Broeikasgassen lozen, niemand die het merkt

Tabel uit het EMPA-onderzoek.

Europese landen blijken het niet altijd nauw te nemen met de registratie van broeikasgassen. Neem nou Italië. Uit een onderzoek in de Geophysical Research Letters blijkt dat het land in 2009 naar eigen zeggen 2,6 ton trifluormethaan (een uiterst venijnig broeikasgas, 14.800 keer sterker dan kooldioxide) heeft uitgestoten. Maar volgens metingen van het Zwitserse onderzoeksinstituut EMPA bedroeg de werkelijke emissie het tien tot twintigvoudige.

Ook Nederland heeft aan het klimaatbureau van de Verenigde Naties lagere cijfers doorgegeven dan door het EMPA zijn gemeten – al gaat het om een relatief geringe afwijking: 13 ton gerapporteerd, ongeveer het dubbele uitgestoten.

Het EMPA gebruikt voor het onderzoek een verfijnd meetstation op de Jungfraujoch in Zwitserland, 3.580 meter boven de zeespiegel. Iedere twee uur wordt daar de luchtsamenstelling gemeten. Voor het onderzoek hebben ze hun gegevens gecombineerd met die van een meetstation aan de Ierse westkust.

Grafiek van metingenGrafiek van metingen

Er komen regelmatig pieken in de metingen voor. En als die worden gevonden, dan wordt op basis van meteorologische computermodellen (hoe stond de wind? hoe hard waaide het? hoe diffuus was de wind?) teruggeredeneerd waar de stoffen vandaan kwamen. HFC-23 (dat het gas waarover een schandaal ontstond toen bleek dat China het speciaal produceerde om geld op te strijken via het Clean Development Mechanism van het Kyoto-protocol; lees hier een recent nieuwsbericht) wordt in het gebied dat door de EMPA-gegevens wordt bestreken, nog maar door zes bedrijven als restproduct in de atmosfeer geloosd.

In Nederland gaat het om Dupont in Dordrecht, waar HFC-23 als restproduct vrijkomt bij de productie van freon 22, een grondstof voor teflon. Een woordvoeder van Dupont legt vandaag in NRC Handelsblad uit dat het bedrijf zich houdt aan alle regels en keurig opgeeft wat er gemeten wordt. Volgens hem is het verder een zaak tussen het EMPA en de Nederlandse overheid. Dupont doet er verder alles aan om de uitstoot van HFC-23 zo laag mogelijk te houden.

Onderzoeker Stephan Reimann verklaart het gat tussen meting en rapportage uit de zwakte van de controle. ,,Land A mag land B controleren. Maar als land A het zelf niet zo nauw neemt met zijn registratie, zal het niet gauw bereid zijn om land B hard aan te pakken”, zegt Reimann desgevraagd in een telefoongesprek. En landen zijn en natuurlijk bij gebaat om hun emissiecijfers zo laag mogelijk te houden.

Reimann zegt dat het onderzoek in de eerste plaats moet aantonen dat er veel schort aan de controlemechanismen. Hij bepleit duidelijke afspraken daarover in toekomstige klimaatverdragen. Het EMPA wilde vooral laten zien dat controle via onafhankelijke metingen heel goed mogelijk is.