Televisie met een tekort aan bezieling en geld

Het lijkt zo simpel en vanzelfsprekend: een wekelijks uur internationale kunstactualiteit, in aantrekkelijke vorm gegoten, op primetime. The Culture Show (BBC2) is een instituut en het wordt met plezier en deskundigheid gemaakt.

De aflevering van gisteren kwam uit Edinburgh, met het festival als rode draad. We zagen portretten van koningin Elizabeth II, het enige onafhankelijke toneelgezelschap van Wit-Rusland, een interview met componist Philip Glass, Chinees modern ballet en een pleidooi voor het behoud van de operateur in digitale bioscopen.

Ook daar zijn interviewers te vinden die meer met zichzelf bezig zijn dan met het onderwerp en is de humor soms wat geforceerd. Maar alles is op locatie gedraaid, met visuele humor en zonder snobisme of naïviteit.

Dat we in Nederland niet zo’n programma kunnen maken, is een kwestie van gebrek aan bezieling, maar vooral van geld. Het budget van de hele serie Vierkante ogen (VPRO) zal niet veel meer zijn dan 5 procent van een aflevering van The Culture Show.

Maar de serie, waarin Philip Freriks aan een tafeltje praat met „illustere gasten” over thematisch gegroepeerde „spraakmakende fragmenten” uit 60 jaar Nederlandse tv, is dan ook gemaakt voor themakanaal Geschiedenis24 en wordt om 10 uur ’s ochtends uitgezonden door Nederland 2.

Veel van die gesprekken zouden door Rembo & Rembo worden samengevat met de woorden: „Mag dat?” De vraag of satire niet te ver gaat, past in een lange historische traditie van het verzuilde bestel, maar nu heeft het iets potsierlijks om van Theo & Thea alsnog educatieve televisie te maken.

De langdurige en omstandige viering van het twaalfde lustrum van televisie in Nederland heeft precies te maken met het nakende einde van het oude omroepstelsel. Vroeger werd ook uitbundig stilgestaan bij zulke mijlpalen als 35 jaar NCRV of 45 jaar VARA. Op de fietspaden naar de landdag in Vierhouten strooiden politieke tegenstanders spijkertjes, zodat de omroepleden wisten welke offers ze brachten voor de enige goede zaak.

Deze zomer is het opvallend stil rond de vastgelopen fusiebesprekingen in Hilversum. Tenzij er in Hoge Vuursche een geheim akkoord gesloten is, kunnen we de komende maanden rekenen op zware turbulentie. In dat licht heeft de publieke omroep veel belang bij verscherpte attentie voor het rijke erfgoed en de onmisbaarheid van omroepen die wortelen in het maatschappelijke middenveld.

Nog zinniger dan feestelijk terugblikken zou een duiding zijn van de betekenis die ideologisch gekleurde televisie destijds had voor Nederlanders met een verzuilde identiteit en een analyse van wat we ons daar nu nog bij zouden kunnen voorstellen. Goed leven bij de KRO en lekker genieten van je pensioen bij MAX? Of misschien toch liever één nationale omroep met een nutsfunctie en genoeg geld voor programma’s?

    • Hans Beerekamp