De ellende begon toen de mens intelligenter werd

De aandacht voor het taoïsme blijft doorgaans beperkt tot de vroegste auteurs, zoals Laozi en Zhuangzi. De Vlaamse sinoloog Jan de Meijer presenteert nu een relatief onbekend gebleven 9de-eeuws werk, gepubliceerd onder het veelzeggend zelfrelativerende pseudoniem Wunengzi, ofwel Meester Nietskunner.

‘Als een Chinese Rousseau lijkt Meester Nietskunner een terugkeer naar de natuur te prediken: ook dieren, benadrukt hij, handelen spontaan en zonder intenties. De ellende begon voor de mens doordat zijn intelligentie toenam: daaruit ontstonden de menselijke conventies die de natuur geweld aandoen, de menselijke onderscheidingen die slechts aanzetten tot jaloezie en haat, en de confucianistische deugden als medemenselijkheid en plichtsbesef. Alle eerbetoon, ambten en adellijke titels, verkondigt hij zijn, zijn slechts bedriegelijke praatjes: de ware edele verbergt juist zijn kracht, en lijkt op een dwaas.’

De volledige bespreking van Wunengzi door Michiel Leezenberg kunt u hier lezen.