Perry opent race Witte Huis met dreigement

De Republikein beschuldigt de voorzitter van de centrale bank van „verraad”. De vraag is of hij te ver gaat.

De Republikein Rick Perry stelde zich zaterdag pas kandidaat voor het presidentschap, en nu al heeft hij een reputatie als politicus die graag uit de heup schiet. De dreigende taal die Perry uitte aan het adres van Ben Bernanke, voorzitter van de Amerikaanse centrale bank, is hem op zware kritiek komen te staan van zowel het Witte Huis als prominenten binnen zijn eigen partij.

In Iowa zei Perry, gouverneur van Texas, dat Bernanke „verraad” pleegt als hij nog een keer de geldvoorraad verruimt. De Federal Reserve doet dit om de economie te stimuleren. Maar de maatregel is controversieel bij de conservatieve Tea Party, een kiezersgroep die Perry voor zich wil winnen. Volgens de Tea Party ondersteunt het ruime monetaire beleid van de Fed de positie van president Obama.

Perry geldt als favoriet in de Republikeinse voorverkiezingen, omdat hij als enige kandidaat zowel gematigde als conservatieve Republikeinen zou aanspreken. Het is echter de vraag of hij niet te ver doorschiet in zijn charmeoffensief jegens de Tea Party. Met zijn gepeperde uitspraken kan Perry het midden verliezen.

De Fed is opgezet als een onafhankelijke instelling, maar Perry zei dat Bernanke politiek bedrijft met zijn beleid. „Als deze vent meer geld drukt tussen nu en de verkiezingen – ik weet niet wat jullie met hem zouden doen in Iowa, maar in Texas zouden we hem lelijk pakken”, zei hij.

Een woordvoerder van het Witte Huis zei in een reactie dat Perry zijn toon moet matigen, omdat zijn woorden meer gewicht hebben als presidentskandidaat. Mocht Perry de verkiezingen van 2012 winnen, dan krijgt hij vaak te maken met Bernanke. De Federal Reserve heeft niet gereageerd op Perry’s uitspraken.

Ook uit de eigen gelederen kwam kritiek. Peter Wehner, die werkte voor drie Republikeinse presidenten, zei dat verraad het ergste verwijt is dat je een Amerikaan kunt maken. „Dit is het soort bulderende, ondoordachte opmerkingen dat Perry’s critici van hem verwachten.” (NRC)