Tieners laten 'Eerste' van Mahler onweerstaanbaar juichen

JeugdOrkest Nederland o.l.v. Jurjen Hempel, m.m.v. Pieter Wispelwey. Gehoord 11/8 Concertgebouw Amsterdam ****

Een goed jeugdorkest herken je aan de tomeloze muzikale energie. Het JeugdOrkest Nederland is daarvan wellicht het beste bewijs. Deelnemers zijn doorgaans veertien tot twintig jaar oud, volgen soms een conservatorium(voor)opleiding maar stralen vooral een frisse onbevangenheid uit.

Aan chef-dirigent Jurjen Hempel om die energie in gerichte banen te leiden, hetgeen hij sinds 2000 streng maar enthousiasmerend doet. Na lange repetities en een tournee door Groot-Brittannië klonk donderdag in het Concertgebouw Rimsky-Korsakovs Capriccio Espagnol strak en gesmeerd. Concertmeester en harpisten toonden kittige uithalen, en de inzet beperkte zich niet tot de voorste lessenaars.

Veel somberder is Schelomo van Ernest Bloch, de peinzende koning Salomo indachtig („alles is ijdelheid”). Voor neerslachtigheid hadden orkest en cellist Pieter Wispelwey echter weinig geduld; orkestrale erupties werden gretig aangehaald, Wispelwey speelde lenig, opstandig en ongedurig.

Mahlers Eerste symfonie bleek toch nog lastige muziek, met name in het fragiele en moeilijk zuiver te krijgen openingsdeel. Het deerde weinig: ingetogen passages ontroerden, magische verstilling ging gretig over in parodistische boertigheid. In de finale liet Hempel zijn tienerorkest onweerstaanbaar juichen.