'Ik droom nu van een hoofdrol'

Sopraan Judith van Wanroij, vorig jaar winnaar van de Grachtenfestivalprijs, opent vanavond de nieuwe editie van het festival. „Ik hou van veel mensen om me heen.”

Sopraan Judith van Wanroij houdt van opera. „Ik ben niet het type voor liedrecitals: dan sta je daar alleen, weliswaar met een pianist, maar verder is het heel kaal en naakt.”

Ze heeft liever veel mensen om zich heen: „Wel zo gezellig. Bij een operaproductie heb je de orkestbak voor je neus, technici in de coulissen, mensen die je aankleden, koor, medezangers. Heerlijk.”

Van Wanroij (1974) won vorig jaar de Grachtenfestivalprijs. Vanavond zal ze met vier andere laureaten de nieuwe editie van het Grachtenfestival openen.

Hoe ze genomineerd werd, daar is ze zelf ook nieuwsgierig naar, vertelt ze na een repetitie in Amsterdam. „Hoe werken die dingen, geen idee, iemand heeft mij kennelijk aangedragen. Zoveel mogelijk mensen moesten vervolgens op mij stemmen.

„Ik stuurde e-mails naar oude buren in Groenlo, vriendinnen van de middelbare school, en kwam weer in contact met mensen die ik heel lang niet gesproken had. Dat was misschien het leukst aan de prijs, al verheug ik me natuurlijk ook op een optreden in de Hermitage in Sint Petersburg.”

Van Wanroij studeerde aanvankelijk notarieel recht en kreeg een kantoorbaan. Dat ze ook een kunstopleiding kon volgen kwam niet bij haar op. „Ik kende niemand die dat deed, zangeres worden was geen voor de hand liggende keuze. Van de studie rechten had ik genoten maar toen ik op kantoor zat dacht ik: oh nee! en maakte alsnog de overstap.”

‘Jouw stem is natuurlijk helemaal niet geschikt voor oude muziek’, kreeg ze op het conservatorium te horen. Ze nam het voor waar aan maar deed in Frankrijk toch auditie bij William Christie, goeroe van de vroege barok. De dirigent gaf haar een rol in een opera van Monteverdi, muziek die ze vervolgens ook zong bij De Nederlandse Opera.

„Er is zo ongelooflijk veel moois geschreven in die periode, er ging een wereld voor mij open”, vertelt ze. „De oude muziek vormt de basis voor wat we vandaag de dag horen in de popmuziek, waar ik trouwens ook dol op ben.”

Bij De Nederlandse Opera volgde meer ‘ouds’: Rameaus Castor et Pollux en de rol van Belinda in Dido and Aeneas van Purcell. Vervolgens zong ze Donna Elvira in Mozarts Don Giovanni.

„Donna Elvira was opeens een echt grote rol, heel spannend. Het werd goed ontvangen. Ik vond het zelf ook redelijk gaan, al luister ik het soms zuchtend terug. Je bent zelf je grootste criticus.”

Een hoofdrol als Susanna in Mozarts Le nozze di Figaro is een droomwens, maar Van Wanroij stelt zich niet als diva op. „Een hoofdrol kost veel kracht, en vergt een enorm zelfvertrouwen.”

In Gent zong de sopraan eens één van de Walküre-meisjes: „Heel prettig, want we deelden de schijnwerper met z’n allen. Het moet wel leuk blijven.”

Judith van Wanroij op het Grachtenfestival: vanavond Compagnietheater, 16/8 Amstel Hotel. www.grachtenfestival.nl