Zonder aparte wet is het medisch dossier goedkoper

Artsen en apothekers willen gegevens van hun patiënten landelijk uitwisselen. Dat kan binnen de bestaande regels. Hun plan is eenvoudig én goedkoop, zeggen ze.

Het elektronisch patiëntendossier (EPD) is niet van de baan, ook al stemde de senaat tegen. Zorgverleners willen de invoering van zo’n dossier nu zelf regelen. Vijf vragen over hun plan.

1Waarom moest er ook alweer een EPD komen?

Een landelijk elektronisch patiëntendossier zou uitwisseling van patiëntgegevens tussen huisartsen, apothekers en specialisten vergemakkelijken. Nu delen ze hun informatie alleen binnen hun regio. Voor een Limburger die in Groningen een beroerte krijgt, kan het van levensbelang zijn dat de behandelend arts snel over zijn medische gegevens beschikt. Al jaren bepleiten politici een EPD. Het zou de zorg verbeteren en de hulpverlening efficiënter maken.

2De Eerste Kamer wilde het project toch niet? Kan dit wel?

In april stemde de senaat unaniem tegen het EPD. De Tweede Kamer steunde het wetsvoorstel wel, maar de senatoren vonden de privacy van de patiënt slecht gewaarborgd. Zij pleitten voor verbetering van de regionale systemen.

Vijf artsen- en apothekersorganisaties zijn nu van plan de invoering van het patiëntendossier op zich te nemen. Dan zijn de investeringen tot nog toe, 300 miljoen euro, niet voor niets geweest. De vijf zeggen de wensen van de Eerste Kamer te respecteren: verbetering van de bestaande regionale systemen en goede privacybescherming. Daar is geen nieuwe wetgeving voor nodig. De uitwisseling van patiëntgegevens verschilt nu nog per regio. Als er een gemeenschappelijke ‘taal’ komt, kunnen de regionale systemen op elkaar aansluiten voor landelijk gegevensverkeer.

3Wat is het verschil tussen het ‘oude’ en het ‘nieuwe’ plan?

In het verworpen wetsvoorstel van minister Schippers (Volksgezondheid, VVD) waren alle zorgverleners verplicht zich aan te sluiten bij het EPD. In het nieuwe plan is sprake van vrijwilligheid; zorgprofessionals hoeven niet deel te nemen.

In het oude plan zouden de medische gegevens van alle Nederlanders worden uitgewisseld, tenzij zij daar zelf bezwaar tegen aantekenden. In het nieuwe plan moeten patiënten nadrukkelijk toestemming aan hun huisarts of apotheek geven, voordat die hun gegevens mogen delen.

4Is het dan wel goed geregeld met de privacy?

Daarover verschillen de meningen. Politieke partijen, van CDA tot SP, hebben al zorgen geuit toen er geruchten gingen over de nieuwe plannen. Het ministerie heeft in april zijn handen van het EPD afgetrokken en investeert er niet langer in. De vraag is of private partijen, zoals belangenorganisaties van artsen en apothekers, beter in staat zijn de privacy van burgers te beschermen dan de overheid. Zij zeggen dat zij het kunnen. In ieder geval zullen ze zich aan de wet en alle privacyregels moeten houden. Maar hoe zij met misbruik omgaan, bijvoorbeeld door zorgverzekeraars, is onduidelijk. In Schippers’ voorstel stonden daar straffen op. Op dit moment worden per jaar zo’n 100 miljoen medische gegevens uitgewisseld.

5Dit nieuwe EPD wordt veel goedkoper. Hoe kan dat?

Nu het EPD-wetsvoorstel van tafel is, zijn veel eisen vervallen. Nederlanders hoeven bijvoorbeeld niet meer vanachter de pc thuis hun dossier te kunnen inzien, en ze hoeven geen sms’je meer te ontvangen als iemand hun dossier heeft geraadpleegd. Dat bespaart kosten. Daardoor zou jaarlijks niet meer dan 10 miljoen euro nodig zijn voor het EPD. Zorgverzekeraars zouden ook bereid zijn een financiële bijdrage te leveren.