'Rutte verkoopt iets wat er niet is'

Fractievoorzitter Job Cohen van de PvdA mist leiderschap bij premier Rutte. Wat hij zelf anders gaat doen in het nieuwe politieke seizoen? ‘Ik ga niet schreeuwen. Wel duidelijk zijn.’

"Hij heeft een pri-ma presentatie maar Rutte moet veel duidelijker duidelijk maken waaróm hij iets doet." Foto Merlin Daleman Nederland, Den Haag, 18-08-11 Politieke leider en Fractievoorzitter van PvdA Job Cohen. © Foto Merlin Daleman

Jokken wil hij het niet noemen. Maar het zit er wel dicht tegenaan.

„Rutte stelt de zaken mooier voor dan ze zijn.”

„De premier verkoopt iets dat er niet is.”

„Het is mooipraterij.”

„Halve waarheden.”

„Onzin.”

Job Cohen, nu anderhalf jaar leider van de grootste oppositiepartij, heeft een zomer nagedacht en scherpt nu zijn koers aan voor het nieuwe politieke seizoen. Zijn doel: het kabinet ontmaskeren. De premier en de zijnen houden Nederland namelijk stelselmatig voor het lapje, volgens Cohen. Zoals met de steun voor de euro – waarvoor Rutte omstandig zijn excuses aanbood en waarover deze week twee debatten gevoerd werden.

U bedoelt: hij liegt?

„Ja, god, is het liegen? Pfff. Het is in ieder geval – en daar heeft Rutte überhaupt een handje van – de zaken mooier voorstellen dan ze zijn. Ik heb me dat nu gerealiseerd. Een aantal voorbeelden. Er komen 3.000 agenten bij. Nul. Er komen 12.000 verpleegsters bij? Die komen er niet. Eén miljard extra voor de zorg? Geen sprake van. ‘Wij gaan investeren in het openbaar vervoer.’ Nee. ‘We gaan investeren in het hoger onderwijs.’ Nee! We gaan helemaal niet investeren in het hoger onderwijs. PGB, het budget waarmee zorg ingekocht kan worden door de mensen zelf, ‘een kwaliteitsimpuls’. Hoezo een kwaliteitsimpuls? Wat Rutte zei over de euro? Het klopte niet. De manier waarop Rutte met de steun aan Griekenland telkens een stapje verder ging...”

Maar hij komt er wel mee weg.

„Nee dus. Zijn gebrek aan leiderschap kan hier enorme consequenties hebben. Dat is ook de afgelopen week gebleken. Ik zal dat de komende tijd blijven doen: voortdurend blootleggen wat er aan de hand is.”

Wat zou u anders doen als premier?

„Hij heeft een pri-ma presentatie maar Rutte moet veel duidelijker duidelijk maken waaróm hij iets doet. Bijvoorbeeld met de euro. Hij komt vaak niet verder dan: ‘tja, ik heb er ook geen zin in, maar het moet wel’. Dát duidelijk maken vind ik de taak van de premier.”

Hoe zou ú dat doen?

„Ik zou dat doen door... Neem onze export naar Italië. Die is groter dan de totale export naar China, Brazilië, Rusland en India. Als dat dus niet goed gaat, slaat dat onmiddellijk op ons terug als handelsnatie.”

Maar het gaat om de vorm. President Obama houdt in zo’n geval een speech. En u?

„Ik vind dat Rutte van de zomer doodstil is gebleven. Hij had moeten zeggen: ik hou dat allemaal in de gaten en de ministerraad bijeenroepen is niet nodig want onze positie is een andere dan Frankrijk en Italië. Maar vertel dat. Leg dat uit. Dan kan je niet zeggen: ik ben met vakantie. Het kan niet ingewikkeld zijn om de telefoon te pakken en een verslaggever te bellen of een camera langs te laten komen.”

In het eurodebat deze week had u de macht het kabinet op te blazen.

„Nee, het is onzin dat wij de stekker uit dit kabinet kunnen trekken. De PVV heeft toch gezegd dat zij tegen de steun aan Griekenland is, maar het kabinet blijft steunen? Zij hebben de stekker in handen, zij gijzelen het kabinet. Het is onzin als ze zeggen dat wij die hebben. Waar is die stekker dan? Laat ’m zien.”

Hoe voelt het dan dat alleen dankzij linkse steun Nederland kan bijdragen aan de reddingsacties voor Griekenland?

„Daarover heerst ook bij ons chagrijn, zeker omdat ze Griekenland er zelf een zooitje van heeft gemaakt. Tegelijkertijd is de euro natuurlijk verschrikkelijk belangrijk. We moeten doen wat er gedaan moet worden.”

Zou het goed voor het land zijn als het kabinet valt?

„Heel goed. Tuurlijk.”

Kan er dan geen moment komen dat u eisen gaat stellen in ruil voor steun?

„De consequentie zou enorm zijn als wij ‘nee’ zouden zeggen. Als Nederland niet mee zou doen aan de Griekse redding, zou dat de onrust op de financiële markten nog meer vergroten. We hebben eisen gesteld, zoals de deelname van de banken aan de reddingsoperatie. Maar we gaan geen eisen stellen op andere gebieden. Als je dat doet moet je namelijk ook bereid zijn om ‘nee’ te zeggen. En we blazen de euro niet op.”

Geldt dat ook voor andere belangrijke zaken, zoals het pensioenakkoord? Ook hierbij kan het kabinet niet op de PVV rekenen.

„Het is essentieel dat er een goed pensioenakkoord komt. Het moet op een behoorlijke manier worden geregeld dat mensen met een laag inkomen die hard hebben gewerkt op hun 65ste kunnen stoppen met werken. Nu gaan veel van hen er op achteruit. En verder moet de lastenverdeling tussen jong en oud evenwichtiger worden. De jonge generatie mag niet het slachtoffer worden. Ik eis van minister Henk Kamp van Sociale Zaken dat hij daar voor het eind van het reces gehoor aan geeft. Wij zeggen hoe het moet, anders gebeurt het niet.”

Al in mei zei u: ‘Het kabinet zal ooit bot vangen’. Sindsdien heeft u nog veel gesteund.

Hij zet zijn kopje koffie meteen weer op het schoteltje. „Ho ho, bij het pensioenakkoord stellen we onze eisen. En als die niet ingewilligd worden, gaan wij niet akkoord. En wat de euro betreft: op dat soort majeure punten ga ik niet zeggen: omdat ik ruzie heb met het kabinet geef ik sowieso geen steun.”

Hoe vond u het afgelopen jaar gaan?

„Het was wennen. De regering heeft nu heel duidelijk gemaakt waarvoor ze staat. Dat is voor een samenleving die mij absoluut niet bevalt. Onder het mom van noodzakelijke bezuinigingen... ze komen terecht bij een en dezelfde groep. Niet bij de groep die heel hard zou kunnen bijdragen.”

Wat gaat u anders doen?

„Wat ik nu doe: laten zien wat niet deugt aan het kabinetsbeleid. Die mooipraterij is echt een probleem.”

U gaat er dus allebei harder in. Eerder zei u nog...

„...harder? Ik zei: duidelijk. Op mijn manier.”

En uw manier is?

„Ik ga niet schreeuwen. Maar wel duidelijk zijn.”

U zei eerder: ik ben het liefst een betrokken beschouwer.

„Dat zeiden anderen over mij. Ik zit nu middenin het speelveld. En daar doe ik mee.”

Afgelopen woensdag werd er 28 keer geïnterrumpeerd door fractieleiders uit de oppositie. U deed dat vier keer. Alexander Pechtold van D66 acht keer.

„Kijk eens naar de impact. Ik heb misschien niet zo vaak geïnterrumpeerd maar het gaat om hoe je het doet. Ik zat bijvoorbeeld in Het Journaal. Ik heb ook in kranten gezien dat mijn belangrijkste quotes zijn overgenomen.”

Nog een getal. Niemand van de fractievoorzitters heeft aan minder debatten meegedaan dan u.

„Dat kan ik me goed voorstellen want Pechtold is ook buitenlandwoordvoerder en Jolande Sap heeft ook een paar portefeuilles.”

Is zichtbaarheid niet essentieel voor de oppositie?

„In debatten die ertoe doen. Aan de belangrijke debatten doe ik mee. En ik kan me heel goed voorstellen dat ik een aantal debatten ga aanvragen. Vaker.”

Kunt u genieten van het vak?

„Jazeker. Het gaat ergens over. Het is spannend. En het is de kunst om datgene bloot te kunnen leggen wat je wilt blootleggen. Om iets binnen te halen.”

Wanneer is dat niet gelukt?

„Nah, daar heb ik geen beeld van. Ik heb niet zo’n goed geheugen op dat punt. Doe eens een voorstel.”

Wie is de oppositieleider?

„Ik ben de leider van de grootste oppositiepartij.”

Uw optreden over het afgelopen jaar was geslaagd genoeg om die lijn voort te zetten?

„Het kan altijd beter. Ik maak nu helder en duidelijk hoe dat gaat.”

Terugkijkend, wat had u vorig seizoen dan anders willen doen?

„Wat het kabinet aan het doen is, werd pas na de Statenverkiezingen duidelijk. Hoeveel maanden hadden we dus? Twee of drie.”

Ondertussen bent u al wel achttien maanden PvdA-leider.

„Zeker. Maar goed, ik vind ook niet dat ik onduidelijk ben waar de PvdA voor staat. Ik wil dat verschillende onderdelen van de bevolking niet met de rug naar elkaar toe komen te staan.”

U denkt dat er vraag is naar deze positionering?

„Absoluut. Mensen zien heel goed in dat diegene die niet op een zelfstandige manier kunnen meedoen, dat je die een zetje moet geven.”

Verbaast het u dan niet dat de PvdA – met de weerstand die het kabinet oproept – toch achterblijft in de peilingen?

„Maar je ziet wel dat mensen in toenemende mate moeite hebben met het kabinet.”

Waaraan zie je dat?

„De aanhang van de VVD groeit wel, maar die van anderen niet.”

Die van u ook niet.

„Ik denk door dit verhaal te vertellen mensen zullen zien hoe wij dat in de oppositie doen, mét die lastige positie die wij daarin hebben.”

U zegt twee dingen. Eén: de lijn van vorig seizoen houden we aan. Twee: de aanhang groeit nog niet. Waarom is dit dan toch de juiste koers?

„De kiezers komen wel weer. Er is een grote behoefte aan dat overbruggen – zeker in onzekere tijden – en daarvan ben ik de verpersoonlijking. Dat zullen we zeker gaan zien. Nog dit jaar.”