‘Speciale eenheden hielpen rebellen op de grond in Libië’

Levenloze lichamen bij de zuidelijke ingang van Gaddafi's compound terwijl de rebellen hun schoonveegactie in Bab al-Aziziya voltooien. Foto Reuters / Zohra Bensemra

De Libische rebellen zijn door elite grondtroepen uit Groot-Brittannië, Frankrijk Jordanië en Qatar geholpen tijdens de slag om Tripoli. Het regime is omver geworpen met behulp van deze troepen, meldt een NAVO-functionaris, terwijl die verdragsorganisatie de inzet van grondtroepen in Libië altijd afwees.

Tegenover CNN verklaarde de bron dat vooral de Britten de rebellen hebben bijgestaan door “te helpen hen beter te organiseren voor het uitvoeren van missies”. Sommige van de troepen uit de vier genoemde landen zouden met de opstandelingen diverse steden hebben veroverd in Libië.

In het algemeen hebben de speciale eenheden de opstandelingen geholpen met het “verbeteren van hun tactieken”. Ook zouden ze informatie over doelwitten van NAVO-luchtaanvallen en surveillancevluchten hebben overgedragen. Tevens is geholpen bij de communicatie tussen de diverse rebellengroepen tijdens de aaanval op Tripoli. Militairen uit Frankrijk en Qatar zouden ook wapens hebben gegeven.

Volgens de VN-resolutie die voor Libië geldt, is het inzetten van grondtroepen niet verboden. Een bezettingsmacht is niet toegestaan. De NAVO heeft niet willen reageren, maar had officieel als standpunt dat het geen militairen op de grond wilde hebben.

Overigens zijn er in Tripoli nog steeds enkele brandhaarden op plekken waar strijdkrachten loyaal aan Moammar Gaddafi zich hebben verschanst. Ook elders in het land, zoals bij de steden Sabha en Gaddafi’s geboorteplaats Sirte wordt nog gevochten. Er zijn onbevestigde berichten dat de NAVO nog steeds luchtaanvallen uitvoert.

    • Jules Seegers