Wie oh wie oh in Copa, Copacabana

Als je Rio de Janeiro zegt, zing je eigenlijk al. Zo’n mooie naam, zoveel lettergrepen met al die klinkers. En Rio in liedjes, dat is meestal feest. Met de samba en de bossanova en, meer recentelijk, regelrechte stampdeunen (in het genre Brasiiiiiiiil/ La-la-la-la-la-la-la-laaaaa). We bezoeken Rio in vijf liedjes, te beginnen met de stranden Copacabana en Ipanema.

Fout! Copacabana van Barry Manilow, uit 1978, gaat niet over het wereldberoemde strand van Rio, maar over een befaamde nachtclub in New York. Maar ach, wat maakt het uit. Je hoort Copa en je denkt: Rio. Het is een spannend liefdesverhaal (vriendje van zangeres wordt in de club neergeschoten – let op de schrille krijs) en dat alles op een verleidelijk ritme, langzaam opgebouwd met getrommel op de conga en geklingklong op een koebel. Her name was Lola, she was a showgirl/ With yellow feathers in her hair and a dress cut down to there/ She would merengue and do the cha-cha/ And while she tried to be a star, Tony always tended bar/ At the Copa/ Copacabana/ The hottest spot north of Havana/ At the Copa/ Copacabana/ Music and passion were always the fashion/ At the Copa/ They fell in love.

Dan dat andere strand van Rio, ook weer met een meisje: The girl from Ipanema, in 1962 groot gemaakt door Astrud Gilberto, daarna door velen gezongen. Vreselijk irritant, zijig bossanovamelodietje (u kent het misschien wel uit de lift), niet echt party in Rio. Tall and tan and young and lovely/ The girl from Ipanema goes walking/ And when she passes/ Each one she passes/ Goes ‘Ahhh!’

Even een niemendalletje: Groetjes uit Rio van Willeke Alberti. Kent u nog haar criminele Ome Jan (van dat verschrikkelijke En we gingen op vakantie/ Van het geld van ome Jan)? Dat nummer kreeg in 1994 een vervolg – eigenlijk het noemen niet waard, maar omdat iemand de brille had Rio te laten rijmen op wie oh wie oh, mag het hier toch: Er lag een kaart met de groetjes uit Rio, maar de afzender stond er niet bij/ En ik dacht bij mezelf wie oh wie oh stuurt er nu zoiets naar mij/ Een dag of zeven later kreeg ik opeens een brief/ Van m’n ome Jan en ja, hij blijkt nog altijd even lief.

Nu de vrolijke Rio-meezingers. Eerst Australiër Peter Allen met I go to Rio uit 1977. Als je het aanstekelijke piano-intro hoort is stilzitten niet meer mogelijk. When my baby/ When my baby smiles at me I go to Rio/ De Janeiro/ My-oh-me-oh/ I go wild and then I have to do the samba/ And la bamba/ And I am free at last/ What a blast!

De zussen Aaltje en Doetje de Vries hadden in 1981 (toen ze zich Alice May en Karen Wood noemden) als Maywood een hit met Rio, dat de derde plek in de Top 40 haalde. Ook een geheide meezinger. Oefen vooral op de uithaal: Oooooh... Rio! Saying goodbye to friends/ Saying goodbye to lonelyness/ I’m on my way to Rio/ The place where I wanna be/ Don’t you ask me why/ Got to live a little longer/ Don’t you start to cry/ Got to be a little stronger/ (bis!)/ Oooooh... Rio de Janeiro/ Rio-oh-oh-oh-oh/ Land of sun/ Samba and wine/ Rio de Janeiro/ Rio-oh-oh/ I feel fine.