Het gras is gemaaid, de heg strak geknipt

Driekwart van Nederland is platteland, eenderde van de Nederlanders woont er. Daarom deze zomer: de wereld van het dorp Opende. Vandaag: de tuin. Onkruid wied je het liefst elke dag.

Meneer en mevrouw Visscher in hun tuin. Dat niet iedereen daar zoveel tijd aan kan besteden als zij, begrijpen ze wel. Maar huur dan iemand in. Foto Sake Elzinga Nederland - Opende - ( Groningen ) - 04-07-2011 Dhr. en Mevr. Visscher in hun tuin. Foto: Sake Elzinga

Harksporen in alle perken. Harksporen naast de oprijlaan. Het gras in de berm voor het huis is gemaaid. De tuin van meneer en mevrouw Visscher is om door een ringetje te halen.

Derk Visscher (76) staat op het bruggetje in zijn tuin. Zelf gebouwd. De leuningen wit geverfd. En kippengaas over de planken gespijkerd zodat je niet de vijver inglibbert. Tussen de goudvissen en de karper. Vanmorgen heeft hij een reiger weggejaagd.

Loop over het bruggetje langs het houten prieeltje waar je ’s zomers lekker koel kunt zitten. Dat heeft Derk Visscher ook gemaakt. Wandel tussen de perken door langs het hek dat de tuin scheidt van het weiland van de buurman. Daar grazen vleeskoeien. Geregeld maken ze samen dat ommetje.

Achter de heg is de moestuin met peultjes, spitskool, rode biet, courgettes, aardbeien en snijbonen. Meneer Visscher heeft vanmorgen een emmertje snijbiet geoogst. Dat eten ze straks om twaalf uur, bij de warme maaltijd. Wat ze overhouden, vriezen ze in. De hele winter eten ze groente uit de tuin.

Ze zitten aan de keukentafel. Turen door het raam. Zie je de stronk van de kastanjeboom? Meneer Visscher heeft er een dakje op gebouwd. Op winterdagen legt mevrouw Visscher daar een kapje brood in. En wat je dan allemaal ziet. Vlaamse gaaien, roeken, eksters.

In Opende zijn de tuinen keurig. De heggen strak geknipt. De buxus is gesnoeid in egaal ronde bollen of in de vorm van een eekhoorn. Gazons zijn kort en gaaf zonder paardenbloemen. In de perken bloeien afrikaantjes, begonia’s en zomerasters op dertig centimeter afstand van elkaar.

Maar er zijn uitzonderingen. Mevrouw Visscher trekt haar wenkbrauwen omhoog als ze dat zegt. Rij de weg een stukje af en je ziet dat het gras daar zó hoog staat. Ze houdt haar vlakke hand op de hoogte van haar middel.

Gras moet je wekelijks maaien. Onkruid liefst dagelijks gewied. Meneer en mevrouw Visscher werken beiden drie à vier uur per dag in hun tuin. Als meneer Visscher geen hartpatiënt was, zou hij de hele dag doorgaan. „Je zaait, het komt op, het groeit, ik vind het steeds weer een wonder.”

Vanmiddag heeft mevrouw Visscher geen tijd. Ze gaat naar een bijeenkomst van de plattelandsvrouwen. Dat niet iedereen zoveel tijd aan zijn tuin kan besteden als zij, dat snappen ze. Tweeverdieners zijn druk. Maar huur dan iemand in. Vroeger hadden ze een kruidenierszaak een dorp verderop. Zaterdag om vijf uur dweilde mevrouw Visscher de winkel. Meneer Visscher pakte nog even de tuin aan. Dan was het weer netjes voor de zondag.

Sheila Kamerman