Italianen meten alles in mooi of lelijk

Revolutie in Italië? Weinig kans op, zegt theaterregisseuse Emma Dante (44) uit Palermo. „We doen wel geagiteerd, maar we prefereren onze problemen te verbergen achter het sprookje van succes en La Bella Figura dat we dagelijks opvoeren.”

In haar ogen zijn de Italianen „een slapend volk. Ons wentelen in bewegingloosheid is wat ons behaagt. De revolutie is te vermoeiend en bovendien is het warm. Er zijn veel dingen in ons karakter die ons er helaas toe brengen om ons over te geven. Het strand is ook te mooi, de hemel, de zee. En dus zeggen we: Futtitin, op zijn Siciliaans, Fottitene in het Italiaans, Fuck it op zijn Engels.” In algemeen beschaafd Nederlands: schijt. „We hebben een zetje van buitenaf nodig. Dan pas is dit volk weer tot mooie dingen in staat.”

Die houding is aangewakkerd door deze regering, meent Dante. „Berlusconi heeft de Italianen de afgelopen twintig jaar veranderd. Hij heeft geld, hij heeft alles wat hij wil. Hij koopt zijn vrouwen en dus is hij de held.”

Er is sprake van een vreemd soort hypocrisie. Ze somt op. Berlusconi mag het met jonge vrouwen doen, maar niet met onze dochters. Transseksuele prostituees zijn in trek, maar in Palermo en Rome kunnen twee mannen of vrouwen niet hand in hand over straat. Kijken naar de vrouw van je buurman is in het land van de verleiding een zonde. Maar het is oké als je een meisje neukt met wie je geen relatie hebt. „Dan ben je cool. Of als je steelt, dan ben je sluw: bravo, grote strateeg.”

Berlusconi heeft Italiës hang naar het theatrale voorbij een gezonde limiet geduwd, meent Dante. „En dat terwijl Italianen er toch al naar neigen om alles op de schaal van mooi of lelijk, bello e brutto, te meten, waardoor het goede wel eens wil sneuvelen.”

Emma Dante is geen revolutionair of wereldverbeteraar. Ze kijkt, wil begrijpen. De toneelstukken en opera’s die daaruit voortkomen choqueren het volgens haar aartsconservatieve land. Op 7 december 2009 mocht ze de meest prestigieuze voorstelling van het jaar verzorgen, de opening van het operaseizoen tijdens het feest van Sint Ambrosius in de Milanese Scala. Heel machthebbend Italië, de nieuwe rijken, modebaronnen, allen waren van de partij. De helft van het publiek applaudisseerde voor haar Carmen. De andere helft riep ‘boe’ omdat er met kruizen werd gezwaaid, de dood ten tonele verscheen en Christus-figuren kapot werden geslagen. Die boze reacties kwamen, zegt ze, voort uit taboes die zijn gekoppeld aan een bigot moralisme. „De katholieke waarden zijn verworden tot oppervlakkige schema’s.”

Berlusconi heeft volgens haar enorme schade veroorzaakt. „De tijd heeft in zijn voordeel gewerkt. Hoe meer tijd je hebt, hoe meer je het denken van mensen kunt beïnvloeden.” Hij zal het volgens haar niet lang meer volhouden en dat zal gevierd worden. „Maar zijn vertrek zal traumatisch zijn. We zullen ons uiteindelijk niet bevrijd, maar verloren voelen. Niet omdat we hem zullen missen, maar omdat hij een morele leegte achterlaat. We moeten tijd nemen om onze ethische principes te heroverwegen en weer leren ergens verontwaardigd over te zijn. Ons gevoel voor rechtvaardigheid is veranderd door twintig jaar Berlusconi. Dat moet worden herijkt.” Als het zover is, zal ze een stuk over de premier en de Italianen maken. Pas als hij weg is. „Hij krijgt al veel te veel aandacht en reclame. Na zijn vertrek wil ik stilstaan bij wat er van de Italianen is geworden. Hoe moeten we ons lostrekken uit het moeras waarin we zijn vastgezogen? Ik wil onderzoeken wat de basis is waarop we een nieuwe utopie kunnen bouwen.”