Polderen in Tripoli

Net een half uur naar de persconferentie van Moussa Ibrahim geluisterd – de officiële woordvoerder van kolonel Gaddafi. Fascinerende man. Spreekt vloeiend Engels, wijt alle ellende in zijn land aan de NAVO en zat er, toen hij het dodental van de afgelopen 24 uur opsomde, tot twee keer toe een kleine duizend gesneuvelden naast – iets waarvan hij straks in het Libische parlement wel zal toegeven dat het een „onhandige rekensom” was.

Waarvoor excuses.

Natuurlijk moest ik onmiddellijk terugdenken aan de Irakese minister van Informatie, u weet wel: de man die, zelfs toen Saddam Hoessein al in de Amerikaanse kappersstoel zat en diens standbeeld van zijn sokkel werd getrokken, vrolijk bleef volhouden dat het Irakese leger „alles onder controle” had. In een oorlog sneuvelt de realiteitszin altijd als eerste. Zo ook bij Moussa: die wilde na 42 jaar brute onderdrukking opeens „democratisch overleg” met de rebellen, om te kijken of er ook een „vreedzame oplossing” mogelijk was.

Polderen in Tripoli.

Niet dat wij hier overlopen van realisme trouwens. Na de CIA-coup in 1953 in Iran (resultaat: een dictatuur met nucleaire ambities), onze steun aan de Mujahideen in de jaren 80 (resultaat: een terreurnetwerk genaamd Al-Qaeda), de inval in Afghanistan in 2001 (resultaat: Taliban Paradise) en de inval in Irak in 2003 (resultaat: een burgeroorlog zonder eind), proberen we het nu maar eens in Libië. Een land dat al sinds de zevende eeuw een tribale puinzooi is, wiens economie uitsluitend drijft op olie en waar meer dan de helft van de bevolking jonger is dan vijftien jaar, gaan wij de 21ste eeuw in bombarderen door ons blind te scharen achter een opstand waarvan niemand de agenda weet. 34 NAVO-landen hebben de opstandelingen al officieel als regering erkent, geen enkele heeft enig idee wat te doen als Gaddafi eenmaal weg is. Een ‘Mission Accomplished’-vlag ophangen misschien? En dan wachten tot de rivaliserende stammen een datum voor de verkiezingen hebben geprikt? Of toch nog even aanzien en over een jaar of twee vijftig politieagenten sturen voor een cursus bonnenschrijven? Ik zie de persconferentie van onze minister van Informatie vol verwachting tegemoet.

Rob Wijnberg

    • Rob Wijnberg