KNVB: 13 profclubs onder curatele

AGOVV en Roda JC hebben nog een half jaar de tijd om financieel orde op zaken stellen. Als deze twee clubs uit het betaald voetbal dan niet aan de voorwaarden van de licentiecommissie voldoen kan het voorbestaan in gevaar komen. AGOVV en Roda JC staan onder curatele van de voetbalbond en behoren net als elf andere clubs tot de zogenoemde categorie 1. Dat heeft de KNVB gisteren bekendgemaakt.

Haarlem en RBC zijn de afgelopen jaren de eerste twee slachtoffers geweest van het licentiesysteem dat in 2004 werd ingevoerd. Sindsdien hebben de clubs een licentie voor onbepaalde tijd, maar tussentijds dient wel te worden gerapporteerd in een frequentie die past bij de financiële situatie waarin die betreffende club zich op dat moment bevindt.

Clubs behouden alleen een licentie wanneer zij voldoen aan een pakket van financiële eisen. In de loop der jaren is het systeem steeds verder verfijnd waardoor clubs gedwongen worden hun huishouding op orde te hebben. Degenen die niet aan alle regels voldoen, komen in de zogenoemde categorie 1 terecht. Clubs hebben maximaal drie jaar de tijd om categorie 3 te verlaten. Voor AGOVV en Roda JC loopt die termijn in maart 2012 na negen meetmomenten af.

Van de dertien clubs die volgens de laatste gegevens van de KNVB onder verscherpt toezicht van de voetbalbond staan, spelen Excelsior, Feyenoord, NAC Breda, NEC en Roda JC in de Eredivisie. AGOVV, FC Den Bosch, FC Dordrecht, FC Emmen, Helmond Sport, SC Veendam, Willem II en FC Zwolle spelen een niveau lager.

Slechts vijf clubs hebben de zaakjes goed op orde. FC Twente is daarvan de enige in de Eredivisie. Go Ahead Eagles, MVV Maastricht, Telstar en FC Volendam blijven ook binnen budget. Opvallend is dat MVV vorig jaar nog failliet dreigde te gaan. VVV-Venlo behoorde in mei nog tot categorie 3, maar zakte naar categorie 2. Alle overige clubs, waaronder PSV en Ajax, zitten ook in de middelste categorie. Die categorie krijgt het predikaat voldoende.

Uit een enquête van deze krant bleek eerder dit jaar dat de gemeenten die plaatselijke profvoetbalclubs financieel bijstaan, in totaal voor ten minste een paar honderd miljoen euro risico liepen. Het risico van de gemeenten bestond uit investeringen in stadions, leningen tegen marktconforme rentes aan de club of aan de stadioneigenaar, of garantstellingen voor leningen bij banken of andere financiers. Sinds 2000 hebben elf gemeenten clubs voor bijna 30 miljoen euro schulden moeten kwijtschelden. Ook zijn in de afgelopen tien jaar garantstellingen een aantal keer aangesproken.