De PVV vindt steun bij links voor een kleinere rol koningin

De PVV dient een voorstel in om de rol van het staatshoofd in te perken.

Maar daar heeft de partij de hulp van de oppositiepartijen voor nodig.

„We zullen dit voorstel op de inhoud beoordelen.” Dat zeggen Kamerleden van partijen die in de Tweede Kamer normaal gesproken het liefst flinke afstand houden tot de Partij voor de Vrijheid (PVV) van Geert Wilders. En voor de duidelijkheid: de reactie is nu een keer positief bedoeld.

Gisteren deed de PVV een officiële uitnodiging de deur uit voor de presentatie van een initiatiefwetsvoorstel dat de rol van het koningshuis moet inperken. PVV-Kamerleden André Elissen en Lilian Helder presenteren op 1 september een voorstel over de modernisering van het koningshuis. De PVV is voor behoud van de monarchie, maar wil de politieke invloed van de koning inperken. „Wél een representatieve en symbolische rol, geen onderdeel van de regering”, schrijft de partij.

De PVV zal geen steun vinden bij coalitiepartijen CDA en VVD. Die voelen niets voor constitutionele veranderingen. D66, GroenLinks en SP zijn wél voor modernisering van het koningshuis. Vooral D66 en SP maken er al jaren een punt van. SP’er Ronald van Raak „is het van harte eens” met het standpunt dat het koningshuis alleen een ceremoniële rol moet spelen. Net als D66, de partij die in 2000 probeerde het staatshoofd uit de regering te krijgen. D66-Kamerlid Gerard Schouw: „Als wij op dit punt kunnen samenwerken met de PVV, dan zullen we dat niet laten.”

Al komt het voorstel straks van twee andere PVV’ers, partijleider Geert Wilders leidt het plan in. Sinds december 2007 is Wilders al hartgrondig van mening dat de formele rol van de koningin moet worden teruggedrongen. In haar kerstrede riep koningin Beatrix dat jaar op tot tolerantie en verdraagzaamheid. Die uitspraak betrok Wilders op zichzelf en hij gaf als reactie dat de koningin wat hem betreft „als een haas” uit de regering moet.

En in oktober vorig jaar kwam Wilders opnieuw met een aankondiging voor een voorstel. Ditmaal was de aanleiding de rol die koningin Beatrix in de kabinetsformatie speelde – Beatrix kreeg toen het verwijt dat ze zich in politiek vaarwater begaf. De koningin negeerde op een gegeven moment de wens van VVD, CDA en PVV om verder te onderhandelen over een rechts gedoogkabinet.

Gaat dit voorstel het redden? Er is in elk geval een Grondwetswijziging voor nodig. Dat betekent dat een meerderheid van de huidige Eerste en Tweede Kamer erachter moet staan én dat na volgende verkiezingen zelfs tweederde van beide Kamers moet instemmen. Met de huidige verhoudingen in de Tweede Kamer heeft de Partij van de Arbeid de cruciale stem, zelfs al voor een ‘simpele’ meerderheid. Juist van die partij is de opstelling nog onduidelijk. De PvdA is altijd voor inperking van de politieke macht van het koningshuis geweest. Maar of daar een Grondwetswijziging voor moet komen? Daarover buigt zich momenteel een werkgroep van de partij.

Op de rol die koningin Beatrix bij de laatste formatie speelde, hadden overigens meerdere partijen kritiek. D66 diende naar aanleiding daarvan al een beperkter wetsvoorstel in, dat alleen regelt dat het initiatief voor het aanwijzen van een (in)formateur voor kabinetsformaties bij de Tweede Kamer komt te liggen, in plaats van bij de koningin. De Kamer behandelt dit wetsontwerp in oktober. Een mooie proef om te kijken hoe het PVV-voorstel gaat vallen, zegt D66’er Schouw: „Want wie tegen ons voorstel is, is tegen de modernisering van het koningschap.”

    • Annemarie Kas