Leren van de Chinezen

Een mythe is dat de eerste allochtoon in Nederland een Chinees was die in Amsterdam op straat pinda’s verkocht. Zeker, in de jaren dertig waren er in de steden diverse Chinezen die zelfgemaakte pindakoekjes trachtten te slijten. De herinnering aan hen wordt sinds kort in Den Haag levend gehouden met het beeld De Pindachinees (in een winkel op de Grote Markt). Maar Chinezen waren er al veel eerder in Nederland, wat blijkt uit het feit dat dit jaar diverse manifestaties zijn gewijd aan ‘100 jaar Chinezen in Nederland’. Een eeuw geleden kwamen ze naar hier, om te werken in de havens van Rotterdam en Amsterdam en als sjouwers en stokers op stoomboten. Ook daarvoor hadden ze zich al in Nederland gevestigd, veelal afkomstig uit Nederlands-Indië.

Voor menig Nederlander is de Chinees hier nu vooral iemand die met zijn familie een restaurant bestiert waar Aziatisch gegeten kan worden. Maar ook dat beeld is aan herijking toe, al verdient nog altijd 43 procent van de Chinezen in Nederland in de horeca de kost. De ondertitel van het SCP-rapport Chinese Nederlanders, dat vandaag is verschenen, ‘Van horeca naar hogeschool’, is veelzeggend. De onderzoekers van het Sociaal en Cultureel Planbureau kwamen tot enkele bevindingen die leerzaam zijn voor al diegenen die zich het hoofd breken over de integratie en inburgering van culturele en etnische minderheidsgroepen in Nederland.

De ongeveer 100.000 Chinezen die in Nederland wonen, vormen in grootte de vijfde niet-westerse migrantengroep. De vanzelfsprekende constatering dat ook de ene Chinees de andere niet is, krijgt in het SCP-onderzoek extra reliëf. Te beginnen doordat er Chinezen zijn die Mandarijn spreken en anderen die Kantonees als moedertaal hebben; als ze niet nog een andere taal beheersen, begrijpen ze elkaar slecht. Maar vooral door hun afwijkende historische achtergronden zijn de onderlinge verschillen groot. De Chinese studie- of kennismigranten die sinds deze eeuw naar Nederland komen, lijken in vrijwel niets op de generatie die zich voor de Tweede Wereldoorlog hier vestigde.

Voor integratie-experts is vooral het succes van de Chinezen die hier geboren en getogen zijn, interessant. Ze zijn gemiddeld hoger opgeleid dan welke minderheidsgroep ook, en trouwens ook dan de autochtonen. Op de arbeidsmarkt wordt dat weerspiegeld. Natuurlijk zijn er culturele verschillen met andere minderheidsgroepen die dit succes mede verklaren. Maar opvallend blijft het niettemin hoe een groep allochtonen, zonder voorgeschreven inburgeringscursussen en zonder tussenkomst van gesubsidieerde buurthuis- of straatwerkers, zo succesvol is geïntegreerd. Het is de moeite waard om hier lessen uit te trekken.