Oppositie dringt aan op helderheid - Rutte: onhandige som klopt

In een plenair debat (livestream) over de Europese schuldencrisis heeft oppositie nogmaals aangedrongen op volledige helderheid over de Europese schuldencrisis. Zo hamerde Alexander Pechtold, fractievoorzitter van D66, wederom op het belang van helderheid op de feiten.

“Er is een behoefte om te weten waar we aan toe zijn. Ik zeg tegen de premier: communiceer tijdig, maar ook eerlijk. Dus geen appels met peren vergelijken.”

Daarbij doelde Pechtold op de onduidelijkheid over het steunplan voor Griekenland dat blijft bestaan. Voorafgaand aan het debat stuurde De Jager een brief (pdf) naar de Kamer, waarin hij nogmaals uitlegt hoe het financiële steunpakket voor Griekenland in elkaar zit. De bijdrage van de EU-landen aan de redding van Griekenland bedraagt 109 miljard euro, tegen een bijdrage van de banken van 106 miljard.

Maar, schreef De Jager vanochtend in een aanvullende brief, het gaat hierbij om onvergelijkbare grootheden. Zo worden leningen en uitgaven (zoals het opkopen van oude schulden) bij elkaar opgeteld. Het zijn dus geen “vergelijkbare grootheden van kosten” voor overheden en banken, aldus De Jager.

En daardoor is het dus niet duidelijk of de publiek-private steun aan de Grieken gelijk op gaat, zoals Rutte heeft gezegd. Groenlinks-kamerlid Ineke van Gent:

“Het is dus niet fiftyfifty. Het zal eerder uitkomen op 70 tegen 30.”

‘Onhandige som klopt’

Op vragen van Roemer, of de som die Rutte na de Eurotop maakte onhandig of onjuist was, bleef Rutte volhouden dat de som klopte. “De som die ik heb gemaakt was niet de handigste som, maar hij klopte wel”, herhaalde Rutte voor de zoveelste maal. Hij kon Roemer er niet mee overtuigen:

“Dat was niet onhandig, het was gewoon een onjuiste rekensom van 50 miljard. Wees mans genoeg om te zeggen, daar hebben we ons in vergist.”

Roemer liet weten zich met zijn fractie te beraden op een motie van afkeuring.

Rutte: te vroeg voor begrotingsinstituut

De kamer vroeg ook om een kabinetsreactie op het voorstel van Frankrijk en Duitsland om een “economische regering” te vormen. Rutte liet daarop weten dat hij nog helemaal niet wil nadenken “over instituten en dergelijke”. Gisteren stelde Rutte al dat het nog te vroeg is om te praten over de komst van een begrotingsinstituut. De Europese afspraken die al zijn gemaakt moeten worden nageleefd en dat kan volgens hem het beste “met zoveel mogelijk automatisch opgelegde sancties.”

De PvdA en de SP zijn bang dat deze “automatische sancties”er voor zorgen dat Nederland soevereiniteit inlevert. Daarnaast is er volgens Roemer geen enkel draagvlak voor zo’n instituut. Ook GroenLinks heeft twijfels bij het plan. Het CDA en en D66 vinden de plannen van Sarkozy en Merkel prima. Pechtold noemde zo’n Europese autoriteit zelfs een ‘historische stap’ zijn.

Oppositie houdt PVV verantwoordelijk

In het debat werd Tony van Dijck (PVV) aangevallen op de gedoogsteun van zijn partij. De PVV is fel tegen “elke cent” aan Griekenland. “De Grieken worden nu rijkelijk beloond voor hun slechte gedrag”, stelde Van Dijck in de kamer. De gedoogpartij wordt door de oppositie echter wel verantwoordelijk gehouden voor het steunplan.

Zo stelde fractievoorzitter Roemer van de SP:

“Als de PVV haar macht om het kabinet ter verantwoording te roepen niet gebruikt, dan acht ik de partij medeverantwoordelijk voor het geven van geld aan de Grieken.”

Op vragen van Pechtold liet Van Dijck echter weten het kabinet niet ter verantwoording te roepen:

“Als wij dit circus niet overeind zouden houden, lopen we het risico dat iemand zoals u, meneer Pechtold, in vak K komt te zitten. En dan zijn we nog veel slechter af.”

Debat van gisteren stelde Kamer niet tevreden

Gisteren was er ook al een debat met de financieel specialisten. Daarbij maakte Rutte opnieuw zijn excuses voor de “verwarring” die is ontstaan over de presentatie van het Griekse steunplan. De toelichting op die cijfers van De Jager en Rutte konden de Kamer gisteren echter niet tevreden stellen.

Daarover zei Helma Neppérus (VVD) vanmiddag in de Tweede Kamer:

“Voor ons is het duidelijk wat het kabinet beoogt. Maar als een groot deel van de fracties toch weer een debat wil, werken we eraan mee. Maar we willen eigenlijk gewoon door.”