DSK en het voordeel van de twijfel

‘Het is veel erger om een onschuldige te veroordelen dan een schuldige te laten gaan. Op deze fundamentele waarde van de rechtsstaat is de eis gebaseerd dat het Openbaar Ministerie schuld moet bewijzen die boven iedere twijfel is verheven. En dat was hier niet het geval.” Vervolgen mag nooit onder het motto ‘niet geschoten is

‘Het is veel erger om een onschuldige te veroordelen dan een schuldige te laten gaan. Op deze fundamentele waarde van de rechtsstaat is de eis gebaseerd dat het Openbaar Ministerie schuld moet bewijzen die boven iedere twijfel is verheven. En dat was hier niet het geval.”

Vervolgen mag nooit onder het motto ‘niet geschoten is altijd mis’, ook niet in zedenzaken

Dus moet Dominique Strauss-Kahn (DSK) voor onschuldig worden gehouden bij gebrek aan innerlijke overtuiging. Dit is de kern van het opzienbarende verzoek van de New Yorkse officieren van justitie om de aanklacht van de Afrikaanse kamerschoonmaakster tegen de Franse IMF-directeur weer van de zittingsrol te laten halen. Beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald, is hun redenering. Volgens hun recommendation for dismissal staat alleen vast dat de twee op 14 mei een „gehaaste seksuele ontmoeting” hebben gehad in suite 2806 van het Sofitelhotel.

De vrouw, hun enige en belangrijkste getuige, wist het Openbaar Ministerie niet te overtuigen van het strafbare karakter daarvan. Als de officier van justitie zelf niet van DSK’s schuld is overtuigd, kan hij evenmin een jury ervan overtuigen.

Hier is geen speld tussen te krijgen, lijkt me. Op de officier van justitie in het Amerikaanse rechtssysteem rust een verantwoordelijkheid die vergelijkbaar is met die in het Nederlandse. De aanklager is niet de eenzijdige belangenbehartiger van het slachtoffer. Hij is verplicht jegens de samenleving en de verdachte om recht te doen. De zaak winnen is ook belangrijk, maar dat hoeft alleen als het ook een zaak ìs.

Dit roept de vraag op of ook met de arrestatie en het publieke vertoon van DSK in handboeien destijds zo vroom het recht werd gediend. De officier verdedigt het met de stelling dat ze toen nog dacht een zogeheten probable cause te hebben, ofwel een redelijke verdenking, gebaseerd op feiten of vermoedens. Hun getuige begon immers geloofwaardig, maar verstrikte zich allengs in tegenstrijdige, ongeloofwaardige of onjuiste verklaringen – en dan niet alleen over de zaak.

Juridisch moet de officier na het vooronderzoek een stap achteruitdoen, het bewijsmateriaal wegen en als sluiswachter optreden voor de rechter. Dan geldt: bij twijfel niet vervolgen. Ook als de officier Dominique Strauss-Kahn eventueel onbetrouwbaar vindt, dan nog mag hij de verdachte niet vervolgen onder het motto ‘nooit geschoten altijd mis’. Het strafproces mag geen kansspel zijn. Het voordeel van de twijfel bij zwakke zaken komt verplicht toe aan de verdachte. Dit leidt ertoe dat ook waarschijnlijke daders de dans ontspringen. Dat is ingecalculeerd. Het recht kan niet alles, en het leven is oneerlijk.

In Nederlandse zedenzaken is een duidelijke trend naar niet-vervolgen, door schade en schande wijs geworden. In 2008 publiceerde de Landelijke Expertisegroep Bijzondere Zedenzaken een overzicht van alle twijfelachtige aangiften die waren gedaan tussen 2003 en 2007. Dit was een reactie op de stroom publiciteit die slachtoffers van vermeend misbruik of verkrachting veroorzaakten en de druk op justitie die dat opleverde. Slachtoffers krijgen in de media immers gratis aandacht en geloofwaardigheid. Velen wisten al meteen hoe het zat toen de DSK-zaak losbrandde, net als nu, bij de afloop – maar ook nu weten we het niet. Dat blijft vast zo.

De expertisegroep constateerde dat veel slachtoffers in de Nederlandse ‘bijzondere zaken’ ooit in therapie zaten. Aangifte doen ontslaat hen „van hun verantwoordelijkheid voor allerlei psychosociale problemen”. Wie aangifte doet, krijgt al credits, of redt zich hiermee uit een onaangename situatie. De politie biedt een luisterend oor. Dit oor hoort verhalen over misbruik in groepsverband op scholen en tijdens logeerpartijen, slachtoffers uit allerlei afhankelijkheidsrelaties – kind, patiënt, pupil, leerling – en misbruik dat varieerde van ‘gisteren’ tot decennia geleden, van ‘beelden’ en zelfs dromen tot aannemelijke feiten in felle details. De expertisegroep adviseerde in bijna 80 procent van de zaken het onderzoek te staken, wegens te weinig feiten.

Reageren? Nuanceren en argumenteren verplicht. Volledige naamsvermelding.

    • een onzer redacteuren