Waarom is iedereen zo wit?

Hoda Hamdaoui (Al Hoceima, 1975) is hoofdredacteur van Hoda, het eerste lifestyle magazine voor Marokkaans-Nederlandse vrouwen. Eerder haalde ze haar hogeschooldiploma en werkte ze als styliste.

Taartmix

„Ik ben gek op tijdschriften. Ik koop er veel, ik lees er veel. Glamour, Happinez, Marie-Claire, Elle, Flair. Alles eigenlijk. Maar ik mis vrouwen zoals ik in die bladen. Ik mis kleur. Waarom is iedereen zo wit? Denken de makers dat een donkerder model afschrikt?

„Ik vind het een gemiste kans. Er zijn 80.000 Marokkaans Nederlandse vrouwen tussen de 16 en 40 jaar in Nederland. Waarom laten bladenmakers die links liggen? Waar lees je een verhaal over Marokkaanse interieurs? Over hoogopgeleide Marokkaans-Nederlandse vrouwen die in Nederland geen partner kunnen vinden? Marokkaanse en Turkse Nederlanders worden als klanten sowieso genegeerd. Neem taartmix. Marokkanen bakken veel meer taarten dan Nederlanders. Wat staat er op de verpakking? Een hoogblonde vrouw met een schort.”

Hoog Catharijne

„Ik werkte als cultuurscout in Rotterdam. Het contract werd niet verlengd. Mijn moeder zei: ‘In elke struikel, zit iets goeds.’ Dat is een Arabisch gezegde. Ze had gelijk. Ik droomde al jaren over een lifestyle magazine voor Marokkaans-Nederlandse vrouwen. Ik ging het doen.

„Ik heb vrienden en kennissen ondervraagd. En ik heb in winkelcentrum Hoog Catherijne in Utrecht een steekproef gehouden onder Marokkaanse meisjes en vrouwen. Ze misten hetzelfde als ik.”

Auto

„Ik had gespaard voor een auto. Dat geld heb ik gebruikt voor Hoda. Die naam betekent: gids, de goede weg. Het is een bijzondere naam, je hoort ’m niet vaak. Als ik Fatima had geheten, had ik een andere naam voor mijn blad verzonnen.

„Ik heb altijd twee namen gehad. Nederlanders zeggen ‘Hoda’, met een ‘o’. Marokkanen spreken mijn naam uit als ‘Hoeda’. Als kind al zei ik daar niets over. Het symboliseerde de twee werelden waarin ik leefde. De Nederlandse wereld in Veenendaal. Daar kwam ik op mijn vijfde terecht uit Marokko. En de Marokkaanse wereld thuis.”

Sneetje

„Mijn vader werkte in Veenendaal in de textielindustrie. Hij was niet bij mijn geboorte, ik zag hem alleen in de vakantie. Dan was hij een vreemde man. Mijn moeder reisde hem later achterna met mij, mijn vier oudere zussen en mijn broer.

„Ik ging in Veenendaal naar een streng christelijke basisschool. De hele klas bad het Onze Vader die in de hemelen zijt. Ik had diep medelijden met alle kinderen. Ik dacht dat al hun vaders dood waren. Na een jaar ging ik naar een openbare school. Dat paste beter bij mij.

„Als kind voelde ik me meer Nederlands dan Marokkaans. Ik zag wel verschillen. Mijn moeder bakte ons brood zelf, wij scheurden daar aan tafel een stuk vanaf. Bij mijn Nederlandse vriendinnen kreeg ik gewoon een sneetje.”

Vasten

„Ramadan is een bijzondere periode. Ik kan het vasten goed volhouden. Alleen als ik te veel praat, krijg ik erge dorst. Ik begon op mijn zestiende met vasten. Het mocht niet eerder van mijn ouders, ik was erg mager als kind. De druk om mee te doen is steeds sterker geworden. Als je niet meedoet, hoor je er niet bij. Kinderen van tien vasten nu soms al. Dat hoeft niet. Mijn vader was de laatste twee jaar ernstig ziek. Hij mocht niet vasten. Mijn moeder moest veel moeite doen om hem daarvan te overtuigen.”

15.000

„De oplage van het eerste nummer is 15.000 exemplaren. Het drukken is het duurst, distributie het lastigst. Het blad is via internet te bestellen en er zijn nu negen verkooppunten. Ik probeer boekwinkels zo ver te krijgen dat ze het gaan verkopen. Mwah, zeggen ze, het is al eens geprobeerd. Dan doelen ze op Sen Magazine van de Turks-Nederlandse Senay Özdemir. Maar zij maakte een blad voor de mediterrane vrouw. Dat was te breed.”

Marokkaanse BN’er

„Ik wil in elk nummer in elk geval een interview met een Marokkaanse BN’er. Die zijn er wel! Ze moeten alleen de ruimte krijgen. Ik heb er talloze of mijn wensenlijstje staan; de Rotterdamse burgemeester Aboutaleb, Maryam Hassouni uit de film Dunya en Desie. Rachid Aazouzi, de Marokkaanse Frans Bauer, voetballers Mounir El Hamdaoui en Ibrahim Afellay. In het eerste nummer staat ontwerper Siham Tib. Zij ontwerpt luxe kleding met een Arabische touch voor vrouwen. Marokkaanse meisjes zijn vaak trendsetters. Waar denk je dat die tuniekjes vandaag komen?”

Nederland

„Ik ben me in de loop van de jaren minder Nederlands gaan voelen. Dat begon met Pim Fortuyn. De Marokkaanse kant van de Marokkaanse Nederlanders wordt zo sterk benadrukt. Ik had vooral Nederlandse vriendinnen. Nu kwamen daar Marokkaanse vriendinnen bij. Ik ging vaker Marokkaans koken, vaker naar Marokko, het land waar ik geboren werd, ging me steeds mee boeien. Ik heb geen Marokkaans paspoort maar ik bedacht me dat ik er een ga aanvragen. Juist omdat Wilders er zo over zeurt. Als je trots bent op je afkomst, voel je je beter thuis in Nederland. Je kiest het beste uit beide werelden.”

Landrover

„Over vijf jaar ligt Hoda tussen alle andere bladen in de winkel. Dat hoop ik. Als ik het voor het zeggen zou hebben, ben ik dan getrouwd met een leuke man, heb ik een huis, een kind en de auto die ik niet kon kopen. Liefst een kleine Land Rover. Natuurlijk ben ik gedreven, ik probeer professioneel en zakelijk te zijn in mijn werk. Maar ik heb ook een heel zorgzame kant. En ik weet uit eigen ervaring hoe fijn en veilig het voelt om deel uit te maken van een groot gezin.”

Kinderboerderij

„Ik waardeer de sterke familieband van de Marokkanen. En de gastvrijheid. Nederlanders nemen dat over. Bij Nederlandse vriendinnetjes bij wie ik als kind thuis speelde, kwam het voor dat het gezin ging eten en dat ik moest wachten tot ze klaar waren. Dat werd volstrekt normaal gevonden. Dat hoor je niet meer.

„Marokkanen zijn soms te veel met anderen bezig. Als kind maakte ik dat vaak mee. Stonden we op het punt om naar de kinderboerderij te gaan, kwam er bezoek. Gingen we weer naar binnen. Het was absoluut onmogelijk om te zeggen: jammer, we gaan net naar de kinderboerderij. Of: ga mee. Nederlanders zijn eerlijker en directer dan Marokkanen. In Marokko is het leugentje om bestwil onderdeel van het leven. Vaak om een ander niet te kwetsen. Maar ik hoor liever de waarheid.”

Rouw

„Mijn vader is twee maanden geleden overleden. Hij had prostaatkanker en hij werd dement. Het laatste half jaar stond er een ziekenhuisbed bij mijn ouders in de huiskamer. We hebben hem in Marokko begraven. Nabij Tanger, in de tuin van een moskee, met uitzicht op zee. Daarna volgden veertig dagen van rouw. Hij heeft de lancering van mijn tijdschrift niet meegemaakt, maar ik voel hem elke dag om mij heen.”

    • Sheila Kamerman