NAVO vreest chaos na Gaddafi

Op het NAVO-hoofdkwartier in Brussel wordt het nieuws uit Tripoli met wisselende stemming gevolgd. Nu eens lijkt alles met één hand wel te lukken, dan vreest men chaos.

Members of the Libyan community in Malta remove copies of Muammar Gaddafi's Green Book from the library at the Libyan Arab Al Fateh School in Saint Julian's, outside Valletta, August 22, 2011. REUTERS/Darrin Zammit Lupi (MALTA - Tags: CIVIL UNREST POLITICS CONFLICT) MALTA OUT. NO COMMERCIAL OR EDITORIAL SALES IN MALTA REUTERS

In het NAVO-hoofdkwartier in Brussel werd gistermiddag opgelucht vooruit gekeken: welke rol zou er nog zijn voor het militaire bondgenootschap ná Gaddafi?

Het operationeel comité vergaderde erover. De ambassadeurs van de 28 NAVO-lidstaten maakten zich klaar voor een extra bijeenkomst. Een naaste medewerker van secretaris-generaal Rasmussen belde gisteravond lang met het VN-hoofdkwartier in New York. Hoe ver waren ze daar met hun voorbereidingen voor het post-Gaddafi-tijdperk?

Dat Duitse diplomaten bleven waarschuwen – de strijd in Tripoli was nog niet voorbij – verpestte de sfeer bij de NAVO niet.

Er heerste onderdrukte triomfantelijkheid. „We zeggen zelf altijd dat militair optreden nooit dé oplossing kan zijn”, zei een NAVO-functionaris. „Nu blijkt het toch zo te zijn.”

NAVO-medewerkers die vijf maanden geleden nog geïrriteerd spraken over de ‘Sarko-show’, omdat Frankrijk maar met moeite het commando over de bombardementen op Libië overdroeg aan de NAVO, gunden de Franse president nu alle eer. „Hij heeft in het voorjaar zijn nek uitgestoken. Terecht dat hij het succes claimt.”

Duitse NAVO-diplomaten hadden er, in opdracht van hun regering in Berlijn, al meteen geen vertrouwen in. In achtergrondgesprekken onderdrukten zij hun triomfantelijkheid – maandenlang leek de strijd tegen het Gaddafi-regime in een impasse te verkeren.

Militaire analisten van buiten de NAVO waren ervan overtuigd dat Gaddafi niet zou vallen zonder NAVO-troepen op de grond in Libië. En daar waren de meeste NAVO-landen tegen.

Vanochtend was er opeens weer twijfel op het NAVO-hoofdkwartier. „Misschien duurt het allemaal toch langer dan we dachten”, zegt een ambtenaar. „Dat maakt onze plannen vaag.”

In de vergadering van het operationeel comité was het gistermiddag vooral lang gegaan over de mogelijkheid dat NAVO-militairen humanitaire konvooien zouden gaan beschermen – op vliegvelden en in havens.

Duitsland moet daar weinig van hebben, en ook andere landen willen het liever niet. De meeste lidstaten vinden dat het nu aan de VN, de Europese Unie en vooral ook aan de regio zelf is – buurlanden, de Afrikaanse Unie, de Arabische Liga – om Libië verder te helpen.

Alleen als het om een korte periode zou gaan, op een klein gebied en op dringend verzoek van de nieuwe Libische machthebbers zelf, zou de NAVO zo’n militaire inzet in Libië bespreekbaar vinden.

De NAVO wil Libië wel helpen bij het trainen van militairen en het opbouwen van een leger en een ministerie van Defensie. Daar heeft het bondgenootschap ervaring mee.

Er wordt al gedacht aan een speciaal ‘partnerschap’ van de NAVO met Libië. Volgens bronnen in Brussel zijn het vooral de Britten die al een tijdje met de Libische rebellen praten over militaire hulp ná Gaddafi. „De Britten hebben geleerd van Irak. Ze hebben stevige plannen om het leger en de politie van Gaddafi meteen aan zich te binden. De Libische Overgangsraad heeft zich daar ook al aan gecommitteerd.”

Secretaris-generaal Rasmussen zei al maanden geleden dat zijn bondgenootschap de leiding uit handen geeft als Gaddafi weg is.

Voor de NAVO was het vanaf het begin lastig geweest. De NAVO-landen waren ernstig verdeeld over de bombardementen, ze deden er ook lang niet allemaal aan mee en voor het eerst waren het níet de Amerikanen die voorop liepen bij een NAVO-operatie, maar de Fransen en de Britten. „Zelfs met één hand op onze rug lijkt het de NAVO nu toch te lukken”, zei een diplomaat gisteren.

In het operationeel comité was gisteren al duidelijk dat de NAVO boven Libië zal blijven vliegen zolang er geen internationale ‘stabilisatiemacht’ is die het toezicht kan overnemen. Als Gaddafi echt weg is, geldt het NAVO-optreden als een succes. Maar als het meteen daarna helemaal misgaat in Libië, zal de glans van dat succes snel verbleken, denken NAVO-diplomaten. „Het zal op ons afstralen als het mislukt.”