Paniek om niks op de Harleydag

Uit angst voor ruziënde motorclubs, was er in Breda massaal politie op de been.

Maar in plaats van relschoppers kwamen er tandartsen en makelaars.

Het evenement ging niet door, maar de motorrijders hebben zich niet laten weerhouden. De organisatoren konden of wilden niet voldoen aan de almaar strengere eisen die de gemeente Breda stelde aan de jaarlijkse Harleydag, die de afgelopen jaren vele tienduizenden bezoekers naar de stad trok. Niettemin hebben zich gisterochtend op verschillende plaatsen in de stad enkele honderden motorrijders verzameld.

Zoals in de Bredase bossen. Keurige mensen zo op het oog, verpakt in leer en suède, behangen met speldjes, en gestoken in een T-shirt met de tekst ‘Harleydag Breda 2011’ waarbij het getal 11 is gevormd door twee opgestoken middelvingers van het skelet van een hand. Eronder de tekst ‘The town where the freeway ends...’. Het zijn tandartsen, fysiotherapeuten, medisch specialisten, makelaars. „Door het verbieden van dit soort evenementen worden wij als criminelen weggezet, maar we zijn allemaal heel nette mensen”, zegt motorrijder Johan Ackermans.

De dames en heren laten zich een ontbijt bij café-restaurant De Kogelvanger goed smaken, poseren voor een actiefoto waarvan de opbrengst naar een goed doel gaat, en vertrekken met loeiende motoren voor een honderd kilometer lange rondrit. Gadegeslagen door de politie, die groots is uitgerukt met platte pet, op paarden, op de fiets, in busjes, en op de motor. „Ik rijd op de motor en ik krijg ervoor betaald”, grijnst een agent.

Na de rondrit rijden de Harleys de binnenstad van Breda binnen. Niet gehinderd door de vrijwilligers van de organisatie die tot vorig jaar de motoren volgens vaste routes begeleidden, maar voorzichtig toegesproken door toezichthouders van de gemeente Breda, en in het oog gehouden door een overmacht aan politie, die schijnbaar willekeurig passanten preventief fouilleert. „Dat moet wel, wij mogen niet alleen bepaalde groepen personen fouilleren”, verklaart een woordvoerder van de politie.

De sfeer is gespannen. De binnenstad is door burgemeester Peter van der Velden uitgeroepen tot „veiligheidsrisicogebied”. Dit na de berichten van afgelopen weken dat vandaag weleens uit zou kunnen draaien op ruzies tussen rivaliserende motorclubs, met name Hells Angels en Satudarah. Leden van deze laatste motorclub zouden zich „intimiderend” hebben gedragen in het Bredase uitgaansgebied. Ook waren er de afgelopen week diverse berovingen in het stadspark. Op de Grote Markt wandelt burgemeester Van de Velden. Hij glimlacht naar de bestuurders van Harleys die stapvoets maar luid brullend langs hem heen schuiven. De burgemeester wil er graag op wijzen dat deze zondag, door motorrijders bestempeld als „non-Harleydag”, erg gemoedelijk verloopt. „Het gaat allemaal in een prettige sfeer.” Dat de dag dit jaar niet doorging, is een besluit geweest van de organisatie zelf, benadrukt Van der Velden.

Niet iedereen is blij met de aanwijzing, ook de komende weekeinden nog, van de binnenstad tot risicogebied. Het doet afbreuk aan het imago van gastvrije stad en er wordt „een sfeer van angst” gewekt, zegt een ondernemer. „Waarom heeft Breda de teugels niet juist wat laten vieren?” Burgemeester Van der Velden: „Er waren signalen, dus ik moest mijn verantwoordelijkheid nemen.”

De middag loopt ten einde. De dag is zó kalm verlopen dat de politie heeft besloten het preventief fouilleren voorlopig achterwege te laten. „Er zijn nogal wat mensen die zeggen: moet dat nou? Of: waarom ik?” aldus een politiewoordvoerder.

Op de terrassen zitten de motorrijders. Bezweet. „Het was heel warm onderweg”, zegt secretaris Rob Zoeteweij van de Bredase afdeling (‘chapter’) van de Harley Owner Group. Ze drinken fris of een enkel glas bier. Niet te veel, want ze willen hun motor heelhuids thuis brengen.