Opera die België vormde, is nu bedreigend

In een ultieme poging België bijeen te houden, zijn deze week de gesprekken over de regeringsvorming hervat. Daarom heeft men in Brussel nu even liever geen voorstelling van de opera ‘De Stomme van Portici’. Want die is het symbool van de Belgische revolutie. „De opera nu opvoeren zou een mokerslag zijn.”

Bijna iedereen in België heeft gehoord van De Stomme van Portici: de opera die in 1830 de Belgische revolutie ontketende. Maar vrijwel niemand heeft de opera daadwerkelijk gezien. Dat kan binnenkort veranderen, want de Koninklijke Muntschouwburg gaat het komend seizoen De Stomme weer uitvoeren. Alleen, dat zal niet in Brussel zijn maar in Parijs, in een coproductie met de Opéra Comique. Dat is bewust zo gedaan, zegt de directeur van de Munt, Peter De Caluwe. De opera nu opvoeren in Brussel zou niet alleen een artistieke daad zijn, maar ook een politiek statement; het zou worden uitgelegd als een pleidooi voor Belgische eenheid op een politiek precair moment. „Dit is niet het goede moment”, zegt De Caluwe, „dan gaat het direct over België ja of nee. Ik wil het wegtrekken uit die discussie.”

Schrijver Geert Van Istendael, die op de lagere school delen van De Stomme van Portici uit het hoofd moest leren, geeft De Caluwe groot gelijk. „De opera nu opvoeren in Brussel, in het politieke moeras waarin wij rond ploeteren, zou een mokerslag zijn.” Juist deze week zijn in België de gesprekken over de regeringsvorming hervat. Het wantrouwen tussen Vlaamse en Waalse partijen is zo groot, dat die onderhandelingen nu al veertien maanden duren. Koning Albert, een van de laatste symbolen van Belgische eenheid, haalde vorige maand fel uit naar de politici die maar geen compromis weten te bereiken en waarschuwde voor poujadisme – een verwijzing naar een Franse populistische beweging uit de jaren vijftig. In dat klimaat wordt het opvoeren van De Stomme van Portici gezien als politiek dynamiet.

Hoe is het mogelijk dat een opera uit 1828 in België anno 2011 zo gevoelig ligt? Hoe kan het dat De Stomme van Portici (La Muette de Portici) van de Franse componist Daniel François Esprit Auber (1782-1871), met in de titelrol nota bene een stomme vrouw, symbool is geworden voor de eenheid van het door taalstrijd verscheurde land?

Het begon op 25 augustus 1830 in de Muntschouwburg, met de woorden „Aux armes!” van de Franse tenor Jean-François Lafeuillade. Hij zou dit de zaal in hebben geroepen tijdens het derde bedrijf van de opera. „Te wapen!” En de zaal stond al zo op scherp. Even daarvoor, na het zingen van de opzwepende aria Amour sacré de la patrie, was Lafeuillade door het publiek luidkeels om herhaling gevraagd. En na zijn ‘Te wapen!’ zouden uit de zaal kreten hebben geklonken als ‘Vive la liberté’, ‘A bas le roi’, ‘Mort aux Hollandais’ en misschien ook wel tweetalig ‘Viva la France, vivat de Fransoeëze’.

De opera werd die augustusavond opgevoerd ter ere van de 59ste verjaardag van de Nederlandse koning Willem I, die op dat moment nog koning der Belgen was. De Stomme van Portici was in die tijd een populair stuk over een volksopstand in het zeventiende-eeuwse Napels tegen de Spanjaarden. De titelrol is voor een stomme vrouw, Fenella, die de hele opera geen noot zingt maar wel danst en gebaart. Het onderwerp van de opera, opstand, hing al enige tijd in de straten van Brussel.

Wat er op die augustusavond ook precies in de Brusselse Muntschouwburg werd geroepen en of het vervolgens op instigatie was van de politie of uit spontane woede van het publiek: de opera werd voor het einde onderbroken, het publiek ging naar buiten en in Brussel had die nacht de eerste gevaarlijke opstand tegen de Nederlandse regering plaats. Huizen van hoogwaardigheidsbekleders werden aangevallen en platgebrand. Daarna ging het snel: de opstand breidde zich uit naar de rest van het land, vooral in september waren er hevige gevechten, en op 4 oktober 1830 werd België onafhankelijk verklaard.

Het tumult in de schouwburg is een belangrijke katalysator geweest, zegt historica Els Witte, auteur van onder meer De constructie van België. „De opera heeft de al aanwezige radicale krachten gemobiliseerd, de vonk doen overslaan.”

De Stomme van Portici staat door die avond in augustus 1830 symbool voor de Belgische opstand tegen de Nederlandse overheersing. En daarmee voor de Belgische eenheid. Natuurlijk, het verhaal over het revolutionaire effect van De Stomme van Portici is geromantiseerd, erkent Geert van Istendael. Er waren in die zomer van 1830 meer ingrediënten voor revolte: lege magen na een mislukte oogst en het voorbeeld van Frankrijk waar in juli een revolutie had plaatsgehad. „Maar feit is dat een aantal jonge burgerheren daar die avond in die schouwburg knettergek werd gemaakt.”

Dat België begon met een opera, betekent dat het een typisch negentiende-eeuws land is, zegt historicus Niek van Sas, specialist in de geschiedenis van de negentiende eeuw. „De romantische opera is echt iets van die tijd. Het land heeft vervolgens ook op zeer romantische manier zijn eigen identiteit ontwikkeld, via schilderkunst, muziek en literatuur. Helemaal volgens het boekje. De Belgen waren stomverbaasd dat ze opeens zelfstandig waren.” En bij dat bouwen aan een natie speelde De Stomme van Portici opnieuw een rol: hij werd regelmatig opgevoerd, complete schoolklassen gingen er naartoe, de aria Amour sacré de la Patrie werd hardop meegezongen.

Een land dat begon met een opera – „dat is in ieder geval geen operetteland”, lacht Geert van Istendael. In zijn boek Arm Brussel schrijft hij hoe hij op de lagere school Amour sacré de la patrie uit het hoofd moest leren: Heilige vaderlandsliefde, / Geef ons onze moed en trots terug. / Mijn leven heb ik aan mijn land te danken, / Het zal zijn vrijheid aan mij te danken hebben.

Als muziekstuk bleef De Stomme van Portici, met libretto van de in die tijd veelgevraagde Eugène Scribe, in de negentiende eeuw zeer populair. De Stomme werd opgevoerd in heel Europa – onder anderen Richard Wagner was fan van Auber – en thema’s eruit zijn bewerkt voor piano door Franz Liszt. In Frankrijk, waar La Muette de Portici liefst 505 keer werd opgevoerd tussen 1828 en 1882, wordt deze gezien als de grondlegger van de Grand Opéra. Grootschaligheid (meestal vijf bedrijven) en spektakel (In De Stomme heeft een uitbarsting van de Vesuvius plaats) waren ook in andere stukken sindsdien gemeengoed. Maar sinds de negentiende eeuw is de populariteit van De Stomme en zijn componist getaand. Auber is in Parijs alleen nog bekend van het naar hem vernoemde metrostation, de opera dankt zijn bekendheid nog aan de Belgische omwenteling.

In de Brusselse Muntschouwburg werd in 1930 de opera nog uitgevoerd om het honderdjarig bestaan van het land te vieren. En vanaf september 1944 hadden veertien voorstellingen plaats om de bevrijding van Brussel van de Duitsers te markeren. Maar dat was dan ook de laatste keer dat De Stomme er te horen was. Een opvoering in 1980, ter gelegenheid van het 150-jarig bestaan van het land, moest op het laatste moment worden afgezegd omdat radicale Vlamingen hadden aangekondigd deze te zullen verstoren; want eenheid van België – dat willen zij juist niet.

De eensgezindheid waarmee de Belgen in 1830 de afscheiding van Noord-Nederland tot stand brachten, is er al lang niet meer. Integendeel, een interne scheiding van het land wordt een steeds reëler perspectief. Maar terwijl de Belgische eenheid de laatste decennia is uitgehold door verregaande bevoegdheden voor de verschillende landsdelen, beroert De Stomme van Portici nog steeds de gemoederen. Voorstanders van de eenheid, vooral te vinden in het Franstalig deel van het land, zien de opera als symbool voor hun zaak; als monument voor het Belgisch unitair nationalisme.

Op internet vind je onder geluidsfragmenten van Amour sacré de la Patrie kreten als „Leve België!” of zelfs: „Leve de Bataafse Republiek. Leve de Verenigde Nederlanden.” Op Facebook is begin dit jaar een groep gestart ‘Opdat een voorstellingsmaker ‘La Muette de Portici’ weer opvoert’. Er zijn inmiddels 117 Franstalige leden, erg actief zijn ze overigens niet. Aanhangers van Vlaams separatisme zijn juist tegen de opera – zeker als deze in De Munt wordt opgevoerd.

De Muntschouwburg, hartje Brussel, heeft een bijzondere positie in België. Hij behoort met de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten tot het handjevol nog overgebleven nationale kunstinstellingen van het land. Alle andere worden gefinancierd door ofwel Vlaanderen, Wallonië of Brussel. De functie van directeur van de Munt, zei De Caluwe zelf bij zijn aantreden in 2007, is dé culturele positie van België. Dat maakt dat iedereen naar hem kijkt op het moment dat hij zo’n symbolische opera op het programma zet. De Caluwe: „Van Franstalige kant is de reactie: jullie durven het niet; aan Nederlandstalige kant wordt gezegd: probeer het niet.”

De Caluwe zegt zich terdege bewust te zijn van het historisch gewicht van de productie, die altijd de gemoederen zal opzwepen. Hij vindt dat hij als directeur van een federale instelling juist bruggenbouwer moet zijn en niet moet zorgen voor een scheiding der geesten. Pas als de politieke discussie minder verhit is, wil hij De Stomme in Brussel presenteren. „Als het in Parijs een interessante opera blijkt te zijn, vatbaar voor publiek van vandaag, zal ik daar zeker over nadenken.”

In Franstalig België is onbegrip voor het niet programmeren van De Stomme in Brussel. „Schandalige censuur”, luidt een reactie op internet. „We zouden naar het Muntplein moeten gaan om daar zelf een opname van La Muette de Portici te laten horen op hetzelfde moment dat ze straks in Parijs klinkt!” Directeur De Caluwe moet daar om lachen. „Wij wilden volgend jaar in Brussel een concertante uitvoering geven, om de renovatie van het Muntplein te vieren, maar de stad had er geen geld voor over. Heel bekrompen.” Een andere internetter concludeert: „Als men terugschrikt voor een uitvoering van de opera die heeft geleid tot het ontstaan van ons land, uit angst dat het degenen die België willen laten verdwijnen boos te maken, dan is dit land al verdwenen.”

De Franstalige krant La Libre Belgique reageert minder fel. „Natuurlijk kan noch de Munt, een federale instelling, noch zijn directeur – Vlaams maar verre van rabiaat en nationalistisch – zich afficheren als al te unitaristisch.” Alleen al het feit dat de opera in het Frans gezongen moet worden, merkt de krant fijntjes op, zou een politiek statement zijn. De Caluwe hoopt de opera rond 2014 in de Muntschouwburg te kunnen programmeren. „Politici moeten nu compromissen gaan sluiten”, vindt hij. Over twee jaar zou er dan toch een regering moeten zijn en zal De Stomme van Portici minder politiek beladen klinken. Tenminste, als België dan nog bestaat.

’La Muette de Portici’, 5 tot 15 april 2012, Opéra Comique, Place Boieldieu 1, Parijs. Inl: www.opera-comique.com

    • Birgit Donker