en zelf vaak zo ziek, heb ik in een mist geleefd. Ik heb echt m’n best gedaan zo goed mogelijk door te leven. Ik heb onze flat opgeruimd gehouden, mezelf niet verwaarloosd, mensen uitgenodigd en opgezocht. Maar toch: het was stil, kaal en zwaar. Dan groeit het besef: het wordt niks meer, het leven mag op een dag ook wel voorbij zijn als het is zoals ’t nu gaat.

„Aan de andere kant: ik besef eigenlijk nauwelijks dat ik bezig ben met mijn laatste dagen. Sinds een week of zeven verblijf ik in dit hospice. Hier heb ik weer mensen om me heen. Het voelt als een bed van liefde. Ik wist niet dat er zulke lieve mensen bestaan die dit werk doen – de meesten zijn vrijwilligers!

„Ik weet dat ik hier ben om dood te gaan. Vijf mensen zijn al overleden sinds ik hier ben. Dan gaan alle deuren dicht en wordt de overledene weggedragen. Op zo’n moment schiet het wel door me heen: binnenkort ben ik degene die zo vertrekt. Maar het voelt anders. Het lijkt alsof ik al afstand van mezelf heb genomen. Ik zie als het ware het lichaam van een ander voor me die straks dood zal zijn. Het is waarschijnlijk een kwestie van zelfbescherming – anders kan ik het niet verklaren. Want ja, dood: het is een overweldigend idee en tegelijk kan ik me d’r niks bij voorstellen. Ik laat het maar over me heen komen.”

Tekst & foto’s Gijsbert van Es

Wie wil meewerken aan deze rubriek kan een e-mail sturen naar laatstewoord@nrc.nl.Twitter: #hetlaatstewoord