Intimiterend verzuim na klap van Dordt

Vraag van een lezer: „Onlangs hoorde ik iemand in Rotterdam het woord heiligendag gebruiken voor ‘plek, bijvoorbeeld op een muur, die bij het verven is overgeslagen’. Ik heb het woord opgezocht in de Grote Van Dale, maar dit woordenboek geeft slechts als betekenis ‘dag, aan een bepaalde heilige gewijd’. Bestaat die andere betekenis wel?”

Antwoord: opmerkelijk genoeg maakt de Grote Van Dale onderscheid tussen heiligendag (met een n) en heiligedag (zonder n). Heiligendag met een n betekent volgens dit woordenboek inderdaad alleen ‘dag, aan een bepaalde heilige gewijd’. Heiligedag zonder n heeft volgens Van Dale drie betekenissen, namelijk ‘iedere katholieke kerkelijke feestdag die niet op zondag valt’, ‘ongedekte plek, plek die bij het verven, witten, teren is overgeslagen’ en ‘kale plek in de baard’.

Waarom het ene woord wel een n heeft en het andere niet, is mij volstrekt onduidelijk.

Maar goed, heiligedag komt dus wel degelijk voor in de betekenis ‘ongedekte plek’ en dat is al lang zo. Het Woordenboek der Nederlandsche Taal, het wetenschappelijke woordenboek van het Nederlands, vermeldt deze betekenis al sinds 1902, en de Grote Van Dale sinds 1914. Dialectonderzoekers hebben deze betekenis de afgelopen eeuw onder meer aangetroffen in het Zaans, Tilburgs en Sittards.

De verklaring is waarschijnlijk dat het werk op heiligedagen stillag. Als men de dag erna verder ging, kon men makkelijk een plekje vergeten. Verder zal er ironie in het spel zijn, want de uitdrukking een heiligedag van iets maken betekent ‘iets met de uiterste nauwkeurigheid doen’. In 1986 signaleerde de dialectoloog Cor Swanenberg in Oost-Brabant nog de zegswijze die maakt van z’n gat een heiligendag, voor ‘hij blijft heel lang op het toilet’. Lees: hij poept met enorme nauwkeurigheid.

Overigens kennen ook de Britten holiday voor ‘a spot carelessly left uncoated in tarring or painting’, aldus de Oxford English Dictionary. De vroegste bron voor deze betekenis is een slangwoordenboek uit 1785, dus kennelijk bestaat deze beeldspraak al eeuwen.

Tot slot: allerlei bronnen kennen heiligedag ook voor ‘plek die bij het schoonmaken of afstoffen is vergeten’. In de enigszins onfrisse betekenis ‘kale plek in de baard’ lijkt heiligedag vooral in Gent te zijn voorgekomen – en misschien zegt men het daar nog.

Klap van Dordt. Een andere lezer schreef: „Kent u de uitdrukking klap van Dordt voor ‘stroomschok’. Ik hoorde dit in de Krimpenerwaard.”

Antwoord: nee, ik kende dit niet en het lijkt een behoorlijk obscure uitdrukking. Maar een informant uit de Krimpenerwaard bevestigde dat dit inderdaad in die streek werd gebruikt. Hij had ook een verklaring: de uitdrukking verwijst naar de tijd dat de stroom in de Krimpenerwaard nog werd geleverd door een schakelstation of elektriciteitsbedrijf uit Dordrecht, in de volksmond Dordt genoemd. Zo’n dertig jaar geleden werd de uitdrukking nog volop gebruikt; nu slechts zelden meer.

Intimiterend verzuim. „In een brief van een psychologisch bureau aan mij”, schreef een huisarts, „vind ik de zin ‘Direct na het ongeluk heeft zij twee weken verzuimd met daarna intimiterend verzuim wegens de klachten.’ Hoe ontstaat zo’n fout?”

Antwoord: intermitteren betekent ‘onderbreken’ en intermitterend ‘met tussenpozen verschijnend of werkend’. Het werkwoord lijkt weinig te worden gebruikt, maar zorgverleners spreken wel van „intermitterende koorts” en dergelijke. De verhaspeling intimiterend zal zonder twijfel zijn ontstaan onder invloed van intimiderend (‘bang makend, angstaanjagend’). Naast intimiterend verzuim vind je intimiterend drukken, o.a. in teksten van sportscholen, voor ‘met de ademhaling meedrukken’. En natuurlijk zijn er ook mensen die intimiterend schrijven, waar ze intimiderend bedoelen.

    • Ewoud Sanders