Herdenkingen

The New York City skyline, including the twin towers at the World Trade Center are shown in Jersey City, New Jersey, July 20, 2001. Photographer: Jade-Snow Moy. Bloomberg News. Anniversary Bloomberg News

Morgen over veertien dagen is het zo ver: dan is het tien jaar geleden dat de twee torens van het World Trade Center in Manhattan werden verwoest. Dat zal een mondiale gebeurtenis worden, in het Westen misschien met twee minuten stilte en in andere delen van de wereld met een geheim of openbaar leedvermaak. Wat deed je toen het gebeurde? Dat is de vraag die we sinds de moord op John F. Kennedy in zulke gevallen stellen. Ik zat op de redactie in Amsterdam een stukje te tikken, werd gebeld door een goede vriend. „Zet de televisie aan!”, schreeuwde hij. „Daar voltrekt zich een ramp!” Zo heb ik gezien hoe het volgende vliegtuig zich in de tweede toren boorde.

Ik heb lang in de West Village in Manhattan gewoond, de Tiende Straat vlakbij Hudson Street, met in de verte uitzicht op het WTC. Het begon te schemeren, in die wolkenkrabbers gingen de lichten aan. De kachel gaat aan, dacht ik. Als je de Zevende Avenue overstak richting Sheridan Square en je keek naar rechts, zag je ze staan.

Voor mij staan ze er nog. Ik ging er voor mijn plezier heen, bleef aan de rand van het souterrain staan en keek naar de roltrappen, de niet eindigende stroom mensen. Eén keer ben ik op de bovenste verdieping geweest. Daar heb ik het WTC in het heel klein gekocht, zo’n koperen modelletje. En op een mooie dag ben ik naast een van de torens gaan liggen, om hem nog hoger te maken.

Een week na de aanval verscheen in het Cultureel Supplement van deze krant een groot stuk van Arnon Grunberg. Hij woonde toen al in New York, maar had niets van de verwoesting gemerkt, hij beschreef het leven van alledag in zijn buurt. Zo gaat dat in een oorlog. Terwijl op 14 mei 1940 Rotterdam werd verwoest, zaten de Hagenaars hun boterhammetje te eten. Dolle Dinsdag, 5 september 1944, wordt dit jaar niet herdacht. Toen hadden we ons vergist, de bevrijders lieten nog acht maanden op zich wachten. In de Randstad ging de voetbalcompetitie gewoon door, met de nadruk op gewoon. Er was een spoorwegstaking nodig om er een eind aan te maken.

In de film Fahrenheit 9/11 van Michael Moore zien we hoe George W. Bush een schoolklas met kleine kinderen aan het voorlezen is. Er komt iemand binnen die hem het verschrikkelijke nieuws influistert. De president blijft voorlezen. Later is over deze gang van zaken heftige ruzie ontstaan. Iemand die zich toen moedig en koelbloedig heeft gedragen, was burgemeester Rudy Giuliani. Later heeft hij nog overwogen zich kandidaat te stellen voor het presidentschap, maar toen hadden we de eerste termijn van Bush jr. al achter de rug. Te laat.

Een paar weken na de aanval was ik weer in New York. De omgeving van het WTC was verboden terrein, maar uit de verte kon je de ruïne zien. Kon je ruiken wat er was gebeurd. Een lijkenlucht en geur van verschroeide steen. Rotterdam, mei 1940.

Al vlug na de ramp kwamen de eerste architecten met plannen voor de vervanging. Een galeriehouder, Max Protetch, gespecialiseerd in architectuur, begon de ontwerpen te verzamelen, schreef nog meer architecten aan en zo is er een boek ontstaan, A New World Trade Center, Design Proposals from leading architects worldwide. Een historische collectie van een stuk of vijftig ontwerpen, verschenen in 2002 bij HarperCollins. Veel bizarre denkbeelden van creatieve geesten die de kans grepen de wereld eens een poepie te laten ruiken. Ik had ook een plan. Herbouw de torens, maar maak ze tien meter hoger. Zo zal Osama bin Laden zien dat New York niet klein te krijgen is. En als Osama gevangen is, wordt hij tot besluit van zijn proces van de bovenste verdieping gegooid.

Een paar maanden na de aanval gingen Arnon Grunberg en ik eten in The Sazerac House, een aardig restaurant in Hudson Street, gevestigd in een achttiende-eeuws huis waar in die tijd een Nederlandse diamantair woonde. Daar kwam de ober. Op wie leek hij, vroegen we ons af. Mohammed Atta! De terrorist die waarschijnlijk de besturing van een van de gekaapte vliegtuigen overnam.

De Sazerac is al jaren geleden opgeheven. Daar is nu The House of Sixteen Ales gevestigd, je kunt er zestien soorten bier drinken. Wie wil dat? Een eindje verder, bijna op de hoek van Greenwich Avenue, was restaurant Bruxelles waar je goddelijk Belgisch kon eten. De eigenaar, een Waal, had genoeg geld verdiend en is gerepatrieerd. Dan Mullens Pub, een ordeloos Iers-Newyorks café. Al jaren geleden gesloten. En nu wordt het Chelsea Hotel verbouwd, waarschijnlijk tot een soort antiseptisch luxe sanatorium voor snobistische miljonairs.

Er is geen openbare gelegenheid waar je nog een sigaret mag roken. Central Park, de Boardwalk op Coney Island, alles rookloos. New York verandert in steeds hoger tempo. Volgens mij is dat met de catastrofe van de elfde september begonnen.

    • S. Montag