Europese doos van Pandora gaat open

De andere EU-landen zijn jaloers op de deal die Finland met Griekenland sloot over financiële steun. Daarmee wordt de redding van de euro duurder en complexer.

Een paar dagen na het pleidooi voor een „echte economische regering” voor de eurozone door de Franse en Duitse leiders, dringt zich de politieke realiteit alweer op. Het zijn de nationale regeringen die de eurozone moeten besturen, maar steeds nieuwe hordes opwerpen. Ditmaal is het Finland dat problemen veroorzaakt, door eenzijdig een waarborgsom te bedingen voor zijn bijdrage aan de EU-steun aan Griekenland.

Irritatie en vertraging zijn in elk geval de gevolgen van de uitkomst van de Grieks-Finse deal. Finland krijgt van de Grieken een borgsom van circa 1 miljard euro. Finland belegt het geld in veilige obligaties. Mocht de lening van 1,4 miljard aan de Grieken over 30 jaar niet worden terugbetaald, dan loopt Finland geen financiële schade.

De steunoperatie van Griekenland van in totaal 215 miljard euro, waartoe EU-leiders vorige maand besloten, dreigt zo complexer en duurder te worden. Griekenland kan het geld voor waarborgsommen niet zomaar betalen, en zal des te afhankelijker worden van Europese steun.

Uit angst voor nieuwe ophef op de financiële markten zei de Griekse regering vanochtend dat de deal met de Finnen nog geen feit is: de constructie „moet worden goedgekeurd door de rest van de lidstaten van de eurozone”, zei de Griekse minister van Financiën Evangelos Venizelos. Eerder deze maand ontstond grote onrust onder beleggers en daalden de beurzen, mede door twijfels over de goedkeuring door nationale parlementen van het Europese steunpakket van 21 juni. Door het Finse initiatief lijken beleggers in hun twijfels te worden bevestigd.

Door de afspraak, eergisteren aangekondigd door de Finse minister van Financiën Jutta Urpilainen, is de doos van Pandora open. Inmiddels heeft niet alleen Nederland zich gemeld voor een borgsom, maar ook Oostenrijk, Slovenië en Slowakije.

„Als de Finnen het krijgen, willen wij het ook”, aldus een woordvoerder van het ministerie van Financiën vanochtend. Afgelopen dinsdag zei minister De Jager (Financiën, CDA) nog in de Kamer dat hij „niet perse” een onderpand hoefde; de bijdrage van banken aan het Griekse steunpakket was voor de Nederlandse regering volgens De Jager belangrijker. De PVV plaatste het onderpand gisteren met Kamervagen op de agenda. De partij keert zich mordicus tegen elke steun aan Griekenland.

De optie van een onderpand is in de Tweede Kamer vaker aan de orde gekomen. De meeste partijen hebben altijd gezegd niets voor een borgsom voor Griekse leningen te voelen. „Ik zie liever helemaal geen onderpand”, zegt Kamerlid Helma Nepperus van regeringspartij VVD. „Van een kale kip kan je niets plukken. Het zal de discussie alleen maar bemoeilijken.” Tweede Kamerlid Wouter Koolmees (D66) vindt een onderpand in geld „een onzinnige oplossing”. „Dan is er nog veel meer geld nodig”, zegt Koolmees. Een mogelijk alternatief, een onderpand in natura, ziet hij ook niet zitten. „Wil je dan als ander land een staatsbedrijf gaan runnen? Of een eiland overnemen? Dat is toch niet reëel.”

In Finland sprak Urpilainens partij, de Sociaal-Democraten, zich tijdens de campagne voor de parlementsverkiezingen dit voorjaar uit tegen verdere hulp aan zwakke eurolanden. De sociaal-democraten wilden alleen akkoord gaan met deelname aan de huidige regeringscoalitie als er een onderpand zou komen. Mede onder druk van de eurosceptische Ware Finnen, die de steun aan eurolanden op de agenda plaatsten en forse verkiezingswinst boekten, zijn de sociaal-democraten kritischer geworden over de Europese Unie.

Het Nederlandse Ministerie van Financiën zegt dat alle eurolanden zouden moeten instemmen met een mogelijk Nederlands onderpand voor Griekse leningen. Dat is niet de manier waarop de Finnen opereerden – zij voerden op eigen initiatief bilaterale discussies met Athene. „Of andere landen garanties willen hebben van Griekenland” is hun eigen zaak, zei Jussi Lindgren, een ambtenaar van het Finse ministerie van Financiën, gisteren. „Zij zouden hun eigen deals moeten onderhandelen.”

De Finse eigengereidheid stuit op onbegrip in het jonge euroland Estland, dat nauwe banden onderhoudt met Helsinki. Jürgen Ligi, de Estse minister van Financiën, zei dat de Finse garanties de Europese afspraken over steun ondermijnen.

Oostenrijk deed vanochtend een voorstel om waarborgsommen voor Griekenland te koppelen aan vaste regels. Alleen landen waar de bankensector niet blootstaat aan grote Griekse risico’s zouden een waarborgsom mogen krijgen – anders zouden de kosten van waarborgsommen te hoog worden.

Dat betekent dat Duitsland, Frankrijk en mogelijk Nederland geen onderpand zouden kunnen eisen. „Als iedereen een waarborgsom eist, dan kan het Griekse reddingspakket niet worden gefinancierd”, zei de Oostenrijkse minister van Financiën Maria Fekter. Oostenrijk zou zo wel een borgsom kunnen eisen.

    • Mark Beunderman
    • Erik van der Walle