'Ik wil een toneelrol bezielen'

De Vlaamse actrice Reinhilde Decleir, jongere zuster van acteur Jan Decleir, is „een oermoeder” in de Griekse tragedie Trojaanse Vrouwen op het Zeeland Nazomerfestival.

„Het toneelstuk is een lamento”, zegt hoofdrolspeelster Reinhilde Decleir over haar rol van Hekabe in de Griekse tragedie Trojaanse Vrouwen. „Ik ben een oermoeder die haar man, zonen en dochter heeft verloren in de strijd tegen de Griekse overmacht.”

Vanavond gaat Trojaanse Vrouwen in première tijdens het Zeeland Nazomerfestival op een symbolische plek, het vervallen en verlaten Veerplein van de voormalige veerdienst Perkpolder-Kruiningen.

Regisseur en ontwerper Niek Kortekaas en dramaturg Alex Mallems zien deze locatie als „een plek van deportatie, het is een hedendaags vluchtelingenkamp”. Mallems wijst naar de overkant, naar de kustlijn van Zuid-Beveland: „Daar zou zomaar Griekenland kunnen liggen, het land waarheen de gevangen genomen Trojaanse vrouwen als oorlogsbuit worden weggevoerd.”

De Vlaamse actrice Reinhilde Decleir (63) is de jongere zuster van acteur Jan Decleir. De overeenkomsten zijn opmerkelijk: hetzelfde expressieve gelaat, het wilde golvende haar, de melodieuze dictie. In Vlaanderen wordt wel gesproken „over de grote schaduw van broer Jan waarin zus Reinhilde zou staan”, maar ze heeft daar nooit last van gehad. Integendeel. „Ik leer veel van Jan, we zijn als collega’s. Toneelspelen betekent voor ons het bezielen, het leven geven van een rol.” In Vlaanderen heeft zij haar eigen gezelschap Tutti Fratelli dat aan kansarmen de kans biedt theater te maken. Als actrice trekt ze aandacht in televisieseries als Van vlees en bloed en De Ronde.

De gebeurtenissen in Trojaanse Vrouwen, waarbij vrouwen door de Grieken als seksslavinnen worden geronseld, noemt ze verschrikkelijk. Maar de ontroering en de woede daarover wil ze overbrengen met behulp van taal. „Taal is de essentie van acteren. Bij elke zin probeer ik te achterhalen wát er precies gezegd wordt. Ik bevind me in een situatie waarin ik het verdriet ‘voorbij’ ben. Alleen als de soldaten Hekabe’s laatste kleinkind doden, dan breekt er iets in mij. Dan draag ik plots een kinderlijkje in mijn handen.”

Volgens Decleir ondergaan de Trojaanse vrouwen „een moordend verdriet”. Hun stad is verwoest. Ze zijn overgeleverd aan de willekeur van de Grieken. Aanvankelijk was Decleir beducht voor de immense speelruimte. Tussen twee muren van zeecontainers ligt een speelvloer van meer dan 60 meter lengte. „Deze plek is mooi én tegelijk concreet. Ik kan me moeiteloos voorstellen dat we ons hier in het platgebrande Troje bevinden.”

Trojaanse Vrouwen van Euripides. Première: 23/8 Veerplein Perkpolder. Verzamelplaats: Restaurant De Linde, Kloosterzande. T/m 3/9. Inl: nazomerfestival.nl