Vanwaar die verschillen?

Volgens Kuiper is er een neurologische verklaring voor. De hersenontwikkeling van jongens zou gemiddeld twee jaar achterlopen op die van meisjes, zei hij gisteren in dagblad Trouw. Inderdaad, zeggen neurowetenschappers, ontwikkelen jongenshersenen zich anders dan meisjeshersenen. Maar om nu te concluderen dat jongenshersenen debet zijn aan zwakkere leerprestaties, dat gaat Annemarie van Langen van het onderzoeksinstituut ITS in Nijmegen wat te ver. Volgens haar zijn de verschillen vooral het gevolg van groepsdruk en verwachtingspatronen. „Meisjes onderling mogen ijverig zijn. Maar onder jongens is de huidige trend ‘School is not cool’. Zo hoor je je tussen 12 en 16 jaar als jongen te gedragen. Zeker voor deze leeftijdsgroep is groepsdruk heel belangrijk.”

Onderwijssocioloog Dronkers noemt de nadruk die wordt gelegd op hersenontwikkeling „modernistische prietpraat”. Hij wijst erop dat meisjes veertig jaar geleden aan het einde van de basisschool slechter presteerden dan jongens. „Destijds was de verklaring dat hun hormonen rond die leeftijd opspeelden en ze alleen nog maar aan jongens konden denken.” Dronkers erkent dat jongens en meisjes zich verschillend ontwikkelen, maar het blijft volgens hem gissen naar precieze oorzaken.

De onderzoekers noemen ook ‘feminisering’ van het onderwijs als mogelijke verklaring. Met de toename van het aantal vrouwelijke docenten is er minder oog voor de talenten van jongens. Ook zou het nieuwe leren, gericht op zelfstandigheid, voor jongens minder gunstig zijn. Maar wetenschappelijk bewijs is er voor deze theorieën nooit gevonden, zegt onderzoeker Van Langen.