Twee judoka's, één ticket voor de Olympische Spelen

Anicka van Emden versloeg Elisabeth Willeboordse in de strijd om WK-brons. Slechts één van de twee judoka’s mag volgend jaar naar de Olympische Spelen. De bondscoach moet kiezen.

Parijs. - Twee judoka’s, één olympisch startbewijs. Het is een knoop die bondscoach Marjolein van Unen niet na een onderlinge wedstrijd doorhakt, ook niet als dat een partij om WK-brons is. Ze kijkt naar het totaalplaatje, wie wanneer op welke manier wint en van welke tegenstander. Toch maakte de overwinning van het talent Anicka van Emden (24) in Parijs op routinier Elisabeth Willeboordse (32) de keuze van de bondscoach weer een stukje lastiger.

De gewichtsklasse tot 63 kilogram is de enige waarin meer dan één Nederlandse goed genoeg is voor medailles bij titeltoernooien. De technisch sterke Willeboordse won olympisch brons (2008), twee EK-titels (2010) en WK-zilver (2009). Ze is vastbesloten haar loopbaan bij de Olympische Spelen van volgend jaar te besluiten met goud. Van Emden is fysiek sterk en durft worpen op elk moment in te zetten. Ze won dit jaar al zilver bij de EK in Istanbul en vindt dat zij net zo goed recht heeft op deelname in Londen.

Willeboordse en Van Emden, ook nog clubgenoten bij het Rotterdamse Budokan, troffen elkaar voor de partij in het Palais-Omnisports in Bercy zes keer eerder. De enige keer dat Van Emden won was bij de WK van vorig jaar in Tokio. Ze eindigde als vijfde, haar concurrente als zevende. Bij de EK van dit jaar kwam het niet tot een krachtmeting, want titelverdediger Willeboordse sloeg het toernooi over wegens een enkelblessure.

Even leek het erop dat Willeboordse en Van Emden elkaar ook in Parijs niet zouden treffen, toen de jongste van de twee in de kwartfinales verloor van de Japanse tweevoudig wereldkampioen Yoshie Ueno. Maar omdat Willeboordse het in de halve finales aflegde tegen de Française Grevise Emane, die later de wereldtitel behaalde, en Van Emden haar herkansingspartij won van de Chinese Yuhua Xu, kwam het toch tot de saillante tweestrijd.

Een jaar geleden besloten Van Unen, die Willeboordse coacht, en Chris de Korte, begeleider van Van Emden, hun pupillen niet bij te staan tijdens hun onderlinge strijd. „Maar we zijn met professionele sport bezig, waarbij we het beste voor de judoka’s willen, dus deden we dat nu wel. Wel waren we wat meer ingetogen dan anders”, zei Van Unen, nadat ze Willeboordse had getroost.

De bondscoach wilde zich niet uitspreken voor een van beide judoka’s, maar liet doorschemeren dat Van Emden een spectaculaire groei zal moeten doormaken. Willeboordse geniet als de meest ervaren van de twee een beschermde status en kan alleen worden gepasseerd bij een „wezenlijk verschil” met haar concurrente. „Het verschil was vandaag klein. Ik ben niet veel wijzer geworden en dat is jammer. Elisabeth hoort nog steeds bij de wereldtop, Anicka is alleen maar goed op weg.”

Willeboordse en Van Emden zullen de komende maanden de bondscoach en de vierkoppige technische commissie van de Nederlandse judobond moeten laten zien wie de meest geschikte kandidaat is. Van Unen gaf alvast aan dat ze de definitieve keuze niet op het laatste moment wil maken. „Snel duidelijkheid is het best voor de judoka die gaat. Ze moeten elkaar niet voor die tijd afmaken.”

Willeboordse en Van Emden trainen in Rotterdam intussen niet meer meet elkaar, als gevolg van de concurrentiestrijd. Ze kennen elkaar toch al door en door, stelde ook De Korte. De ervaren coach gaf zijn voorkeur niet prijs, maar zei wel te geloven in de stormachtige ontwikkeling van Van Emden. „Het is lastig, maar ik laat mijn judokennis op beiden los. Dan zien we wel wie er wint.”

Van Emden, die Willeboordse nu is gepasseerd op de olympische ranking, toonde zich „superblij” met haar eerste WK-medaille. „Vandaag was ik de beste, dat betekent dat mijn kansen zijn gegroeid. Maar ik moet dik over Elisabeth heen, door haar staat van dienst. Ik kan niet meer doen dan zo vaak mogelijk proberen te winnen bij de komende toernooien. Ik weet niet wie het meeste recht heeft op de Olympische Spelen, dat moet je aan de bondscoach vragen.”

Willeboordse, in het verleden geplaagd door twijfels, was strijdbaar na haar nederlaag. „Ik weet wat ik zelf moet doen en wil me op mijn eigen judo concentreren. Het verschil moet groot zijn en dat was het vandaag niet. De komende judotoernooien zijn beslissend. Ik denk dat we voor het einde van het jaar met de technische commissie aan tafel zitten.”

    • Michiel Dekker