Oerkreten van Noors verdriet echoën over de wereld

De Noren sloten met ceremonies in Oslo en op het eiland Utøya een maand van nationale rouw af na de aanslagen van 22/7.

„Degenen die iemand verloren hebben zullen merken dat het verdriet toeneemt naarmate uitingen van nationale rouw afnemen. Ook als Noorwegen niet meer in het brandpunt van de belangstelling staat moeten we deze mensen blijven steunen.”

De Noorse koning Harald deed gisteren tijdens een ceremonie in Oslo een dringend beroep op zijn volk om medeleven te blijven betuigen aan de nabestaanden van de aanslagen van 22/7. „Want”, zei hij „alleen op die manier eren wij de 77 mensen die zich wilden inzetten voor onze maatschappij.”

Met de ceremonie werd gisteren een maand van nationale rouw afgesloten in Noorwegen. In de Oslo Spektrum Arena – waar ook concerten voor de Nobel Vredesprijs worden gehouden – eerden 6.700 mensen de slachtoffers van de gewelddadige acties van Anders Behring Breivik in Oslo en op het eiland Utøya. In het publiek zaten overlevenden, nabestaanden, reddingswerkers, politici en royals van bevriende buurlanden. De bijeenkomst werd live uitgezonden op de Noorse televisie.

„We hebben jullie nodig”, zei ook de Noorse premier Jens Stoltenberg. „Waar je ook woont, welke God je ook aanbidt, ieder van ons kan verantwoordelijkheid nemen en onze vrijheid bewaken. Samen zijn wij een onbreekbare ketting van zorg, democratie en veiligheid. Die beschermt ons tegen geweld.” Stoltenberg kreeg een staande ovatie voor zijn toespraak. Bij veel Noren oogst hij lof voor zijn pacificerende taal.

Indrukwekkend was het deel van de ceremonie waarbij de namen van de slachtoffers werden voorgelezen. Sommige aanwezigen uitten hun verdriet bij het zien van de foto van hun geliefde, ouder of kind. Hun oerkreten echoden door de zaal en riepen overal in de wereld reacties op. Op Twitter konden mensen hun medeleven met de slachtoffers betuigen. Iedere keer als iemand een tweet met #Utøya verstuurde, ging er een lampje aan op een digitale wereldkaart.

In de dagen voor de ceremonie in Oslo waren 1.500 overlevenden en nabestaanden naar Utøya afgereisd. Sommigen van hen zagen ernaar uit het eiland weer te bezoeken, anderen arriveerden met knikkende knieën. „Ik hoopte stiekem het eiland van voor 22 juli aan te treffen”, zei overlevende Stine Renate Haaheim na afloop van haar bezoek tegen persbureau AP. „Deze trip was heel belangrijk voor mij. Ik wilde zo snel mogelijk terug.”

Veel van de overlevenden en nabestaanden legden briefjes neer op de plaatsen waar jonge socialisten door Breivik waren vermoord. Er werd gezongen: dezelfde liederen die in de uren voor de komst van de scherpschutter ten gehore waren gebracht. Eskil Pedersen, de leider van de Jong Socialisten, sprak van een „zware maar goede bijeenkomst”. Het was volgens hem heel goed „de overlevenden weer te zien lachen op Utøya”. Pedersen arriveerde samen met premier Stoltenberg, die de overlevenden „een hart onder de riem wilde steken”.

Vlak voor de bijeenkomst op Utøya besloot rechter Hugo Abelseth dat Breivik nog vier weken in een isoleercel moet doorbrengen. Abelseth begreep diens klacht dat isolatie „saai, monotoon en sadistisch” is, maar achtte het niet ondenkbaar dat de schutter met bewijsmateriaal zou knoeien of contact met mogelijke handlangers zou zoeken.

    • Danielle Pinedo