Nieuwe psychiatrische zorg voor gevangenen functioneert goed

Vijf nieuwe centra voor psychiatrische zorg aan gevangenen draaien goed. Dat concludeert de Inspectie voor de Gezondheidszorg na een eerste onderzoek. De vijf ‘penitentiair psychiatrische centra’, opgericht sinds 2009, zijn ondergebracht in gevangenissen in Amsterdam, Scheveningen, Vught, Zwolle en Maastricht.

Het aantal gevangenen met psychiatrische ziekten neemt al jaren toe. Van de 18.000 gevangenen heeft ongeveer 10 procent psychiatrische zorg nodig. Vaak gaat het om mensen met schizofrenie, een verslaving en/of een verstandelijke beperking, die weigeren medicijnen te slikken.

De vijf nieuwe centra, met in totaal een kleine 700 plaatsen, mogen dwangmedicatie toepassen, in tegenstelling tot gewone huizen van bewaring. Met hun behandeling en nazorg moeten ze ook voorkomen dat patiënten door hun stoornis steeds opnieuw een misdrijf begaan. Of de centra de recidive inderdaad terugdringen, wordt later onderzocht.

Volgens de zorginspectie functioneren de centra tot nu toe „boven verwachting”. Wel is het ontbreken van „een integraal en goed toegankelijk patiëntendossier” nog een probleem. In een reactie aan de Tweede Kamer stelt staatssecretaris Teeven (Justitie, VVD) te streven naar elektronische patiëntendossiers in 2013. Hij concludeert dat de centra „een goed zorgklimaat” bieden voor gevangenen met een psychiatrische stoornis.

De centra staan los van de tbs-klinieken. Verdachten kunnen alleen tbs krijgen als ze een zwaar delict hebben begaan dat verband houdt met hun stoornis. Is dat niet zo, dan komen ze in een gewone gevangenis.