Paarden zijn hier nu de baas

Twee belangrijke wedstrijden achter elkaar: raakt de paardenliefhebber niet verzadigd?

Nee, want de evenementen trekken ander publiek aan.

De ME gaf gisteren een demonstratie bij de opening van het EK dressuur in Rotterdam. De paarden sprongen onder meer door brandende hindernissen. Foto Rien Zilvold rotterdam chio demo me foto rien zilvold

Het plastic zat nog om de stoelen, een verflucht hing nog in het trappenhuis en in rap tempo werden de laatste stofdeeltjes weggezogen. Een dag voor de start van het EK Dressuur in Rotterdam dat gisteren begon, was het nog een race tegen de klok.

Het zijn dagen waarop Frans Lavooij, voorzitter van het Rotterdamse CHIO, zich afvraagt wat hij allemaal op zijn hals heeft gehaald. „De oplevering van een nieuw gebouw, eerst het EK dressuur en vervolgens het CHIO. Nee, wie dat heeft verzonnen…”

Lavooij lacht erbij, zittend in een loge van de gloednieuwe hoofdtribune in Rotterdam Kralingen. Want juist hij was degene die zeven jaar geleden – toen hij werd gekozen als voorzitter van het CHIO – vol ambitie aan zijn taak begon. En niet onverdienstelijk. Onder zijn leiding slaagde het CHIO erin de begroting te laten groeien naar 3 miljoen euro (was 1,25 miljoen) en steeg het bezoekersaantal in zeven jaar tijd van dertigduizend naar bijna zestigduizend toeschouwers.

En bovendien: bij het ‘bid’ op het EK, dat in 2009 werd toegewezen, stelde de organisatie nadrukkelijk een nieuwe hoofdtribune in het vooruitzicht, dat de capaciteit zou verhogen naar zevenduizend stoelen. „We zagen een droom werkelijkheid worden”, zegt Lavooij, tevens president van het EK dressuur. „Als je kijkt naar het aantal internationale medailles dat Nederland heeft gehaald, dan kan het niet zo zijn dat wij nog nooit een EK of WK hebben georganiseerd.”

Het bid kon in eerste instantie op weinig steun rekenen. Pas toen het EK ook daadwerkelijk werd toegewezen, gingen de handen op elkaar. Dat was ook wel nodig, want de kosten van het nieuwe gebouw bedroegen circa 5 miljoen euro en moest bijeengebracht worden door private partijen. Dat lukte, al is de helft van het bedrag geleend van de gemeente Rotterdam. Lavooij is daar best trots op. „Zeker in deze tijd, waarin voetbalclubs in leven worden gehouden door gemeentesubsidie, mogen we daar best tevreden over zijn.”

Drie dagen na het EK, dat zondag wordt afgesloten onder toeziend oog van koningin Beatrix, begint de 63ste editie van het CHIO, waar zowel dressuur als springen worden beoefend. Hoewel het praktisch handig is, kan je je afvragen of de paardenliefhebber niet verzadigd raakt na twee van zulke grote evenementen. Fred Rozendaal, toernooidirecteur van het EK, denkt dat de twee evenementen elkaar niet in de weg zitten. „Bij het EK komt het publiek uit heel Europa, bij het CHIO is het evenement veel meer gericht op het bedrijfsleven.”

Rozendaal wijst naar de tribune aan de korte zijde. Ten tijde van het EK is dat een tribune voor het publiek, drie dagen later is het een locatie voor ‘hospitality’, waar mensen uit het bedrijfsleven elkaar kunnen ontmoeten. Lavooij hoeft alleen maar te wijzen op de inschrijvingslijst op internet. „Toen de verkoop begon meldden zich als eerste twee busladingen vol met Russen. Bij het CHIO heb je dat niet.”

Vijf jaar geleden is ook de ondergrond vernieuwd in Rotterdam. Het traditionele gras werd verwisseld voor een all weather veld. Het is een mix van zand en vezels, zegt toernooidirecteur Rozendaal. „Daardoor kan er altijd worden gereden. Vroeger werd het glad en modderig zodra er wat regen viel, nu is dat verleden tijd.” De organisatie houdt frequent overleg met ruiters en coaches. Alles wordt in het werk gesteld om de paardensport (400.000 beoefenaars in Nederland) zo professioneel mogelijk te maken. „Ruiters lieten ons weten dat ze op dezelfde ondergrond wilden inrijden als het hoofdveld. Begrijpelijk. Dat is een forse investering, maar die hebben we wel gedaan”, benadrukt Rozendaal. Sinds drie jaar ligt er een prachtig inspringterrein achter het hoofdveld.

De ruiters zijn in hun nopjes, al was de Nederlandse topamazone Adelinde Cornelissen niet zo blij met de opvallende decoraties langs de baan. „Mijn paard (Parzival, red.) is erg schrikkerig en het publiek zit vrij kort op de baan. Ik ben benieuwd hoe het paard zich staande houdt.”

Lavooij heeft vooral geprobeerd de drempel voor het publiek te verlagen, wat hem ogenschijnlijk is gelukt bij het CHIO. „Soms bestaat de indruk dat het een exclusief evenement is voor Rotterdamse havenbaronnen”, meent hij. „Dat is natuurlijk onzin. Zoals vroeger al gold: zowel koningen als boeren werken met paarden. Het evenement is voor iedereen.”