Strijd in FNV over pensioen verhardt

De strijd binnen de FNV over het nieuwe pensioenakkoord dreigt te verharden, nu de grootste van de negentien bonden binnen de vakcentrale, FNV Bondgenoten, het akkoord in een referendum heeft verworpen. Een grote meerderheid van 96,2 procent stemde tegen, zo maakte Bondgenoten (475.000 leden) vanochtend bekend. De opkomst was 22,7 procent.

„Dat in vakantietijd zoveel mensen hun stem laten horen is een heel duidelijk signaal”, zei Bondgenotenvoorzitter Henk van der Kolk tijdens een persconferentie. Ter vergelijking: de opkomst vorig jaar bij het FNV-brede referendum over een eerdere versie van het pensioenakkoord was 13,6 procent. Destijds was 80 procent voor.

Na een jaar moeizaam onderhandelen bereikten de vakcentrales, de werkgevers en minister Kamp (VVD, Sociale Zaken) twee maanden geleden een nieuw pensioenakkoord. De kern is dat werknemers langer moeten doorwerken en de pensioenenuitkeringen minder zeker worden, om de kosten van de vergrijzing en de stijgende levensverwachting te kunnen dekken. Bondgenoten is tegen het akkoord omdat bij tegenvallende beleggingsresultaten van pensioenfondsen het risico eenzijdig bij werknemers zou liggen.

De vakcentrale, die het akkoord met de andere sociale partners sloot, wilde eerst een FNV-breed referendum voor alle 1,4 miljoen leden. Bondgenoten besloot een eigen ledenraadpleging te houden en voerde de afgelopen weken een felle tegencampagne. Twee andere bonden, Bouw en Abvakabo, staan kritisch tegenover het akkoord. De Federatieraad van de vakcentrale neemt 12 september een definitief besluit.

‘Casinopensioen’: pagina 27